-
Clopiy Âlbalev (1937 [Hirdo]-....)
(1992)
| Romanschrijver. Critische observatie van de verhouding mens-maatschappij.
Hoofdthema is de mens als slachtoffer van de moderne maatschappij. Â. is een
pseudoniem van Clopiy Jâlba Holiy-Lafayette. Dat deze beroemde auteur zijn
adellijke afkomst verloochent door zijn dubbele achternaam niet te gebruiken,
wordt hem in adellijke kringen zeer kwalijk genomen. Zijn roman
Gerte Côlmann is in 1967 bekroond met de Nationale Proza-prijs. In 1975
verscheen Côlmannex ef tokuramosÿ ("Côlmanns nalatenschap"), een
vervolg op Gerte Colmann, dat veel minder succes oogstte. Â. heeft
verder vele essays gepubliceerd in het tijdschrift Ef Zutter Littekipt
("De Donkere Vuurtoren").
|
RO-1965: Ef ecronaror hyliy (De gekroonde ladder)
RO-1967: Gerte Côlmann
RO-1970: Eft glaza sért (Een glazen huis)
RO-1975: Côlmannex ef tokuramosÿ (Côlmanns nalatenschap)
RO-1999: Tunbasz ber Zest (Modderpoelen in Zest)
-
Mariy Alvarez* (1930-....)
| Sociologe en schrijfster. Vooral bekend om haar kennis van de etiquette, en haar boek Quista Ocÿrma-Lyd'mip ("Handboek voor goed Gedrag"; Hirdo 1961). Zie ook Ef Salonn.
(Ef Salonn, 1971)
|
PR-1961: Quista Ocÿrma-Lyd'mip (Handboek voor goed Gedrag) (Hirdo)
-
Clara Bohemienn* (1912-1976)
Kunsthistorica; schrijfster van vele boeken over kunst(geschiedenis).
KU-1954: Kûra-analyss ur Definiere-metoðiys (Kunstanalyse en definitiemethodes)
-
Jânes Bûlfer (....-....)
Dichter. (RO-HIRDO.DOM)
-
Jân Camyra (1929-1980)
| Schrijver. Zijn werk wordt wel tot het genre van de Smeulende-haardliteratuur gerekend, hoewel hijzelf nooit zo gecharmeerd was van die term. "Een smeulend vuur? Dat klinkt nogal slaapverwekkend en slapjes. Gooi er eerst maar 's een scheut benzine op, dan komt het meer in de buurt van mijn werk", is een geliefd citaat uit de mond van Camyra. Zie ook Ef Salonn. Het laatste werk van Camyra, de verhalenbundel Ef Salonn, bevat veel referenties naar de tijd dat hij De Salon frequenteerde. Helaas is dit werk onvoltooid gebleven, want de auteur overleed in 1980 geheel onverwacht. Er waren 14 verhalen gereed, maar de uitgever hield rekening met zeker nóg 10 verhalen. (NENO.DOM)
VB-1980: Ef Salonn (De Salon) (Hirdo: Maliyster Cats).
(Ef Salonn, 1971)
|
-
Herneg Cloma-Ryff (1921 [Hirdo]-1991 [Madrid])
Bekend toneelschrijver en regisseur. Had zijn doorbraak in 1960 met
het drama Ef Ojel ("De Uil").
TO-1960: Ef Ojel (De Uil)
DB-1973: Ef vilduls nute (De bomen luisteren)
-
Glopiy Côhale (1926-1980)
| Bekend toneelschrijver. Kreeg in 1971 de Toneelprijs voor zijn abstracte drama Miskof-tof ("Nacht-dag"). Zie ook Ef Salonn.
Links: Glopiy Côhale
Rechts: Mariy Alvarez (Ef Salonn, 1971)
|
TO-1971: Miskof-tof (Nacht-dag)
-
Peoll Côlmann (1950 [Hirdo]-....)
Schrijver; redacteur van Litra; columnist in de Kleter Hirdoegg. (DOM 18)
-
Sypa Cor (1810-1877)
| Schrijver en taalkundige. Aanhanger van de Conityje-koles
("Conityjaanse School"), een schrijversrichting die bekend staat om de lange volzinnen.
(1876)
|
RO-1873: Ef Ulljevatjen (De Indringer)
-
Hara Crânza* (1955-....)
Schrijfster van korte verhalen en enkele toneelstukken. (ASJETTO.DOM)
-
John Croydon (1671? [Bath]-1750?)
Engelsman, schreef in 1712/13 The Journal of a Spocanian Survey, een van de oudste reisverslagen over Spokanië (een exemplaar van de 2e druk wordt in de Universiteitsbibliotheek van Amahagge bewaard)..
Zie ook Yqufjen-Kerfewiynne.
-
Hesta Ðulû-Morris* (1923 [Amahagge]-....)
| Populair schrijfster van historische romans; velen beschouwen haar werk als erg kitscherig. Zie ook Ef Salonn.
Links: Mariy Alvarez
Rechts: Hesta Ðulû-Morris (Ef Salonn, 1971)
|
HR-1952: Ef fest sail (Het vaste zeil)
HR-1961: Ef môjôls gre (De molens draaien)
HR-1980: Blef ef tex (Achter de dijk)
-
Bochôc Fâga (1835-1901)
Schrijver uit de Conityje-Koles ("Conityjaanse School"). Zie
Ârmyll. (DOM 94/137/212)
RO-1876: Ef gôl vildul (De kale boom) (Blort: Râpip)
HR-1880: Liftollus rafane (Grootvader vertelt)
SV-1883: Zampôr-zeffôsta ur rafanor cofðiys (Volksverhalen en vertelde sprookjes) (Blort: Dika Kabi)
-
Rinâs Fâs (1910 [Hoggebim]-1992 [Gÿrô])
Zeer productief romanschrijver.
RO-1959: Eft frokabeeiy revusos (Een halsstarrige weigering)
RO-1962: Eft meldos ber Rom (Een verblijf in Rome)
RO-1973: Uokkelira mÿrts (Rokende schoorstenen)
RO-1978: Crena Males-Qurten
RO-1983: Kerkts (Geiten) (Hoggebim: Heldrec & Delst TC)
RO-1985: Mitréje (Bokken (Hoggebim: Heldrec & Delst TC)
-
Costeliy Firos-Debando* (1958-....)
Schrijfster van kookboeken. (DOM 212)
PR-1992: Eft kleter tjonde-vrôk (Een nieuwe manier van koken) (Gralkrich: Vliyteram)
-
Ôrs Freegh-Oten (1940-....)
Genoot kortstondig bekendheid als schrijver, en werkt sinds ca.1975 als
ambtenaar op een ministerie in Hirdo.
RO-1967: Kult Hâlâfers (Onze Gekken)
-
Leffy Gindiroh (1921 [Tunbas]-2005 [Otreff])
Bekend dichter, toneelspeler en toneelschrijver; kreeg de Culturele prijs van
Hirdo voor zijn boek Kult šark zefae ("Ons land is diep", 1983). Zie
ook Halôk & Murre.
Werd op 2 juni 2005 dood achter zijn computer in zijn atelier gevonden. Hij werkte de laatste jaren in een houten chalet aan de rand van het gehucht Otreff, op de Egpeeff-vlakte, met een weids uitzicht over het "niets" zoals hij het zelf omschreef.
TO-1983: Halôk ur Murre
RO-1983: Kult šark zefae (Ons land is diep)
-
Pôðil Gyll (1598 [Ozaneto a/e Prek]-1623)
Shakespeariaans toneelschrijver; sommig werk lijkt eerder een parodie op
Shakespeare, zoals Kolofâ-kâslecc ("Winternachtmerrie", 1620); zijn
geboortehuis is tegenwoordig een museumpje
(Gyll-seert in Ozaneto a/e Prek).
TO-1618: Julys Cesâr
TO-1620: Kolofâ-kâslecc (Winternachtmerrie)
-
Leffy Gyndiroh (1831-1905)
Schrijver van het muziekdrama Veldurs arvendo ("Mensen gingen voorbij",
1873; gebaseerd op de Sage van Moffain en Lerdu) en de liederencyclus Zurt-messer ("Zandloper", 1890).
MD-1873: Veldurs arvendo (Er gingen mensen voorbij)
LC-1890: Zurt-messer (Zandloper)
-
Hypolyty Gynÿnn (1922 [Minde]-maart 1998 [Tosiy of Reven-Paille??])
Lyrisch dichter en schrijver; zijn klassieke taalgebruik werd tot halverwege
de jaren 80 erg gewaardeerd. Na zijn plotselinge dood is hij weer erg
populair geworden, en zijn boeken verkopen weer goed. (DOM 156)<
RO-1952: Ilderrt melde plâks (Ilderrt is verweg)
RO-1955: Ef yfloniner rifo ef lemt-zalas (De juwelier van de wierookzaal)
DB-1955/62: Verestelira vârnôsta (Juichende waarschuwingen)
RO-1961: Eft nute-stâgos (Een hoorspel)
RO-1972: Mecrequliyn bârjerrs (Smeedijzeren barrières)
-
Cala Hecâne Gyrrt-Nôkaso* (1911 [Conityje]-1989 [Liyrotyka])
(1985)
| Actrice en schrijfster van boeken en toneelstukken; bekendste boek: Kult
feldariy ("Onze kast", 1947) waarin ze zeer openhartig over haar jeugd
vertelt en ze haar ouders (uit een heerszuchtig adellijk geslacht) presenteert
als twee drankzuchtige, op sex beluste, feestnummers; tot aan haar dood had ze
een veelgelezen column in Bôrâ-tÿden, waarin ze het privéleven van bekende
Spokaniërs niet spaarde; haar politiek conservativisme laat zich niet goed
rijmen met haar progressieve ideeën in maatschappelijk en sociaal opzicht; zij
was daarom in voortdurend conflict met haar familie en de behoudende
instanties, wat aardige stof voor columns en artikeltjes opleverde. Ze was
haar hele leven actief lid van de I.I..
|
AU-1947: Kult feldariy (Onze kast)
-
Moffain Heen (1922-1986)
Historicus en toneelschrijver. Hij heeft zijn hele leven gewerkt op het
Historisch Instituut in Hirdo. Hier is hij als loopjongen begonnen, en heeft
hij zich als autodidact opgewerkt tot een volwaardige geleerde die na zijn
eredoctoraat in 1961 benoemd werd als directeur van het Instituut. In zijn
vrije tijd schreef hij toneelstukken die echter nooit een groot succes werden.
Alleen het stuk "Het Vissersdorp" uit 1971 gooide hoge ogen. Echter, tot zijn
dood toe heeft H. geklaagd dat er nooit een jonge jongen te vinden was die de
rol van de vissersjongen Kôn perfect kon spelen. H. heeft niet meer mee mogen
maken dat deze perfecte acteur uiteindelijk in de persoon van
Justes Left-Taris werd gevonden.
-
Vlaölos Hhaënt (1936 [Lor]-....)
Pegrevisch schrijver. Strijdt voor de erkenning van het Pegrevisch en wil
beslist niet dat zijn boeken naar het Spokaans vertaald worden. In de
Spokanische literaire wereld wordt hierop gereageerd met de opmerking dat zijn
boeken zo matig zijn dat ze het niet eens waard zijn om in het mooie, rijke
Spokaans te vertalen.
-
Cârle Ierquf-Vjola (1873-1917)
Schrijver van sprookjes en kinderboeken.
-
Basyll Irjen (1880-1971)
Beroemd schrijver van kinderboeken; bekendste werk: Ef Efanty-wuma
("het Kinderwoud", 1922) met de onafscheidelijke schoolvriendjes Moffain en
Lerdu; dit boek wordt nog steeds door elk Spokanisch kind gelezen.
KB-1922: Ef Efanty-wuma (Het Kinderwoud)
KB-1944: Hâldrecs ur halfâmpiyyas (Bruilofts- en feestpasteien)
-
Ronesa Itârzatreef (1924-1997)
Bekend politiek georiënteerd schrijver; publiceert o.a. in Jolaiy; stichtte in
1962 een anarchistisch georiënteerde woongemeenschap (Zutterkents-1).
PO-1966: Âme Opper ur Wefot di meldu Lurgiy (Als Oost en West in het Midden zullen liggen)
-
Moffain Jabâr (1794-1859)
Toneelschrijver; zijn bekendste werk is de trilogie Vlaytros I, II en
III ("het Verschuldigde", 1821-1826), drie toneeldrama's over de
verloedering en ondergang van een rijk koopmansgeslacht.
TO-1821/26: Vlaytros I-II-III (het Verschuldigde)
-
Clopiy Jâlba Holiy-Lafayette
Werkelijke naam van de beroemde schrijver Clopiy Âlbalev.
-
Merlen Jeers (1929-....)
Romanschrijver.
RO-1976: Maquijâlos (Roofmoord)
-
Ârmyll Jelafoiy-Reâmehhe (1935 [Ibesto-Horo]-....)
| Een van de beroemdste moderne schrijvers in Spokanië; woont in Sa Crono; in ouder werk is zijn stijl zeer grillig: lange ingetogen passages wisselen abrupt af met gezwollen volzinnen vol woordspelingen en redundante decoratie; zijn latere werk is veel evenwichtiger, en volgens sommigen daarom ook saaier. Zie ook Ef Salonn.
Ârmyll Jelafoiy-Reâmehhe buigt zich over de schrijfster Hesta Ðulû-Morris (links) en de taalkundige Olyna Florez (rechts).
(Ef Salonn, 1971)
|
RO-1973: Ylsa (Honing) (Hoggebim: Edver Eemere)
RO-1974: Cÿrpep ur Petroleem (Peper en Petroleum) (Hoggebim: Edver Eemere)
RO-1980: Eft net-quiyralôg mutašo (Een onaanvaardbare mutatie)
RO-1984: Ef ororor ecron (De afgezaagde kroon)
RO-1990: Mitos (Motten/Huur woordspeling)
RO-1995: Ef Kanol (Het Kanaal)
RO-1997: Ef Plâkomÿ (De Tunnel)
-
Dorteje Jertek* (1941 [Filiapia]-....)
Romanschrijfster; meest verkochte boek: Ef câðy-prest ("De
kroeg-directeur",1979) over een kroegbaas die met zijn arrogantie en
bemoeizucht het leven in een heel dorp beheerst; hoewel dit boek ergens in
Pegrevië speelt, is het toch autobiografisch te noemen.
RO-1979: Ef câðy-prest (De kroeg-directeur) (Gralkrich: Vliyteram)
-
Megt Kalis-Fandare (1725 [Hirdo]-1810 [Blort])
Schrijver van boertige toneelstukken en dichter van "gewaagde" gedichten met
veel toespelingen op sex en drank; grote beroering wekte zijn dichtwerk
Ef Poiros fes ef Raiys ("Het Leven in de Boomtoppen", 1800) waarin
volksbuurten met kronkelige straatjes en schreeuwende vrouwen worden
vergeleken met boomkruinen vol kronkelige takken en kwetterende vogels; sex,
verkrachtingen en drank zijn de drie zaken die het leven in de volksbuurt
bepalen.
DW-1800: Ef Poiros fes ef Raiys (Het Leven in de Boomtoppen) (Blort: Dika Kabi)
-
Neemt Kerfewiynne (1690 [Lammafin]-1765 [Lammafin])
Schrijver van dâxa's met 12 coupletten en van Hyra Liskos; heeft altijd in
Hirdo gewoond; broer van Pôlfer Kerfewiynne. (DOM 93/94)
MD-1712: Hyra Liskos
GD-ca.1750: Ef blusôn tasse pip (De bloesem valt reeds)
MD-1765: Dufjaex ef Giyrt (De Arrestatie van de Duivel)
-
Flore Kitianos-Portâe (1949-....)
Publicist/schrijver. (DOM 185/212)
PP-1995: Zjut-âlbos (Rarebouw) (Hirdo: Ef Bax)
-
Fietrich Krap (1938-....)
Schrijver van humoristische toneelstukken.
TO-1966: Falja Kômba
TO-1970: Derjiy ón dena miyna-câne (Zonde voor die theepot)
-
Ung Krodur-Frecÿr (1931 [Zest]-....)
Schrijver. Zijn populairste boek is Pakriy naleemiy ("Kwetsbaar grondgebied", 1973),
een verzameling volksvertellingen van het eiland Tigof, die hij op zijn eigen originele
manier heeft bewerkt. Sinds 1991 staat er in het centrum van Zest een beeld van de kunstenares Irtava Pofâ, dat de auteur moet voorstellen. (NENO.DOM)
SV-1973: Pakriy naleemiy (Kwetsbaar grondgebied) (Zest: Literariy Instituša),
waarin het verhaal Ef koffon mosjeus chaquinde (De dode vrouw spreekt).
-
Lenne Ladi (1951-....)
Schrijver; werd plotseling bekend met zijn debuutroman Wâveta nunas
("Verwijfde nonnen", 1985), waar hij in 1987 de Cultuurprijs van Amahagge voor
ontving.
RO-1985: Wâveta nunas (Verwijfde nonnen) (Amahagge: Vliyteram)
VE-1996: Ef Hydy-kettos (Het Hydy-geschenk)
-
Petriy Laëhhe (1947 [Trofy]-....)
Taalkundige; meer bekend als toneel- en tekstschrijver (vrnl. voor cabaret);
verwerkt veel Zuid-Spokaanse elementen in zijn teksten, en door zijn invloed
is het Cheetuc-woord suchetader (uit Spaans sujetador) voor
"bustehouder" in het standaard-Spokaans een populair spreektaalwoord geworden
(officiële woord is briqu-munk).
-
Helmut Laider (ca.1860-1915 of 1916)
Duitse Spokanië-kenner. Werkte tussen 1910 en 1913 als historicus op de
Universiteit van Amahagge. Trok in 1914 naar het front in Noord-Frankrijk,
alwaar hij in 1915 of 1916 sneuvelde. Zijn Spokanische collega's hebben
het hem hoogst kwalijk genomen dat hij zijn wetenschappelijke loopbaan
in Spokanië opgaf om voor de Duitsers te gaan vechten. (DOM 212)
KU-1912: Grabsteine und Grabhügel in Spokanien (Magdeburg: Brocken Verlag)
-
Ârmyll Laji-Qurharrt (1947 [Lift]-....)
| Schilder en schrijver; studeerde tot 1977 aan de Kunstacademie van Amahagge.
Ârmyll Laji-Qurharrt
Links: Ârmyll als peuter met zijn moeder (ca.1950); rechts: op een camping aan de Zverosta-kust (ca.1970).
|
RO-1976: Tÿrt (Terug)
-
Jân Lajjeve (1950-1992)
Schrijver van Science Fiction boeken en dito stripverhalen.
-
Mânes Lârden-Šapiy (1935 [Treek]-....)
Schrijver en dichter; veel van zijn gedichten zijn gebaseerd op verhalen uit
de Ergemip; terwijl zijn verhalen dikwijls uitwerkingen zijn van oude
ballades.
SV-1968: Clajotelira Werty (Bloeiende Overlevering)
GD-1970: Ef quÿelira yvôp (De wachtende linde)
-
Beja Leaner* (1903-1977)
Schrijfster. Haar verhalen die zich veelal in een sprookjeswereld afspelen, worden tot het genre van de Smeulende-haardliteratuur gerekend. (NENO.DOM)
Lompo Pompko
Pseudoniem van de toneelschrijver
Moffain Mofainaler-Rifo Lift.
-
Henÿ Lyn-Cherf* (1942 [Has-belt]-....)
(ca.1978)
| Schrijfster en dichteres; in de jaren '70 was zij zeer politiek georiënteerd en ontpopte zich als de "eerste feministe in Spokanië". Haar politieke gedichten, begeleid door sterke gitaarmuziek, zijn opzwepend en naderen het hysterische. Daarentegen zijn haar sonnetten van een klankrijkdom en cadans zoals nog zelden in Spokanische poëzie gehoord. L.-C. wordt sinds 1978 door zeer koningsgezinde Spokaniërs verguisd omdat zij op een receptie Prins Lerdu Geeneg-Hubert (een broer van de Koningin) een draai om de oren gegeven zou hebben. Sinds 1988 is ze directrice van het makelaarskantoor Lyn-Cherf & Ozzûpiyle-Bâljer te Trendon en treedt ze nog zelden op. Ze kwam in 1993 nog even in het nieuws toen bekend werd dat Prins Geeneg Hubert haar op het makelaarskantoor had bezocht om te informeren naar de prijs van een oud landhuis aan de rand van Trendon. De Prins heeft dit huis inderdaad van haar gekocht.
|
RO-1970: Kost Taris (Mijn Toren)
-
Merlen Mâhhe (1935-....)
Schrijver van kookboeken en culinaire artikelen. Zijn bestseller, het
kookboek Ef Krodurmip uit 1969, was in 1995 al aan zijn 20e druk
toe.
PR-1969: Ef Krodurmip (Het Bakboek)
-
Moffain Mofainaler-Rifo Lift (....-....)
Toneelschrijver, meer bekend onder het pseudoniem Lompo Pompko. Bekend stuk:
"Het Misverstand".
TO-1971: Ef Taobléskros (Het Misverstand)
-
Hirdostenn Myna (1760-1825)
Schrijver; kleinzoon van Hirdostenn Âlmer.
-
Eltu Lezo Names-Pofâ (1903 [Lassos]-1974 [Milbo])
Bekendste dichter van Brÿr. Heeft zich altijd afgezet tegen de Pegrevische taal, en beweerde dichter geworden te zijn om de schoonheid van het Standaard-Spokaans te bewijzen. Had een hekel aan zijn dubbele voornaam en gebruikte daarom altijd de initialen E.L.
-
Wesi Neeðe (1851 [Pacelane]-1922 [Hildi])
Toneelschrijver. Zijn streng katholieke opvattingen vormen een
regelmatig terugkerend thema in zijn werk. De twee dichtregels
op zijn graf worden toegeschreven aan Lofjec Quûzzt, en kunnen we na Neeðes
dood op vele grafstenen vinden. Het is wellicht het meest populaire
grafschrift in Spokanië.
TO-1910: Ef Roza-'nins (De Rozenmeisjes)
DB-1912: Mondô-ialef (Herfstoogst) (hierin: Ef korda-kâler) (Milbo: Promiy Mimpits)
TO-1917: Merater Snÿpert (Meneer Snÿpert)
-
Botriy Nerja (ca.1690-1741)
Geschiedschrijver in 1722. (FLAP.DOM)
-
Klachet Nestafie-Ûffen (1716-1774)
Ergynne-filosoof en schrijver van cara's; stichtte de 3
Uvrâgt-communes (Uvrâgt-Jena-Kents,
Uvrâgt-Lostô-Kents en Uvrâgt-Meen-Kents); werd in 1774 door enkele
commune-leden in Lostô vermoord.
-
Noliyf (1572-1633)
Eerste werkelijke toneelschrijver; schreef Ardeena ur Lyro.
TO-ca.1620: Ardeena ur Lyro
-
Nuser (1592-7.12.1631)
Dichter die nog steeds veel gelezen wordt. In 1765 heeft Neemt Kerfewiynne
een muziekdrama gebaseerd op Dufjaex ef Giyrt geschreven; dit
muziekdrama (met dezelfde titel) wordt elk jaar op 7 december op verscheidene
plaatsen uitgevoerd, om de dag te herdenken dat Nuser in 1631 in de
Rater-poentel bij Tona a/e Grât werd vermoord. (DOM 173)
DW-1620: Dufjaex ef Giyrt (De Arrestatie van de Duivel)
DW-1627: Jabâr Alasonur
-
Syrell Oleema-Flofariy (1885-1963 [Alerita])
Schrijver van streekromans. Zijn meeste boeken spelen zich af in het plattelandsmilieu van Jelafo. Wordt buiten het Spokaanstalige deel van Liftka nauwelijks gelezen. Woonde samen met de schrijfster Drusa Plafo'es, maar de nadruk wordt er opvallend sterk op gelegd dat zij een platonische relatie hadden en zij ieder hun eigen slaapkamer hadden.
-
Uder Olôf (1939-....)
Romanschrijver uit Minde.
-
Quny Ozzûpiyle-Greka (1832-1897)
Schrijver uit Bôrâ; zijn werk kenmerkt zich door een subtiele afwisseling van
kritische beschouwing en ironie, met religieuze thema's als uitgangspunt.
RO-1861: Ef dres-cijazut profett (De hoogmoedige profeet)
RO-1875: Rys ef nii-alstrah (Onder de doopvont)
RO-1880: Aitromba
-
Mânes Pacef-Leeg (1940-....)
Bekend dichter en toneelschrijver; verdedigt politieke gevangenen in
buitenland; kreeg in 1970 de Blotter Jerrðe voor toneelstuk Ðoraor
teldos ("Verschrompelde appeltjes"), gebaseerd op gedichten van o.a. Leffy
Gindiroh.
TO-1970: Ðoraor teldos (Verschrompelde appeltjes)
-
Jystuven Pântiyf (1879-1964)
Pegrevisch schrijver. Zijn roman Ef Kestkoldrelira Hyg ("De Rebelse Pad")
veroorzaakte in 1924 veel ophef.
RO-1924: Ef Kestkoldrelira Hyg (De Rebelse Pad)
-
Peäl Pântiyf (1942-....)
Pegrevisch schrijver, zoon van Jystuven Pântiyf. (BRYRTEU.DOM)
-
Drusa Plafo'es* (1881 [Alerita]-1944 [Krsitsi])
Schrijfster van streekromans. Haar meeste boeken spelen zich af in het plattelandsmilieu van Jelafo. Wordt buiten het Spokaanstalige deel van Liftka nauwelijks gelezen. Haar geboortehuis is tegenwoordig een museum. In dit huis heeft zij lang samengewoond met de eveneens Pegrevische schrijver Syrell Oleema-Flofariy.
-
Meche Ploem-Vozjâf (1944-....)
Romanschrijver.
RO-1982: Klótarus tiyns (Gedane zaken) (Hirdo: Ef Bax)
-
Šelt Pôxy (1648-1699)
Schrijver en dichter.
-
Mues Pûter-Gajener (1971-....)
Schrijver van novellen en enkele romans. Veel van zijn werk wordt gerekend tot het genre van de Smeulende-haardliteratuur. De doorbraak kwam met de sciencefiction-achtige novelle Blotter strâlos ("Blauwe straling") uit 1999.
NO-1999: Blotter strâlos (Blauwe straling) (Hoggebim: Edver Eemere)
RO-2004: Ef velp pôlp (De lege sokkel) (Hoggebim: Edver Eemere)
-
Hôgta Pÿsell (1895-1960)
Matig dichter en novellenschrijver. Verdiende zijn brood voornamelijk in de boekhandel en
het antiquariaat te Blort die hij samen met zijn vrouw en vijf kinderen dreef. Na zijn dood
is de boekhandel opgeheven, maar zijn naam leeft in het antiquariaat
Hôgta Pÿsell voort.
-
Pârf Quggernees (1910 [Alertobiy]-1972 [Hajopaca-kents])
| Een van de grootste dichters na 1950. Heeft jarenlang op Tigof gewoond maar
keerde vlak voor zijn dood naar zijn jeugdstreek terug. Schreef veel
klassieke dâxa-verzen, sommige ervan kunnen ook als dâxa-parodieën beschouwd
worden. Na ca. 1960 verschenen er ook enkele experimentele bundels van zijn
hand. Zijn taal is doorspekt met Zuidspokanische woorden en wendingen, en de
inhoud van zijn werk zit vol metaforen en paradoxen.
|
Foto genomen in 1971 in de Hajopaca-kents,
enkele maanden voor zijn dood.
DB-1954: Poitiyns furt ef sompyrâ veldurs (Gedichten voor de onnozele mensen) (Lift: Kers Mefterna)
GD-1954: Tovildulÿ (Geboomte)
DB-1966: Kost Dratôp (Mijn Beerput)
-
Lofjec Quûzzt (19.12.1782 [Gret]-03.05.1841 [Gret])
Bekend Berrefs dichter; was in zijn jonge jaren zeer reislustig (heeft onder meer Londen, Delft, Rotterdam en Antwerpen bezocht); was vanaf 1834 partes van de Calôiy-korda te Fôrt-Freerk, waar elk jaar in augustus ter herdenking van hem een negendaags poëziefestival plaatsvindt (zie www.lofjec.freerk.sp
). Het gedicht Âme'f kôbo (oorspronkelijk uit de bundel Gip Ogpetos), dat de schoonheid van de Qumk-vlakte beschrijft, wordt als een van zijn meesterwerken beschouwd. Zijn geboorte- en sterfhuis in Gret is tegenwoordig een museum.(DOM 168/169/170/177/180)
DB-1836: Gip Ogpetos (Losgebroken Gefluister) (geannoteerde herdruk in het Latijnse alfabet uit 1938)
-
Gysela Quzoji-Hesmaniy* (....-....)
Historica. Schreef enkele artikelen en onbeduidende boekjes, promoveerde in 2003 op een studie naar de geschiedenis van het Spokanische bankwezen en de biografieën van vele bankiers, en werd daarmee in één klap bekend, toen het proefschrift in een handelseditie in 2004 verscheen.
KU-2004: Bencers ur ef ekonomiy (Bankiers en de economie) (Jatty (BF): Pâmp-Kumorel)
-
Nyna Sgyt-Marrée* (1945-....)
Romanschrijfster.
RO-1976: Perocallas (Onderling) (Hirdo: Ef Bax)
-
Toliy Sinto-Trofi* (1932-....)
Schrijfster van romantische boeken en columniste in de Kleter Hirdoegg; kreeg
in 1969 een schrijfverbod door de Sensuriy-Meeg
(Raad van Censuur) opgelegd voor de eerste 4 maanden van 1970 wegens
beledigingen van het koninklijk huis. Sinds 1985 is ze blind en leeft ze een
teruggetrokken bestaan.
RO-1982: Feelix (Trofy: Ef Mataaree)
-
Walter Sprôns-Marée (1914 [Mena]-1992 [Tona a/e Grât])
Restanten van zijn woonhuis in Tona a/e Grât, waar hij in 1992 stierf.
| Schrijver van korte, ietwat wrange, verhalen. Hij begon zijn loopbaan omstreeks 1944 als hoofd van een lagere school in Mena; zijn eerste verhalen verschenen vanaf 1958 in diverse lokale kranten, en later ook in de Kleter Hirdoegg. Veel van zijn verhalen uit de kranten zijn later in diverse bundels verschenen. Vanaf ca. 1980 schreef hij niet meer voor de kranten, maar werd zijn werk direct in boekvorm uitgegeven. Na zijn pensioen in 1980 betrok hij een groot oud huis in Tona a/e Grât; waar hij tot zijn dood zou blijven wonen. Toen zijn vrouw in 1981 overleed, nam hij een huishoudster, van wie beweerd wordt dat ze een heks was. Een week na zijn begrafenis ging zijn huis in vlammen op. De huishoudster is spoorloos verdwenen, wat voor velen een bewijs is dat zij de brand heeft gesticht en dus écht een heks is. Sprôns Marée laat geen kinderen na, maar wel een uitgebrande ruïne, die tot op de dag van vandaag als onverkoopbaar object aan de rand van Tona staat.
|
-
Mânpees Spyndre (....-....)
Schrijver van sociaal bewogen novellen die bij voorkeur afspelen in arme stadswijken. Velen vinden zijn boeken emotioneel, diepgravend en met een subtiel gevoel voor detail; maar er zijn even zoveel mensen die zijn schrijfstijl langdradig, saai en zeurderig vinden.
-
Petriy Sugge-Enÿmt (1902 [Lor]-1997 [Feutâm])
Bekend romanschrijver; zijn roman Eprinû Aneca (1951) viel op door de
christelijke grondslag en is vertaald in het Russisch. Vanaf ca.1980 tot aan
zijn dood heeft S.-E. zich voornamelijk met het kweken van zangvogels
beziggehouden. Bij zijn crematie zijn tientallen zeldzame vogels van hem in de
openlucht losgelaten. De Dierenbescherming heeft hier grote ophef over
gemaakt omdat deze vogels niet zullen kunnen overleven in de vrije natuur.
RO-1951: Eprinû Aneca
RO-1962: Feseert! (Thuis!)
RO-1978: Ef Platiranu (Het Schilderij)
-
Hyna Tâgerate-Wâlter* (1905 [Hirdo]-1977 [Hirdo])
Huisarts in Hirdo, maar genoot landelijke bekendheid door haar artikelen in
diverse kranten en tijdschriften, waarin allerlei medische zaken op een
duidelijke en populaire manier werden uiteengezet. In tegenstelling tot haar
zuster Elsa Wâlter-Pôluff (bekende romanschrijfster), ondervond Hyna niet
zulke psychische problemen vanwege haar ongelukkige jeugd met een wrede
vader.
-
Uder Tja Henna-Osagenis (1930-....)
Romanschrijver.
RO-1970: Futtof ef urzôg zôle (Voordat de mus vliegt) (Gralkrich: Vliyteram)
-
Toriym (1938 [Korif]-....)
Dichter en toneelspeler. Zijn feitelijke naam is Toriym Vliyteram-Toriym. Woont in het eenzame bergdorp Huragge bij Trejasu (Azÿ-gebergte). Hij leeft voornamelijk van het fokken van geiten. Hij maakt zelf geitenkaas en jam, en snijdt beeldjes uit het hout van de peren- en appelbomen die zijn huis omringen. Hij leeft een kluizenaarsbestaan en wordt door de dorpsgenoten argwanend in de gaten gehouden. De enige keer dat hij zijn streek verliet, betrof het een reisje naar Noord-Holland en Friesland, omdat hij de Afsluitdijk met eigen ogen wilde aanschouwen. Als bergbewoner die nauwelijks weet hoe zijn eigen land eruit ziet, was zoiets als een lange rechte dijk dwars door zee een wereldwonder dat hij niet kon geloven. Nog steeds zal hij iedereen die het maar horen wil, uitleggen dat de Afsluitdijk niet méér is dan een vorm van "landschapskunst, maar dan op zee". Hij vindt zoiets het toppunt van decadentie en wil niet accepteren dat die dijk in eerste instantie een nuttige functie heeft. "Mensen die de zee afsluiten, terwijl God landen juist welvarend maakt door ze aan zee te leggen, zijn gek en tarten Onze Lieve Heer," pleegt de streng roomskatholieke kluizenaar te zeggen.
Zijn bezoek aan Friesland is de reden dat er tijdens de Kunstroute in de Friese gemeente Wûnseradiel in mei 2003 een gedicht van hem als vorm van "landschapskunst" in een weiland te lezen was.
-
Peoll Uðân (1882-1941)
Schrijver te Hirdo; heeft veel Engelse en Duitse boeken in het Spokaans
vertaald; schreef zelf zes boeken. Zie ook foto van zijn woonhuis.
RO-1911: Elsa ef ðônt (Elsa het dienstmeisje)
-
Lyda Urylle* (1752 [Drystotall]-1791)
Dichteres van dâxa's; ze schijnt ook zangeres geweest te zijn.
GD-ca.1785: Kost Rovretos blaffe ef Koffona (Mijn Liefde vereist de Dood)
-
Lât Vurrmen-Oemâve (1880-1964)
Dichter; heeft veel spreuken voor monumenten ed. geschreven; ook de strofen in
de grotten van Jajes (1933) zijn van zijn hand.
DB-1921: Kulano
DB-1930: Crona
-
Elsa Wâlter-Pôluff* (1900 [Hirdo]-1969 [Madrid])
| Romanschrijfster, vooral bekend is haar psychologische trilogie waarin zij
haar ongelukkige jeugd onder het juk van een wrede vader beschrijft. De
haat jegens haar vader veranderde haast ongemerkt in bewondering voor hem.
W.-P. was mensenschuw en op latere leeftijd manisch depressief. Ze is altijd
ongetrouwd en kinderloos gebleven en had alleen een warm contact met haar
zuster, Hyna Tâgerate-Wâlter, een bekende arts. Op een hotelkamer in Madrid
pleegde de schrijfster zelfmoord.
(ca. 1940)
|
-
Mârje Wattson* (1951-....)
Cabaret- en toneelschrijfster.
-
Jânes Xeelm (1910-1975)
Dichter; was tot 1951 monnik in Franciscaner klooster te Kussik; zie het
Pântiyf-covent.
-
Quela Yppsâch-Otaniy* (1820-1893)
Romanschrijfster; heeft ook enkele dichtbundels geschreven. Zie het gedicht Ef eertef letra.
DB-1893: Kost letras (Mijn brieven)
-
Ina Zlaje-Ferdu* (1902-1974)
Dichteres uit Gÿrô. Is in 1974 in de Firani verdronken (waarschijnlijk
zelfmoord). Twee jaar voor haar dood verscheen haar laatste bundel, Hÿ Ina, met het gedicht
Quanka-velp waarin haar zelfmoordplannen verwoord zijn.
DB-1932: Ksenpe ur Ksvenne (Zondigen en Loven)
TO-1940: Ef Vlemoetykelp (De Slachtbank)
DB-1958: Ina
DB-1972: Hÿ Ina (Nog een keer Ina)
-
Moffain Znûft (1914-1999)
Tot ca. 1980 zeer productief roman- en essay-schrijver.
-
Âlkreene Zofy (1841-1912)
Dichter uit de Conityje-Koles ("Conityjaanse School"); kreeg in 1911
de Nationale Poëzie-prijs t.g.v. de 24e druk van zijn bundel Wuftas fes
Wuslâs ("Woorden in Woestijnen", 1900). (DOM 212)
DB-1900: Wuftas fes Wuslâs (Woorden in Woestijnen)
SV-1903: Pipper Spooksoliy (Heldhaftig Spokanië)