Spokanisch Archief

KLOOSTERORDES EN SEKTES
Gerelateerde bestanden
Godsdienst: ergynne en katholicisme
Ergynne-encyclopedie
Kloosters
 
 
Status: Per orde/sekte nog gegevens aanvullen.
 

Achter de naam van de orde staat het aantal geestelijken aangegeven. De aantallen zijn gebaseerd op de kloosters die opgenomen zijn in het bestand Kloosters (in werkelijkheid zijn er dus veel meer geestelijken).
Met "geestelijken" worden zowel monniken als nonnen bedoeld (de Ergynne kent "gemengde" kloosters; in de RK gaat het om "broeder- en zusterkloosters", samen op één terrein gelegen). Onder elke kloosternaam staat achter "m:" de naam van de monnik die tot de orde/sekte behoort, en achter "v:" de naam van de non. Tussen haakjes de Nederlandse vertalingen. In sommige gevallen ontbreekt een naam: in dat geval is de orde uitsluitend voor hetzij mannen hetzij vrouwen bestemd. Het meervoud van de mannelijke naam wordt gevormd door toevoeging van een s (atrokser--atroksers), van de vrouwelijke vorm door de eind-a in een ’ te veranderen (atroksera--atrokser’); als ook de vrouwelijke vorm een s krijgt, is dit aangegeven met: (mv=s), zoals bij: fentiyfina--fentiyfinas.

De afbeeldingen met een lila rand zijn afkomstig uit het boekje Kult ljōmge coventers ("Onze toegewijde kloosterlingen") van de jezuļet Justus Hurterg (uit 1954).

§ = ergynische orde
† = rooms-katholieke orde


  1. § Atrokse (136 monniken, 195 nonnen)
    m: atrokser (atroksiet); v: atroksera (atroksietes)

    Bloeitijd ca. 1760. De sekte is ontstaan door de aanhangers van de prediker Atrokās. Een extreem orthodoxe zijtak heet Liftkar-Atrokse (dit is geen aparte orde, maar eerder een eigen sekte binnen de bestaande orde, en is niet te verwarren met de Ÿrb’r-Atrokse).

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Atroks-covent: 34 (m)
    • Blotter-Avyro-covent: 73 (n)
    • Cafore-covent: 60 (n)
    • Hupster-Bergo-covent: 21 (m)
    • Lajate-covent: 17 (m)
    • Prānda-covent: 16 (m)
    • Raza-Rygt-covent: 15 (n)
    • Snūriyst-covent: 58 (m)
    • Tāftola-covent: 47 (n)

  2. § Bariylt (183 geestelijken)
    m: bariylter (bariyltaan); v: bariyltera (bariyltanes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Covent rifo Nutter-bladidos: 66
    • Gārder-covent: 84
    • Pelle-Hynše-covent: 33

  3. § Bariylt-Frina (22 geestelijken)
    m: bariylter furt Frina (Frina-bariyltaan); v: bariyltera furt Frina (Frina-bariyltanes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Uvory-covent: 22

  4. † Benedictino-wālka (44 monniken)
    m: benedictino (benedictijn); v: benedictina (mv=s) (benedictines)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Covent rifo ef Sinto-Vildul: 24 (m)
    • Sinto-Urba-covent: 20 (m)

  5. † Bernardino-wālka
    m: bernardino (bernardijn); v: bernardina (mv=s) (bernardines)

    Geen geestelijken van deze orde in Spokaniė

  6. § Bytseter-wālka (55 monniken)
    m: bytseter (bytsetijn); v: bytsetera (bytsetines)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Slofaro-covent: 55 (m)

  7. † Cārtuso-wālka (35 monniken)
    m: cārtuso (karthuizer); v: cārtusa (mv=s) (karthuizeres)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Quista-Mosjeus-covent: 14 (m)
    • Sinto-Andreus-covent: 21 (m)

  8. § Cendācer-wālka (12 nonnen, 48 geestelijken)
    m: cendācer (kendakker); v: cendācera (kendakster)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Pejo-ur-Pano-covent: 48
    • Vergent-covent: 12 (n)

  9. † Clarisa-wālka (10 nonnen)
    v: clarisa (claris)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Lopiy-Arānja-covent: 10 (n)

  10. † Dominicer-wālka (10 nonnen)
    v: dominicera (dominicanes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Kult-Zūps-covent: 10 (n)

  11. † Frānsisker-wālka (97 monniken, 22 nonnen)
    m: frānsisker (franciscaner); v: frānsiskera (franciscanes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Covent rifo Sinto-Ālbān: 19 (m)
    • Kasser-covent: 30 (m)
    • Pāntiyf-covent: 40 (m)
    • Tys-covent: 8 (m)
    • Zālbinasos-covent: 22 (n)

  12. § Hupster Kāmpaiyx ef Ququl (Grote Waarheidssekte)

    Ergynisch-filosofische sekte, in 1882 opgericht door de Teujaanse partes Idriyl Moėlehhe-Trifchost van Teujan. Hij hield er extreme religieuze en filosofische ideeėn op na, en werd door velen voor gek verklaard. Desondanks wist hij met zijn Grote Waarheidssekte (in het Pegrevisch ook bekend als Hupstre Kāmpaücs Qucel) veel aanhangers te trekken. Het in cultureel, politiek en religieus opzicht toch al afwijkende Teujan dreigde zich door deze sekte geheel van de rest van het toenmalige koninkrijk Pegreviė te isoleren. Toen Pegreviė, en dus ook Teujan, in 1894 bij Spokaniė werd ingelijfd en de meer centralistisch ingestelde Spokanische regering een sterkere greep op Teujan kreeg, boette de sekte aan invloed in. Na Idriyl Moėlehhes dood (1920) leek het erop dat zijn sekte geheel in het niets zou oplossen. Omstreeks 1940 bloeide zij weer op, onder meer door de oorlogssituatie in de rest van Europa, die ook veel Spokaniėrs niet onberoerd liet, waardoor velen een strohalm zochten in het geloof. Tegenwoordig is de sekte meer politiek georiėnteerd en streeft naar een onafhankelijk Pegreviė, en eventueel naar een onafhankelijk Teujan. De sekte onderhoudt dan ook nauwe banden met de nationalistische beweging die zich Culturele Raad van Pegreviė noemt. Lees ook de tekst .

  13. † Jesuitiy-wālka (97 monniken)
    m: jesuitiy (jezuļet)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Bazerha-covent: 40 (m)
    • Covent rifo Sinto-Petriy: 22 (m)
    • Giynatt-ketter-covent: 12 (m)
    • Sinto-Vikter-covent: 23 (m)

  14. † Kārmeliter-wālka (12 nonnen)
    m: kārmeliter (karmeliet); v: kārmelitera (karmelietes)

    In Spokaniė is er één klooster van deze orde, meer specifiek van de ongeschoeide karmelietessen (nelāmustor kārmeliter’), en wel het klooster op het eilandje Fōlshynne. (DOM 159)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Teresa rifo Įvila-covent (12) (n)

  15. † Kinusall (?? monniken, ?? nonnen)
    m: kinusaler (kinusaal); v: kinusalera (kinusales)

    RK orde uit Tjemp met enkele Ergynne-beginselen, zoals respect voor de individu, verering van de natuur en de moeder-kind-relatie en ondergeschikt belang van het huwelijk. Een priester van deze orde wordt Kinusall genoemd; zulke priesters leiden dikwijls Ergynische rituelen in een Ergynne-kerk.

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • (geen kloosters op de deelkaarten aangegeven)

    Ook elders in Spokaniė, zoals op het eiland Tigof, vinden we Kinusall-monniken. Hier een monnik in "zomerdracht" in Tsjech: blote armen, blootshoofds, maar wel met de stok over de schouder waaraan de knapzak hangt. Hierin geen eten en drinken, maar de bijbel en de pōndo, een persoonlijk gekozen en gekoesterd voorwerp of relikwie - een typisch ergynisch begrip maar geļntegreerd in het rooms-katholieke geloof.  

  16. § Kleter-Bariylt (34 geestelijken)
    m: kleter-bariylter (nieuw-bariyltaan); v: kleter-bariyltera (nieuw-bariyltanes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Nes-covent: 34

  17. § Koronalister-wālka (160 geestelijken)
    m: koronalister (coronalist); v: koronalistera (coronaliste)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Koronalista-covent: 160

  18. § Mindakaser-wālka (10 nonnen)
    v: mindakasera (roodkleedzuster)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Nalataris-covent: 10 (n)

  19. † Nōrbertino-wālka (33 monniken)
    m: nōrbertino (norbertijn); v: nōrbertina (mv=s) (norbertijnes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Valdez-covent: 33 (m)

  20. § Ošerhynner (59 nonnen)
    v: ošerhynna (mv=s) (oderhyner)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Ošerhynne-covent: 59 (n)

  21. § Pelresa (230 monniken, 300 nonnen)
    m: pelresater (pelresijn); v: pelresatera (pelresines)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Axer-covent: 21 (m)
    • Berch-Pōly-covent: 25 (n)
    • Creaviy-covent: 22 (m)
    • Cōgt-covent: 17 (n)
    • Covent rifo Ārmyll: 12 (m)
    • Falessa-covent: 66 (n)
    • Jannen-covent: 34 (m)
    • Nāmpa-covent: 23 (m)
    • Ōftiy-covent: 20 (n)
    • Pārfās-covent: 110 (m)
    • Qurharrt-covent: 46 (n)
    • Reeše-covent: 96 (n)
    • Tiyndagge-covent: 30 (n)
    • Z’ršiy-covent: 30 (m)

  22. † Pleeba (65 monniken, 202 nonnen, 92 geestelijken)
    m: pleebaner (pleebaniet); v: pleebanera (pleebanietes)

    RK orde, waarvan de monniken en nonnen overdag moeten bedelen; alleen na zonsondergang is een onderdak toegestaan; gesticht in 1584. Pleebanietenkloosters hebben veelal een "hemel-atrium" (avyro-atrym), ofwel een ommuurde ruimte, dikwijls ook met vensters, maar zonder dak. Hier kunnen de kloosterlingen vertoeven zolang het nog licht is. (DOM 75)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Clara-covent: 28 (m)
    • Covent rifo ef Sinto-Cubu: 35 (n)
    • Duji-covent: 58 (n)
    • Ialefer-covent: 47 (m)
    • Jerusalym-covent: 53 (n)
    • Keeėr-covent: 48
    • Leljahove-covent: 6 (n)
    • Sinto-Nicels-covent: 50 (n)
    • Sinto-Sebāl-covent: 44

  23. § Sinto-Fentiyf-wālka (120 geestelijken)
    m: fentiyfino (fentiyfijn); v: fentiyfina (mv=s) (fentiyfines)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Fentiy-covent: 120

  24. † Sinto-Johanna-wālka (47 nonnen)
    v: johanina (mv=s) (johanina)

    (Orde van de Heilige Johanna) Strenge RK orde; in 1666 gesticht door de doofstomme vissersdochter Diynta uit Kemp. De nonnen laten zich elke maand, als zij ongesteld zijn, 3 dagen in een bidcel opsluiten. De Babylonische spraakverwarring, en dus het bestaan van de duizenden talen op de wereld wordt beschouwd als een straf van God; het hoogste dat de mens kan bereiken is communicatie zonder taal, en Diynta met haar "handicap" wordt daarom als voorbeeld gesteld; de nonnen communiceren in gebarentaal, en lezen ook een Bijbel die in gebarentaal getekend is; dat de moderne taalwetenschap gebarentaal als een volwaardige taal beschouwt, gaat aan de nonnen voorbij: voor hen heeft het communiceren met gebaren niets te maken met "taal" zoals God dat als straf aan de mens gegeven heeft. Er is tegenwoordig nog 1 klooster, in het centrum van Tul’nn. Het voormalige klooster in Plercō is in 1951 verbouwd tot een muziekschool, en het klooster bij Fexa is tot ruļne vervallen.
    De nonnen dragen een habijt van bruin/grijs geblokte stof. Dit is een compromis waarvoor gekozen is na een conflict (omstreeks 1680) tussen enkele kloosters die het niet eens konden worden of de nonnen gekleed moesten gaan in het grijs of in het bruin.

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Sinto-Johanna-covent: 47 (n)

  25. † Sisteršenso-wālka (101 nonnen)
    m: sisteršenso (cisterciėnser); v: sisteršensa (mv=s) (cisterciėnster)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Eerdiō-covent: 68 (n)
    • Sinto-Māgdalena-covent: 33 (n)

  26. § Tirajer-wālka (25 nonnen)
    v: tirajera (tirajes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Rōgtiy-ef-Tira-covent: 25 (n)

  27. § Unitino-wālka (16 monniken)
    m: unitino (unitijn)

    Ergynische orde met sterke RK invloeden. Gesticht in 1733, in het Pechiyla-klooster te Kles. Dit is echter het enige Unitijner klooster in Spokaniė gebleven. De Unitijner monniken gebruiken uitsluitend het Latijn, zowel in de liturgie als in de omgangstaal. Dank zij deze geestelijken is de Ergemip in het Latijn vertaald. De bloeitijd van de orde was omstreeks 1780, met ruim 100 monniken. Daarna begon de achteruitgang, en tegenwoordig zijn er nog 16 monniken; zij wonen in het oorspronkelijke kloostercomplex, maar het grootste deel ervan is verhuurd aan een reclamebureau.

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Pechiyla-covent: 16 (m)

  28. † Ursulina-wālka (209 nonnen)
    v: ursulina (mv=s) (ursuline)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Sinto-Mariy-Rovret-covent: 66 (n)
    • Sinto-Orana-covent: 103 (n)
    • Sinto-Sebāsten-covent: 44 (n)

  29. § Wālka rifo ef Trempers (154 monniken, 37 geestelijken)
    m: tremper rifo Erget (tremper); v: trempera rifo Erget (tremperin)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Afināf-covent: 121 (m)
    • Br’ro-covent: 80
    • Kvoza-covent: 25 (m)
    • Xlaherpsa-poiros-covent: 8 (m)

  30. § Ÿrb’r-Atrokse (21 monniken)
    m: ’rb’r-atrokser (streng-atroksiet, orthodox-atroksiet); v: ’rb’r-atroksera (streng-atroksietes, orthodox-atroksietes)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Meer-covent: 21 (m)

  31. § Ÿrtōlle

    Ergynne-sekte, onder leiding van Uteer Chafe; vertrok in ?? naar de Verenigde Staten en vestigde zich op de plek waar nu de stad Spokane ligt (staat Washington); hier is de naam verbasterd tot "Ertoul"; de sekte gelooft o.m. dat de vulkaanuitbarsting die ca.6000 jaar geleden de eilanden Tigof en Lomky van elkaar scheidde een straf van Erget is.

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • (geen kloosters op de deelkaarten aangegeven)

  32. § Zeruzzer-wālka (34 geestelijken)
    m: zeruzzer (zeruzijn, genotsvolger); v: zeruzzera (zeruzijnes, genotsvolgster)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Zeruzze-painer-covent: 34

  33. § Zutter-Pelresa (9 nonnen)
    m: zutter-pelresater (zuid-pelresijn); v: zutter-pelresatera (zuid-pelresines)

    Aantal geestelijken van deze orde per klooster:

    • Pr’nc-covent: 9 (n)

© De Twee Hanen v.o.f. • Kimswerd • The Netherlands

DA 00 • SPARC 11 aug 2000

naam van orde/sekte - DICTIO {N} - 27.03.06