Het compleetste
woordenboek voor de
Spokanische taal.
Met regelmatige updates
en links naar het
Spokanisch Archief.

Woordenboek
Spokaans-Nederlands | Nederlands-Spokaans

Home       Titelblad       Hoofdmenu SPARC       Taalmenu SPARC


Spokaans—Nederlands     A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Nederlands—Spokaans     A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


DICTIO: LEGENDA


Dit bestand Algemene opmerkingen
Symbolen en tekens
Afkortingen

Algemene opmerkingen


Lelijke letters
Indien u met Internet Explorer versie 7 werkt, is de kans groot dat de optie ClearType is ingeschakeld. De letters in dit woordenboek worden dan wellicht niet fraai of onduidelijk weergegeven. De optie ClearType kunt u als volgt uitschakelen:

  • Klik op de knop Extra (Tools) en kies Internetopties (Internet Options).
  • Open het tabblad Geavanceerd (Advanced).
  • Zoek in de sectie Multimedia de optie Altijd ClearType voor HTML gebruiken (Always use ClearType for HTML) en zet deze uit.
  • Klik op OK.
  • Verlaat Internet Explorer, en ga er weer naar terug.

Dit woordenboek bestaat uit 2 delen:
Nederlands-Spokaans: 26 bestanden (NSA.HTM t/m NSZ.HTM)
Spokaans-Nederlands: 26 bestanden (SNA.HTM t/m SNZ.HTM)

Deze HTM-bestanden zijn geconverteerde versies van de oorspronkelijke ASCII-bestanden NS*.DIC en SN*.DIC, die gebruikt worden in het speciale woordenboekprogramma DICTIO, waarmee op makkelijke en snelle manier naar trefwoorden gezocht kan worden. Het elektronische woordenboek DICTIO is echter geschreven als MS-DOS-programma, en kan niet in een Windows-omgeving gebruikt worden, laat staan dat een integratie in een HTM-omgeving mogelijk is.

De hier gepubliceerde HTM-versie kan daarom alleen geraadpleegd worden met de instrumenten die in Windows voorhanden zijn.
U kunt een woordenboekbestand aanklikken (de letters A t/m Z), en vervolgens kunt u met Ctrl-F een item zoeken. Sluit het item met :: (twee dubbele punten) af indien u expliciet naar een trefwoord wilt zoeken (en niet naar alle vindplaatsen van het item).

In dit woordenboek zijn in principe opgenomen:

  1. alle woorden en al het idioom die deel uitmaken van de Spokaanse woordenschat;
  2. alle geografische namen die terug te vinden zijn op de -deelkaarten, of elders in het Spokanisch Archief zijn genoemd;
  3. *alle straatnamen;
  4. *alle voor- en achternamen;
  5. *alle overige eigennamen (van organisaties, instanties, merken, producten, historische feiten ed.);
  6. namen van personen, voor zover ze deel uitmaken van een Spokaanse idiomatische uitdrukking (zoals koning Lotôlmensten, die figureert in de uitdrukking lo pûl lo Lotôlmensten = "zo dom als het achtereind van een varken").
Voor de met * gemerkte categorieën geldt: voor zover deze items in het Spokanisch Archief zijn genoemd.
Alle categorieën zijn voor uitbreiding vatbaar. De Spokaanse woordenschat beperkt zich tot de meest frequente woorden, plus alle minder frequente woorden die ergens in het Spokanisch Archief zijn gebruikt.

Een "trefwoord" kan ook uit meerdere woorden (door spaties gescheiden) bestaan. Het gaat dan altijd om eigennamen (geografische namen, voor- of achternamen, merknamen, boektitels, namen van organisaties, bedrijven, instanties, en dergelijke). Alle trefwoorden zijn strikt gealfabetiseerd. Hierbij gelden de volgende regels:

  1. Als een trefwoord met een getal begint, staat het gealfabetiseerd onder de eerste letter van de Spokaanse uitspraak van dit getal (dus de naam 4S staat onder de F, omdat "4" als fâr wordt uitgesproken). Getallen in trefwoorden komen altijd vóór alle andere trefwoorden (dus 4S staat geheel bovenaan de F, en Huron II staat vóór Huron Herco).
  2. Los geschreven vormen komen ná aaneengeschreven, overigens identieke, vormen, dus Nar Terf staat achter Nar-Terf. Uitzondering: Alle woorden (altijd eigennamen) die met het voorzetsel Rifo of een lidwoord beginnen, staan onmiddellijk achter rifo of dat lidwoord. Het gaat hierbij niet alleen om het Spokaanse lidwoord ef, maar ook om buitenlandse lidwoorden als the of de (het los geschreven Franse voorzetsel de wordt als het Nederlandse lidwoord behandeld). Dus Ef Terder staat achter ef maar vóór efa. Voor deze uitzondering is gekozen omdat de grote hoeveelheden namen met Ef of Rifo anders te veel verspreid tussen de overige woorden zouden komen te staan.
  3. Bijzondere tekens (zoals / & +) die soms in eigennamen voorkomen, worden bij de alfabetisering genegeerd (dus Grist & Honnemeg wordt behandeld alsof er "Gristhonnemeg" stond, en komt daarom tussen grister en Grist-môliy).
  4. Als twee trefwoorden alleen verschillen in de aanwezigheid van een diacritisch teken, gaat de vorm zonder dit teken voor: dus albe komt vóór âlbe, en baek komt vóór ba'ek. De ô gaat voor de ó, dus lôf staat vóór lóf.
  5. Trefwoorden met een filâsto (koppelstreepje) komen achter aan elkaar geschreven, maar identieke, trefwoorden. Dus kafputte staat vóór kaf-putte.
  6. Trefwoorden die een prefix of suffix zijn komen achter identieke vormen die dat niet zijn. Dus basc (substantief) staat vóór basc• (prefix, als zodanig gemarkeerd met een • op de aanhechtingsplaats).
  7. Als trefwoorden alleen in hoofdlettergebruik verschillen, komt de vorm zonder hoofdletter eerst. Dus clârseg staat vóór Clârseg.
  8. Trefwoorden die leestekens (zoals punten of schuine strepen) bevatten komen altijd na identieke trefwoorden zonder zulke tekens (trefwoorden met leestekens zijn vrijwel altijd afkortingen). Dus é.m staat achter ém.
  9. Als twee trefwoorden volledig identiek zijn, bepaalt de grammaticale categorie (woordsoort) de volgorde. Zo komt een werkwoord vóór een substantief. En een concreet substantief {C} komt vóór een abstract substantief {A}.
Bovenstaande regels worden in de genoemde volgorde toegepast. Dit verklaart bijvoorbeeld de volgorde van de reeks trefwoorden: Em - EM - ém - é.m - É.M.:
  • Em vóór EM, omdat m voor M gaat (regel e);
  • EM vóór ém omdat E/e voor é/É gaat (regel b);
  • ém vóór é.m omdat de laatste een punt bevat (regel f);
  • é.m voor É.M. omdat de laatste hoofdletters bevat (regel e), maar ook: omdat de laatste twee punten bevat (nogmaals regel f).
De alfabetisering in het woordenboek is niet consequent volgens deze regels toegepast. Dus nog checken!

Blauwe verwijzingen (bovendien gemarkeerd met ») kunnen aangeklikt worden om naar een ander lemma in dit woordenboek te gaan. Als in het Nederlands-Spokaanse deel een verwijzing naar het Spokaans-Nederlandse deel staat, wordt dit aangegeven met: SN. Als een verwijzing eindigt op drie puntjes (bijvoorbeeld »verw...) wordt er verwezen naar álle woorden die met de letterreeks beginnen (dus hier: verwijzing naar alle woorden die met "verw" beginnen).
Het logo kan aangeklikt worden voor nadere informatie met betrekking tot het trefwoord in het Spokanisch Archief.
Het logo kan aangeklikt worden voor een etymologische uitleg m.b.t. het trefwoord, zoals die in het Spokanisch Archief te vinden is. Deze functie bestaat (momenteel) alleen voor geografische namen.
Het logo kan aangeklikt worden om een uitvoerige behandeling van het trefwoord in de Spokaanse Grammatica te lezen. (deze doorverwijzing zal pas aangebracht worden als de Spokaanse Grammatica integraal in het Spokanisch Archief is opgenomen.)

Lemma's worden onderverdeeld in 1., 2., enz. indien het trefwoord verschillende betekenissen of grammaticale functies heeft. In het Spokaans-Nederlandse deel zijn identieke trefwoorden die tot verschillende woordsoorten behoren, als aparte lemma's opgenomen.
In het Nederlands-Spokaanse deel staan identieke trefwoorden in één lemma, maar de verschillende woordsoorten of betekenissen worden onderscheiden door een onderverdeling in A., B., enz.
Wijze van onderverdeling moet nog herzien worden.

Grammaticale informatie is in summiere vorm te vinden bij trefwoorden die in HOOFDLETTERS zijn geschreven. Bijvoorbeeld: onder het trefwoord meervoud wordt de Spokaanse vertaling van "meervoud" gegeven; onder het trefwoord MEERVOUD wordt beknopt uitgelegd hoe de meervoudsvorming in het Spokaans plaatsvindt.

Dit woordenboek is nog geschreven in de oude spelling (dus geen vreemde tussen-n in woorden als "ruggengraat" ed.).

Het is in een HTM-omgeving niet mogelijk om alle Spokaanse lettertekens en symbolen op de juiste wijze weer te geven (dit kan wel in het DOS-programma DICTIO). In onderstaande tabel zien we bij de letters achtereenvolgens: het teken zoals Windows dat weergeeft - de ANSI-code ervan - het juiste Spokaanse teken.

De meest algemene verkeerd weergegeven tekens zijn:

de d/D met een hacek ("v'tje") wordt een IJslandse eth: ð/Ð
de e/E en o/O met een apostrofje worden é/É en ó/Ó (accent aigu)
de n/N met een accent aigu wordt ñ/Ñ (tilde)

De tekens , , , , , , , , en worden in dit woordenboek wel gebruikt, maar elders in het Spokanisch Archief kunnen ook de volgende conversies gebruikt worden:

herco:h (vette h)
toeftos/telefoon:T (vette T)
liytre:L (cursieve L)
myle:m (onderstreepte m)
doorgehaalde y en Y:    ý en Ý (als variant van ÿ en Ÿ)

ligaturen: (onderstreepte lettergroepen)

TC-ligatuur:TC
HR-ligatuur:   HR
ŸR-ligatuur:ÝR

De woordenboekbestanden worden voortdurend aangevuld en verbeterd. De bestanden zijn niet geheel vrij van fouten en inconsistenties, en we stellen het dan ook op prijs als u ons op zulke onvolkomenheden wilt wijzen. Ook zijn we bereid om het woordenboek aan te vullen met trefwoorden die u nog mist. Stuur een e-mailtje naar de redactie van het Spokanisch Woordenboek.



Symbolen en tekens

<    (etymologische verklaring) A < B (woord A is ontstaan/afgeleid
     uit woord B).
>    gebruikt in bijvoorbeeld: •iy {SX.add > c}:
     (het suffix •iy komt achter een additief zodat er een concreet
     zelfst. naamwoord wordt gevormd).
»    gebruikt in bijvoorbeeld: »daar
     (zie bij het trefwoord "daar" - blauwe woord kan aangeklikt
     worden).
~    gebruikt in bijvoorbeeld: tim C: kaf ~ dur  [lees]  kaf tim dur.
     (~ vervangt het trefwoord).
-    gebruikt in bijvoorbeeld: spar (L. Abies); zilverspar
     (L. A- alba)  [lees]  (L. Abies alba).
     gebruikt in bijvoorbeeld: in- en uitpakken  [lees]  inpakken en
     uitpakken. (vervangt een Nederlands of Latijns woorddeel).
--   gebruikt in bijvoorbeeld: wik-lup {mv= --lûps}
     [lees]  {mv= wik-lûps}
=    (trefwoorden) châfâ (= šâfâ)
     (šâfâ is een gelijkwaardige variant van châfâ).
{}   grammaticale informatie, zoals woordsoort en syntactische/
     morfologisch bijzonderheden, staat achter het lemma-woord tussen
     {}. Voor de informatie tussen {}, zie hieronder bij Afkortingen.
[]   [m] [P]
     letter tussen [] is de transcriptie van een Pegrevisch letter-
     teken.
     óst[r]os = óstos OF óstros.
     do [nert] vende: hij komt [niet]
     = do vende: hij komt  OF  do nert vende: hij komt niet.
()   (trefwoorden) barera (bârera).
     (bârera is een variant van barera, waarbij barera de voorkeur
     verdient).
     gebruikt in bijvoorbeeld: Pjânts N: (mannelijke personificatie vd
     Honger en Armoede). (omschrijving of verklaring van een Spok.
     woord).
..   gebruikt in bijvoorbeeld: ôrganisere |..ÿje|
     (.. vervangt deel van eerder genoemd woord; lees in dit geval:
     |ôrganisÿje|.
•    gebruikt in bijvoorbeeld: ta• {PX}: mis•.
     (onscheidbaar aan te hechten prefix).
     gebruikt in bijvoorbeeld: •ta {SX > rs}; Prio/Priota.
     (onscheidbaar aan te hechten suffix).
•-   gebruikt in bijvoorbeeld: •-no {SX.c/n > n}.
     (scheidbaar aan te hechten suffix, zoals in Gouden-Koets-no).
-•   gebruikt in bijvoorbeeld: nâs-• PX: her•, re•, over•, opnieuw.
     (scheidbaar aan te hechten prefix, zoals in nâs-are).
...  amifftûros fes ...: veronderstel eens dat ....
     (... geeft het variabele deel van een idiomatische uitdrukking).
||   xâmée {Uid}: stijgen||dalen.
     (|| scheidt beide antonymische betekenissen van een ideoantoniem).
|..| tussen || staat de uitspraak volgens de Spokaanse spellingregels.
     bijv. |Eng.| Engelse uitspraak.
           |mel/mÿ| twee uitspraken mogelijk (mel  OF  mÿ).
           |M| de m in het trefwoord is syllabisch.
|ƒ|  bilabiale ("aangeblazen") f.
|M|  syllabische m.
|N|  syllabische n.
|X|  x wordt uitgesproken als th (in Eng. three).
     (indien de uitspraak van x niet is aangegeven, klinkt deze als
     kth).
|ks| x wordt uitgesproken als ks.
     (indien de uitspraak van x niet is aangegeven, klinkt deze als
     kth).
|ù|  u wordt uitgesproken als in de combinatie qu.
|ß|  de klank sh in het Engelse ship.
|ŋ|  de klank ng in het Nederlandse/Engelse long.
/    gebruikt in bijvoorbeeld: ef ÿtine eft werviy fes sener/ef motrik.
     [lees]  ef ÿtine eft werviy fes sener motrik.
     [of]    ef ÿtine eft werviy fes ef motrik.
     (gelijkwaardige keuze tussen twee woorden).
     indien zowel twee Spokaanse woorden als twee Nederlandse woorden 
     door / zijn gescheiden, geldt altijd dat de twee woorden vóór /
     met elkaar overeen komen, en eveneens de twee woorden áchter /.
     bijv. fes ef publiyc fara/frópjÿ: bekend als/om.
     [lees]  fes ef publiyc fara: bekend als
     [of]    fes ef publiyc frópjÿ: bekend om
"    gebruikt in bijvoorbeeld: zvâmp-geranym {C}: "zompige
     ooievaarsbek".
     (A is een letterlijke vertaling van een Spok. woord omdat een
     Nederlands equivalent ontbreekt).
!    tussenwerpsel als groet, uitroep, wens.
?    tussenwerpsel met vraag-karakter.
SN   in het Nederlands-Spokaanse deel wordt verwezen naar een lemma
     in het Spokaans-Nederlandse deel.


Afkortingen

I        bijvoegelijk naamwoord of bijwoord (additief categorie I).
II       bijvoegelijk naamwoord (additief categorie II).
III      bijwoord (additief categorie III).
1        eerste persoon (enk/mv).
2        tweede persoon (enk/mv).
3        derde persoon (enk/mv).
a        abstract (als categorie van zelfst. naamwoord).
A        zelfstandig naamwoord van de categorie "abstract".
abstr    abstract (als categorie van zelfst. naamwoord).
add, ADD additief (bijvoeg.naamwoord en/of bijwoord).
afk      afkorting.
alg      algemeen [gebruik]; de betekenis ve woord waaraan het eerste
         gedacht wordt bij afwezigheid ve context (zie ook 'ihb').
arch     archaïsch, ouderwets.
aw, AW   aanwijzend voornaamwoord.
bel      beleefdheidsvorm.
bep      bepaald.
beri     (infinitief-markeerder) staat achter werkwoord als dit een
         infinitief-complement kan krijgen.
betr     betreffende, wat betreft.
bijv     bijvoorbeeld (impliceert dat de opgesomde reeks voorbeelden
         onbeperkt uitgebreid kan worden; zie dan ook desbetreffende
         lemma's).
bt, BT   betrekkelijk voornaamwoord.
bv, BV   bijvoegelijk naamwoord.
bw, BW   bijwoord.
bz, BZ   bezittelijk voornaamwoord.
c        concreet (als categorie van zelfst. naamwoord).
C        zelfstandig naamwoord van de categorie "concreet".
ca       circa.
caus     causatief.
chr, Chr Christelijk; term uit Christendom.
concr    concreet (als categorie van zelfst. naamwoord).
cons     consonant, medeklinker.
def      definitieve [tijd].
dial     dialect; dialectische vorm.
div      diverse.
dl=      dialectische vorm (gevolgd door gebied of naam v dialect
         waar dit woord [vrnl] voorkomt).
dmv      door middel van.
DOM xx   verwijzing naar pag.xx in het boek "Spokanië: Berref"
         (Dominicus-reeks)
dt, DT   determinant, partikel.
dual     dualis.
Dui      Duits.
dwz      dat wil zeggen.
e, E     semi-transitief werkwoord (emmettâlelira).
ectrans  echo-transitief werkwoord.
ed       en dergelijke.
ef       (achter categorie-aanduiding) gebruik van lidwoord of
         lidw.vervangend pronomen verplicht.
eig      eigenlijk.
emf      emfatisch, met nadruk.
Eng      Engeland, Engels, Engelse uitspraak (bij Engelse leenwoorden).
enk      enkelvoud; (achter categorie-aanduiding) zelfstandig
         naamwoord komt (vrijwel) alleen in enkelvoud voor.
1enk     eerste persoon enkelvoud (ik).
2enk     tweede persoon enkelvoud (jij, u).
3enk     derde persoon enkelvoud (hij, zij, het).
enz      enzovoort.
Epr      semi-transitief, wederkerend, werkwoord (emmettâlelira).
erg, Erg Ergynne; term uit de Ergynne-religie; ergynisch.
euf      eufemisme.
evtl     eventueel.
f, F     familienaam, achternaam.
fam      familiair, gemeenzaam.
fig      figuurlijke, overdrachtelijke betekenis.
flj      flaju ("iets").
flje     flajue ("iets": resultatief).
Fra      Frans, Franse uitspraak.
g, G     geografische naam.
Gar      Garosisch, Garosische uitspraak.
gen      genitief.
gen=     genitiefvorm is ...
gnp      genitief van woord dat aan persoon refereert.
gnp=     genitiefvorm bij referentie aan persoon is ...
gnz      genitief van woord dat aan zaak of dier refereert.
gnz=     genitiefvorm bij referentie aan zaak of dier is ...
gst      grammaticale stam.
gst=     grammaticale stam is ...
his      historische term.
id       (achter categorie-aanduiding) ideoantoniem.
ihb      in het bijzonder; de betekenis ve woord waaraan pas gedacht
         wordt als de context hiertoe aanleiding geeft (zie ook 'alg').
IJsl     IJslands.
improd   improductief.
impr     (achter affix-aanduiding) improductief affix.
intrans  intransitief werkwoord.
inw      inwonertal
ipv      in plaats van.
iro      ironisch.
Ita      Italiaans.
j, J     jongensnaam.
jur      juridisch; juridische term.
k, K     transitief werkwoord (kettelira).
Kpr      transitief, wederkerend, werkwoord (kettelira).
L.       Latijnse wetenschappelijke naam.
Lat      Latijn[s].
lett     letterlijke betekenis.
LW       lidwoord.
lw       lidwoord; (achter categorie-aanduiding) lidwoord of lidwoord-
         vervangende constructie verplicht.
m, M     meisjesnaam.
mbt      met betrekking tot.
mbv      met behulp van.
mnl      uitsluitend refererend aan mannelijk geslacht.
mt       minste trap van vergelijking.
mt=      minste trap is ...
mv       meervoud; (achter categorie-aanduiding) zelfstandig
         naamwoord/eigennaam komt alleen in meervoud voor.
mv=      meervoudsvorm is ...
mv=enk   geen speciale meervoudsvorm.
1mv      eerste persoon meervoud (wij).
2mv      tweede persoon meervoud (u, jillie).
3mv      derde persoon meervoud (zij).
n, N     eigennaam.
nav      naar aanleiding van.
Ned      Nederlands.
neut     neutrale [tijd].
1niv     eerste niveau (van pers. voornaamwoord).
2niv     tweede niveau (van pers. voornaamwoord).
Noo      (Oud)Noors.
ntr      neutraal (refererend aan zowel mannelijk als vrouwelijk
         geslacht).
oa       onder andere.
obj      object, lijdend voorwerp.
obtrans  object-transitief werkwoord.
ón       (echo-markeerder) staat achter werkwoord indien dit een
         indirect object (echo) kan hebben.
onbep    onbepaald.
ong      ongeveer (globale vertaling).
onr      onregelmatig.
onz      onzijdig (onbezield: noch mannelijk noch vrouwelijk).
oorspr   oorspronkelijk.
ot       overtreffende trap van vergelijking.
ot=      overtreffende trap is ...
ov, OV   onbepaald voornaamwoord.
p, P     persoonsnaam (personen zijn alleen in het woordenboek
         opgenomen als de naam in een uitdrukking of gezegde voorkomt).
1p       eerste persoon (zowel enkelvoud als meervoud).
2p       tweede persoon (zowel enkelvoud als meervoud).
3p       derde persoon (zowel enkelvoud als meervoud).
Peg      Pegrevië; Pegrevisch.
pej      pejoratief, scheldwoord, ongunstig.
1pers    eerste persoon enk en mv.
2pers    tweede persoon enk en mv.
3pers    derde persoon enk en mv.
poe      poëtisch taalgebruik.
pop      populaire spreektaal.
pr       (prap = "zich"; achter categorie-aanduiding) wederkerend
         werkwoord.
pred     predikaat, gezegde.
prod     productief.
pv, PV   persoonlijk voornaamwoord.
3pv      persoonlijk voornaamwoord 3e persoon (enk/mv).
px, PX   prefix.
PX.c     prefix dat voor een zn vd categorie "concreet" geplaatst wordt.
PXimpr   improductief prefix.
red      reduplicatie.
regelm.  regelmatig.
RK       Roomskatholieke term; roomskatholiek.
rs       (alg) resultatief; ("resultatief": achter categorie-aandui-
         ding):
         bij zelfst. naamwoord: resultatiefvorm is gelijk aan basisvorm;
         bij transitief werkw.: werkw. regeert resultatief object;
         bij voorzetsel       : voorz. regeert resultatief zelfst.naamw.
rs=      resultatiefvorm is ...
rsmv     resultatief-meervoud.
rsmv=    resultatiefvorm in het meervoud is ...
rst      rast ("iemand").
rste     raste ("iemand": resultatief).
rster    raster ("van iemand; iemands": genitief).
S        zelfstandig naamwoord van de categorie "stoffelijk".
s        stoffelijk (als categorie van zelfst. naamwoord).
SC       zelfstandig naamwoord van de categorie "semi-concreet".
sc       semi-concreet (als categorie van zelfst. naamwoord).
schr     (plechtige) schrijftaal.
semc     semi-concreet (als categorie van zelfst. naamwoord).
semtrans semitransitief werkwoord.
Spa      Spaans, Spaanse uitspraak.
Spok     Spokanië, Spokanisch, Spokaans.
spr      spreektaal (liever niet schrijven).
sprkw    spreekwoord of gezegde.
stoff    stoffelijk (als categorie van zelfst. naamwoord).
subj     subject, onderwerp.
sx, SX   suffix.
SX.c     suffix dat achter een zn vd categorie "concreet" geplaatst
         wordt.
SXimpr   improductief suffix.
taalk    taalkundige term.
tbv      ten behoeve van.
tdw      tegenwoordig deelwoord.
tgv      ter gelegenheid van.
toek     toekomende [tijd].
trad     traditioneel.
trans    (vol)transitief werkwoord.
tw, TW   telwoord.
u, U     intransitief werkwoord (ularâfelira).
UIS xx   verwijzing naar pag.xx in het boek "Uit in Spokanië - nooit
         weg"
uitsl    uitsluitend.
Upr      intransitief, wederkerend, werkwoord (ularâfelira).
v, V     voornaam, zowel jongens als meisjes.
v        van.
vd       van de.
vdw      voltooid deelwoord.
vdw=     voltooid deelwoord is ...
ve       van een.
verg     vergelijking.
verl     verleden [tijd].
vg, VG   voegwoord.
vgl      vergelijk.
vh       van het.
vlgs     volgens.
vk       verkleinende trap van vergelijking.
vk=      verkleinende trap is ...
vnw      voornaamwoord.
voc      vocaal, klinker.
volt     voltooide [tijd].
vr, VR   vragend voornaamwoord.
vrnl     voornamelijk.
vrw      uitsluitend refererend aan vrouwelijk geslacht.
vt       vergrotende trap van vergelijking.
vt=      vergrotende trap is ...
vulg     vulgair, plat.
vz, VZ   voorzetsel.
vz-uitdr voorzetseluitdrukking (idiomatische uitdrukking met het
         karakter van vz).
VZ2n     voorzetsel eist pv 2e niveau.
w, W     naam v weg/straat/plein/steeg ed.
wd, WD   wederkerig voornaamwoord ("elkaar").
wn, WN   wederkerend voornaamwoord ("zich").
wst      wortelstam.
wst=     wortelstam is ...
ww, WW   werkwoord.
zelfst   zelfstandig, substantivisch.
zg       zogenaamd, zogenoemd.
zkl      zakelijk (noch mnl noch vrw).
zn, ZN   zelfstandig naamwoord, substantief.
zv, ZV   zelfstandig voornaamwoord.
Zwe      Zweeds.


TOP

© (2000) Rolandt Tweehuysen, Kimswerd, the Netherlands