Woordenboek
Spokaans-Nederlands | Nederlands-Spokaans

SpokaansNederlands     A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

 

NederlandsSpokaans     A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
 

w:: {!} ww.

waamz:: |wamz| {I} vastberaden.

waamziy:: |wam..| {A; mv=enk; rs= waamzte} vastberadenheid.

waamzte:: |wam..| {rs} waamziy.

wcce:: {K} zich wijden aan; Yvonn ~ ef stos lf cradef terrats: Yvonn wijdt zich alle dagen aan de studie; late.

wcha:: {I} vloeiend (lijn, overgang); soepel; zonder haperingen.

Waaly-weg:: {W} .

war:: {gst/vdw} wa're.

wa're:: {K; gst= war; vdw= war} ontkennen; eft war miperter: een miskend genie.

wa'ros:: {A} ontkenning.

wfer:: {C} rooilijn; grens tussen openbaar en particulier terrein.

wfersence:: {Upr} zich bevinden.

wfersencos:: {C} ligplaats (schip ed); staanplaats (caravan ed).

wfersr:: (= wfersrt) {C} standplaats (v persoon).

wfersrt:: {C} wfersr.

Wfer-zuft:: {W} .

wagg:: {S} bagage.

Wagg:: {N} (restaurant in Hirdo); .

Wagg-hrmsjatjen-bnt:: {N} "Bagageverwerkers-bond" (vakbond voor personeel v bagageafhandeling op luchthavens; in Blumarr); .

wagglot:: {C} bagageruimte, vrachtruimte.

waggnolac:: {C} bagagewagen (in trein).

wagg-simajos:: {C} bagagedepot.

wagg-zillepip:: {C} bagagerek, imperiaal (op auto).

wagx:: {C} loonbelasting; (= wagy + tx); .

wge:: {U} ~ rifo: waken over.

wagen:: {C} wagen, kar, wagon; lydor ~: gemende wagen (jur: wagen met een trekdier ervoor, en een bestuurder op de bok); .

wagenklan:: {C; mv= ..klne} wagenwiel, karrenwiel.

wagenklne:: {mv} wagenklan.

Wagen-mirra:: {W} .

Wagenrif-mirra:: {W} .

wagg:: {gst} wagje.

wagje:: {K; gst= wagg} belonen.

wagy:: {C} loon, soldij.

wagye:: {K} bezoldigen, salariren.

wagy-kafpainos:: {A} loonsverhoging.

wagyos:: {C} bezoldiging, salariring.

wakkel:: {gst} wakkle.

wakklats:: {Aef} rechtmatigheid.

wakklats:: {I} rechtmatig.

wakkle:: {K; gst= wakkel} behoren te zijn, moeten zijn (vlgs moraal, gewoonte, voorschrift, [natuur]wet ed); kirro ~ [lo] honesty: we behoren eerlijk te zijn; we moeten eerlijk zijn; (vgl) kirro melts honesty: we moeten eerlijk zijn (iemand geeft ons die opdracht).

Wakleep-pnt:: {N} (verkeersviaduct; gemeente ut); .

Wakleep-sermen:: {G} (ravijn in het Kulano-gebergte; gemeente ut); .

wks:: {C} (alg) vaarwater, vaargeul; (soms) kanaal, vaart.

wlc:: {I} uiterst; fes ~ fort (afk= f.w.f.): uiterlijk, op zijn laatst; armt 1 ogust fes ~ fort = fes 1 ogust ~ fort: uiterlijk [op] 1 augustus.

wlc-:: {PX} top; ~-weinoh: topwijn (enz); wlc-...

wlca:: {C} top[ontmoeting] (v hoge politici ed).

wlcare:: {K} zich troosten met.

wlciy:: {A; mv=enk} (fig) toppunt.

wlc-jikat:: {C} topprestatie.

wlc-viteo:: {C} topsnelheid.

wldiy:: {C} wouw (plant) (L. Reseda luteola).

wale:: {U} huilen (v wolven).

walenlandes:: {IIef} Waals (bv).

Walenlandes:: {G} Walloni.

walenlant:: {C} Waals (taal).

waler:: {C} zoon; ur Waler (afk= u/Wr): en Zoon (& Zn); ur Walers (afk= u/Wrs): en Zonen; firma Metrusse u/Wr: firma Metrusse & Zn.

Waler-lirrotiy:: {W} .

waler-mlp:: {C} schoonzoon.

walerukr:: {C} boerenzoon, boerenjongen.

Wales::

  1. {J}.
  2. {Cef} Waal (bewoner).

Walesa:: {Cef; mv= ~s} Waalse vrouw.

wlfyccsoliy:: {SCrs} (Erg) onderbewustzijn; ef poire fes ef ~: (Erg) onder hypnose zijn; in trance zijn (v medium tijdens bep Erg rituelen).

Wali:: {F/M}.

Wali-plep:: {W} .

wlj:: {C} vallei, glooiend dal.

Wlj:: {F}.

Wlj-mirra:: {W} .

Wljseert:: {F}.

Wlj-weg:: {W} .

Wlj-wuma:: {G} (bos; gemeente Lammafin); .

Wlj-zerfos:: {N} (landhuis; gemeente Poleio); .

wlka:: {C} orde (groep personen); ridderorde; kloosterorde.

wlkn:: {WD; gnp= ~er; gnz= ~r; rs= ~n}

  1. (wederkerig) elkaar (dual: 2 stuks); Petriy ur Mariy lukte ~: Petriy en Mariy wassen elkaar; ef 2 pps butele kura ~: de 2 jonge katjes buitelen over elkaar [heen];
  2. (passief: handeling vindt automatisch of buiten de wil vd agens plaats) ~ lajetelije pai Mariy ur Lerdu: Mariy en Lerdu staan elkaar uit te schelden (zonder dat ze het in de gaten schijnen te hebben);
  3. (met rs) ef 2 merbkus xstiche ~n: de 2 boeven beroven elkaar; Smiy ur Nrbert ~n byte: Smiy en Nrbert hebben elkaar doodgeslagen;
  4. (arch) ps trempe riyfain ~er mimpits: ze (2 personen) lezen altijd elkaars boeken (de genitiefvormen wlkner en wlknr zijn archasch; wlke; wlkiys);
  5. (met vz) jen ~: door elkaar; opeengepakt; ternauwernood; ef geffys ur leffys melde jen ~: de appels en peren liggen door elkaar; do ef mirrtat rytle jen ~: hij miste nt de lantaarnpaal; do xafto armt ef koffona jen ~: hij ontsnapte ternauwernood aan de dood; lef ~: samen (met elkaar; in elkaars gezelschap); ef ten sours arfine-fes lef ~: de twee zusters komen samen binnen; luft ~: bij elkaar; bijeen; nos.

wlkniy:: {Aef; mv=enk} wederzijdsheid.

Wlka rifo ef Trempers:: {N} (Erg kloosterorde); .

wlke:: {OV}

  1. {enk} elkaars, van elkaar (dual: 2 stuks); Jn ur Pyt tine riyfain ~ kas: Jn en Pyt dragen altijd elkaars jas/de jas van elkaar; ef ten vilduls giffe fes ~ armtat: de twee bomen staan in elkaars licht; ~ pes mimpit: menig boek van elkaar;
  2. (= wlkiys) {stoff} elkaars; van elkaar (dual: 2 stuks); ef perdr 'jans pliyfone ~ bjerr: de beide jongens drinken elkaars bier; wlkiys.

wlkeiy:: {Cef; mv=enk} (nominalisatie v wlke) ef ~: van elkaar, elkaars (dual: 2 stuks); ef kasz melde ef ~: zij (2 pers.) hebben elkaars jassen aan; de jassen zijn van elkaar; zij hebben hun jas met elkaar geruild.

wlkiys:: |wlkis| {OV}

  1. {mv} elkaars, van elkaar (dual: 2 stuks); ef 2 stdents trempe riyfain ~ mimpits: de 2 studenten lezen altijd elkaars boeken/de boeken van elkaar;
  2. {stoff} wlke.

Wallis ur Futuna:: {G} Wallis en Futuna.

walo:: {C} zoon[tje] (klein kind).

wlta:: {S} woud, bos.

Walter:: {J}.

Wlter:: {F}.

Walter Sprns-Mare-mirra:: {W} .

wltiy:: {I} bosrijk; bosachtig; wat betreft bos.

Wltruk:: {J}.

wms:: {C} schadevergoeding; m ~: kortaf; zonder omwegen.

wn::

  1. {BT} (refereert aan gehele zin of [deel v] predicaat; schr) qu Petriy ef pij omi larde-tij, qu ~ melde oras xg ki: Petriy heeft de hele taart opgegeten, wat heel stout is; Elsa svime n ki plnse fesdu ef picaiy knurfel, sener sientur cnsidere ~ lo kviksiy: Elsa zwemt en duikt in het ijskoude water, wat (= het duiken, NIET het zwemmen) haar moeder gevaarlijk vindt; ef kleter zreldur axe ef omberst c, ef zeces nert strfe ~: de nieuwe bewoner hakt de schaduwrijke eik om, wat (= het omhakken [vd eik]) niet op prijs gesteld wordt door het dorp; mittof; qu.
  2. {VG} (infinitief-bindend bij positioneel ww; schr) en, te; do uokke eft sigarett ~ farte: hij loopt een sigaret te roken; gress trempelira eft mimpit ~ zirde: ik lig een boek te lezen; ps melde pittelira ~ arfine: ze hebben de gewoonte altijd met de fiets te komen; ze komen altijd fietsend; (wn wordt in spr vervangen door ur c).

Wanadoo:: {N} (voormalige internationale internetprovider); .

wananj:: {C} banaan.

Wnch:: {G} (dorp; gemeente Andel).

Wndel:: {F/J}.

wandet:: {C; mv= wandtes} haas (mnl).

Wandet-arbe:: {W} .

Wandet-bengaliy:: {W} .

Wandet-plep:: {W} .

wandtes:: {mv} wandet.

Wndra:: {F/M}.

waneft:: {C} verzorging van dieren; ef kette ~s n [belps]: [dieren] verzorgen.

Wnk:: {F}.

wnta:: {I; =vt v zft}

  1. eerder, vroeger (dan het moment dat de spreker op het oog had); do arfine ~ dus gress dxo: hij komt eerder/vroeger dan ik verwacht heb; mas levere kirro ~ dus lelmo tof: morgen zullen we eerder/vroeger opstaan dan vandaag (maar dit tijdstip kan best nog lt zijn; (vgl quefs = "vroeger (meer bijtijds)");
  2. eerder; als het erop aankomt (bij vergelijkingen); ef lydos melde ~ qu ef fesperkoos dus ort ef: het bestuur is eerder tegen de benoeming dan ervoor;
  3. A ~, tur B lilepiy: niet alleen A, maar bovendien nog B; do vrea ump sener exm ~, tur do enn ef guld ifm melde ur lilepiy: hij is niet alleen voor zijn examen geslaagd, hij was ook de beste kandidaat; gress rme, den rinne smurf ~, tur janof gress ollae ef ur lilepiy: ik werk niet alleen om geld te verdienen, maar bovendien omdat ik er plezier in heb;
quefs; zft.

wanysto:: {I} ontroostbaar.

wp:: {C} wapen; ef qume rste (rs!) den quxe lef ~s: iemand tegen zich in het harnas jagen.

wape:: {U} (arch/poe) wapen[s] dragen.

wapor:: {I} gewapend, bewapend.

wprif:: {C} wapenindustrie.

wp-rgos:: {C} munitie.

wp-tiner:: {C} kampioen.

wrbie:: {K; gst= wrbit} uitdenken, verzinnen; arpinzol.

wrbimapyre:: {E} een taak volbrengen; do wrbimapyro: hij heeft het volbracht; het is hem gelukt; hij heeft zijn schaapjes op het droge.

wrbit:: {gst} wrbie.

Warej:: |war| {F}.

wrf:: {I} schamel.

Wrf:: {N}

  1. (kasteelrune; gemeenten Huron-srt en Ef chis); .
  2. (rangeerterrein bij Krnien); .

Wrf armt ef Cheetucj:: {G} (dorp; gemeente Ef chis).

Wrf fes ef Wuma:: {G} (dorp; gemeente Ef chis).

Wrf-klarbr:: {N} (wegsrt langs weg 2; gemeente Ef chis); .

Wrf-Trajiy:: {G} (dorp; gemeente Ef chis).

wriy:: {C} berisping, standje; ef kette ~ n rst: iemand berispen; ef obiyre rst kaf eft ~: iemand een standje geven.

Wrkamiyt-rcel:: {W} .

Wrkamiyt-weg:: {W} .

warmohit::

  1. {C; mv= regelm.} kachel.
  2. {C; mv= ~a} fornuis.

warmohita:: {mv} warmohit 2.

Wrn:: {J}.

Warner:: {F}.

warpl:: {I} verantwoord.

Wrtuqul:: {F}.

War:: {F}.

was:: {C} (iro) baas, chef.

ws:: {S} vochtaanslag, condens.

wsare:: {E} condenseren.

waseme:: {U} wasemen.

Washington-plkom:: {N} (tunnel; gemeenten Agramo en Flipa); .

Washington-vjadk:: {N} (viaduct; gemeente Flipa); .

wassiy:: {C} (dl= Tigof) schemering.

wast:: {C; mv= wste} oploop, opschudding, rel.

wst:: {C}

  1. noodweer; hevig onweer.
  2. uitwaseming; ef kette ~: uitwasemen.

wste:: {mv} wast.

wstiy:: {I} driftig, opvliegend.

wat:: {S} watten (zn-mv).

wata:: {I} van watten gemaakt; met watten gevuld; lo ~ fes ef motrik: rond, vol, zacht (smaak v goede rode wijn).

Water:: {F}.

Watereen:: {F}.

Wateren:: {F}.

watc:: {I} geniaal.

wattiyn:: {C} wat[je]; prop watten.

Wattson:: {F}.

wvet:: {I} (lett) zacht; ~ blars: zachte kaas; cubu.

wveta:: {I} verwijfd.

Wveta nunas:: {N} (boektitel); .

wvete:: {K} verzachten, lenigen.

wvetos:: {C} verzachting, leniging.

ww:: {!} waf!, woef! (geluid v grote/middelmatige blaffende hond).

wze:: {K} lijden aan (ziekte ed).

Wazemmche:: {N} (tankstation langs de M82; gemeente Mnin); .

Wazemmche-mliy:: {G} (mliy-gebied, globaal in de gemeenten Fraja en Mnin); .

Wazemmche-mliy-pt:: {W} .

Wazemmche-weg:: {W} .

wzeniy:: {I} beroerd, ziek.

wzer:: {C} lijder, zieke, patint.

wzos:: {C} het lijden (aan een ziekte).

we::

  1. {C} (naam vd letter W).
  2. {III} ja, tja (bevestiging die met tegenzin gedaan wordt); aftel tu tisjano? we: ben je gezakt? tja..., hm.
  3. {!} h!, h!, hallo!, zeg! (uitroep om aandacht te trekken); we! tu k'mi?: h! wat doe jij hier? (verbazing, blijdschap).

wee:: {U} fladderen.

weos:: {C} (alg) gefladder; (pop) flodderig kledingstuk.

wee:: |wewe| {!} wewe.

Weeftiya:: {F}.

Weelfa'ecos-deprtemen:: {N} (afk= WFA) (voormalig ministerie); .

Weena:: {F/M}.

Weert:: {F}.

Weertiy:: {F/J/M} (Gar).

Weert-vender:: {W} .

Wees:: {F}.

Weesel:: {F}.

wff:: {gst} wvle.

We fit risinar!:: {N} (boektitel); .

Wefoiy:: {J}.

Wefoiy ef mn:: {N} (boektitel); .

wefot::

  1. {Aef} westen; armt ~: in het westen; Hirdo armt ~ = armt ~ fes Hirdo: in het westen van Hirdo; (sprkw) ef ~s nert melde ef oppers: (wordt gezegd tegen iemand die op een domme manier twee zaken of namen met elkaar verwart); kbo.
  2. {I} west[elijk].
  3. {VZ} (plaats) ten westen van; ~ Hirdo: ten westen van Hirdo.

Wefot-albos:: {W} (stadswijk in Zest); .

Wefot Canaz-wuma:: {G} (bos; gemeente Fach); .

Wefot-cap::

  1. {G} (kaap op zuidwestpunt v Lomky; 118 m hoog); .
  2. {N} (vuurtoren; gemeente Autaniy); .

Wefot-cx:: {W} .

Wefot-Cheetucj:: {G} (rivierarm in de Cheetucj-delta); .

Wefot Clamia-wuma:: {G} (bos; gemeente Sinto-Manta (LA)); .

Wefot-Coett:: {G} (zijriviertje vd Bermt); .

Wefoteka:: {G} (dorp; gemeente Autaniy).

Wefot-eka:: {G} (kustwater rondom oostelijke punt v Kina bij Autaniy); .

Wefot-Eka:: {W} .

Wefot Energiy-weg:: {W} .

Wefot Ertos:: {W} .

Wefot-ertos:: {W} (stadswijk in Zest); .

Wefot-Fabrokiy-weg:: {W} .

Wefot-Faln:: {G} West-Falen.

Wefot-gmolt:: {G} (rivierarm in de Plafot-delta); .

Wefot-Hgtsa:: {G} (nauwe zeestraat tussen de eilandjes Mantahynne en Hgts; feitelijk onderdeel vd zeestraat Ef Moefiy); .

Wefot Hgts-pnt:: {N} (verkeersbrug over de Wefot-Hgtsa; gemeente Sinto-Manta (LA)); .

Wefot Halepoes-klemk:: {N} (klemk; gemeente Halepoai); .

Wefot-Hra-fresta:: {G} (bos; gemeenten Akm en Noniy); .

Wefot-Honnemeg:: {G} (westelijk deel v Honnemeg-heuvelgebied); .

Wefot Honnemeg-mliy:: {G} Wefot-Honnemeg.

Wefot-Jiynk:: {G} (beek; gemeenten Mena en Tona a/e Grt); .

Wefotkanas:: {G} (dorp; gemeente Kurriy).

Wefot Keldus-weg:: {W} .

Wefotkents:: {G} (woongemeenschap; gemeente Blort); .

Wefot-Kjoep:: {G} (riviertje van Hajega-gebergte naar de Kjoep); .

Wefot-klarbr:: {W} .

Wefot-klarbr-weg:: {W} .

Wefot Korda-mirra:: {W} .

Wefot-Krappa:: {G} (rivier van Krappa-gebergte naar de Krappa); .

Wefot-Kryobiy:: {W} .

Wefot Kryos-plep:: {W} .

wefot-lango:: {VZrs} (richting) ten westen langs; kirro ufire ~ Hirdoe: wij rijden ten westen langs Hirdo; wij rijden Hirdo aan de westkant voorbij.

Wefot-Laperiy-lirrotiy:: {W} .

Wefot Lebet-mirra:: {W} .

Wefot Leije:: {G} (rivierarm; gemeente Balier); .

Wefot Lofipana-mes:: {G} (bos; gemeente Troebasrt); .

Wefot-mirra:: {W} .

Wefot-Mliy:: {G} (dorp; gemeente Mnt).

wefot-nutter::

  1. {Aef} noordwesten; armt ~: in het noordwesten; Hirdo armt ~ = armt ~ fes Hirdo: in het noordwesten van Hirdo.
  2. {I} noordwest[elijk].
  3. {VZ} (plaats) ten noordwesten van; ~ Hirdo: ten noordwesten van Hirdo.

Wefot-Opper-pola:: {W} .

wefot-ovap:: {III} aan de westkant.

Wefot Palamiy-fresta:: {G} (bosgebied in de Krappa-vallei); .

Wefot Pitla-plder-weg:: {W} .

Wefot-plep:: {W} .

Wefot-pola:: {W} .

Wefot-Prek-fresta:: {G} (bos; gemeente Jajes); .

Wefot-Priyfiy-fresta:: {G} (bos; gemeenten Hutnsch en Mena); .

Wefot Prusot-mirra:: {W} .

Wefot-Rne:: {G} (zijrivier vd Klinnr); .

Wefot-Samoa:: {G} West-Samoa.

wefot-efc:: {C} (afk= We) westerlengte.

Wefot Slit-mirra:: {W} .

wefot-spoknda:: {C} Spokanisch, Spokaans (belangrijkste Spok dialect, gesproken op vrijwel geheel Berref, West-Liftka en West-Tigof; de standaardtaal in Spok, behandeld in dit woordenboek).

Wefot-Spooksoliy Benc:: {N} (afk= WeSpo) "West-Spokanische Bank" (voormalige bank te Hirdo); .

Wefot Tlp-weg:: {W} .

Wefot Taris-terf:: {W} .

Wefot Terpa-mirra:: {W} .

Wefot-toffik:: {N} (biermerk uit Liyrotyka); .

Wefot-Urapas:: {G} West-Europa.

Wefot Uza-bonar:: {W} .

wefot-vars:: {C} Californische sering (L. Ceanothus thyrsiflorus).

wefot-wertlane:: {I} westers (in Europa of Verenigde Staten).

Wefotzeces:: {G} (dorp; gemeente Kussik).

Wefot-Zmbaraka:: {N} (veerdienst); .

weg:: {C}

  1. weg, straat; kaf ef ~: op de weg; kaf ef kofano ~: op de openbare weg.
  2. spie, wig.

Weg:: {W} .

WEG:: {afk}

  1. Wegsrt-Cmpano.
  2. Wencaten ef grgent.

Weg I:: {W} .

Weg II:: {W} .

Weg III:: {W} .

Weg IV:: {W} .

Weg V:: {W} .

Weg 219:: {W} .

Weg S 12A:: {W} .

weg-ef-ovap:: {C} zijweg.

weg-hor:: {C} wegnummer.

Weg hor ...:: {W} (genummerde weg die ook als officile straatnaam fungeert, bijv Weg hor 12); .

Weg jen ef Prusots:: {W} .

Weg 'kar'ef Hely:: {W} .

weg-keldatjen:: {C} weggebruiker (jur: persoon, voertuig, rij- of trekdier dat zich op de openbare weg bevindt); .

Weg-na-Astiy:: {W} .

Weg-na-Aber:: {W} .

Weg-na-Abert:: {W} .

Weg-na-Amahagge:: {W} .

Weg-na-Amentlestu:: {W} .

Weg-na-Andel:: {W} .

Weg na Aschen:: {W} .

Weg-na-Balier:: {W} .

Weg-na-Be:: {W} .

Weg-na-Blort:: {W} .

Weg-na-Bomy:: {W} .

Weg-na-Chornitt:: {W} .

Weg-na-Cleft:: {W} .

Weg-na-Crevo:: {W} .

Weg-na-ark:: {W} .

Weg-na-Doder-srt:: {W} .

Weg-na-nherivo:: {W} .

Weg-na-Eamiy:: {W} .

Weg-na-Ef Prenkiy:: {W} .

Weg na Ef chis:: {W} .

Weg-na-Est:: {W} .

Weg-na-Faremoe:: {W} .

Weg-na-Festruna:: {W} .

Weg-na-Feutm:: {W} .

Weg-na-Fexa:: {W} .

Weg-na-Fjer:: {W} .

Weg-na-Fleer:: {W} .

Weg-na-Flem:: {W} .

Weg-na-Flo:: {W} .

Weg-na-Fls:: {W} .

Weg-na-Freeg:: {W} .

Weg-na-Gaquggee:: {W} .

Weg-na-Grlab:: {W} .

Weg-na-Hcr:: {W} .

Weg-na-Halefiytj:: {W} .

Weg-na-Ilderrt:: {W} .

Weg-na-Juleg:: {W} .

Weg-na-Kiljiy:: {W} .

Weg-na-Kliyft:: {W} .

Weg-na-Kreozy:: {W} .

Weg-na-Kla:: {W} .

Weg-na-Laben:: {W} .

Weg-na-Laffenet:: {W} .

Weg-na-Laloje:: {W} .

Weg-na-Liyrotyka:: {W} .

Weg-na-Lnges:: {W} .

Weg-na-Lor:: {W} .

Weg-na-Lost:: {W} .

Weg-na-Manes-Tts:: {W} .

Weg-na-Merunu-srt:: {W} .

Weg-na-Moleije:: {W} .

Weg-na-Molen:: {W} .

Weg-na-Myss:: {W} .

Weg-na-Oblemiy:: {W} .

Weg-na-mber-fes-ef-Fresta:: {W} .

Weg-na-Penenen:: {W} .

Weg-na-Piyyate:: {W} .

Weg-na-Plekotex:: {W} .

Weg-na-Plenk:: {W} .

Weg-na-Quacr:: {W} .

Weg-na-Quitas-Olas:: {W} .

Weg-na-Qula:: {W} .

Weg-na-See:: {W} .

Weg-na-Sinto-Her:: {W} .

Weg-na-Sinto-Hirdo:: {W} .

Weg-na-Sinto-Manta:: {W} .

Weg-na-Sinto-Valgja:: {W} .

Weg-na-Stant:: {W} .

Weg-na-Tkle:: {W} .

Weg-na-Tarejo:: {W} .

Weg-na-Tearo:: {W} .

Weg-na-Teereso:: {W} .

Weg-na-Tejho-Klea:: {W} .

Weg-na-Teujan:: {W} .

Weg-na-Teujan ef Ovap:: {W} .

Weg-na-Teujo:: {W} .

Weg-na-Tulnn:: {W} .

Weg-na-Tuniy:: {W} .

Weg-na-Ula:: {W} .

Weg-na-Wrf:: {W} .

Weg-na-Xals:: {W} .

Weg-na-Xcramiy:: {W} .

Weg-na-no:: {W} .

Weg-na-rst:: {W} .

Weg-na-Zeone:: {W} .

Weg-na-Zobid:: {W} .

Weg-na-Zmgen:: {W} .

Wegm:: {W} .

weg-repareros:: {C} (afk= WR) wegenwacht; .

Weg rifo ef Lmbe-muts:: {W} .

Weg rifo ef Lemnsa:: {W} .

Weg rifo ef Prgts:: {W} .

Weg rifo Vldes:: {W} .

weg-ryf:: {C} rijstrook.

wegsrt:: {C} (accommodatie langs autosnelweg: tankstations met restaurant en evtl motel, camping, winkel, garage ed); Wegsrt TC.

Wegsrt TC:: {N} (maatschappij die de wegsrts langs de autosnelwegen exploiteert); .

Wegsrt-Cmpano:: {N} (afk= WEG) (motel-maatschappij, onderdeel v Wegsrt TC; .

wegsrte:: {U} ~ luft: aanleggen bij (herberg ed).

Wegt-Cryrre-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Crelco); .

wegte:: {U} schiften (v melk).

weg-tult:: {C} rijbaan.

Wegt-weg:: {W} .

Wegukeer:: {W} .

Weguza:: {G} (voormalig dorp; nu een wijk v Minde); .

Weguza-lirrotiy:: {W} .

weh:: {C} wee (zn).

wehave:: {K} bedwingen, beheersen; onder controle krijgen.

wehaver:: {C} (pop) zonnewijzer (trad Spok, in fallusvorm); fort-wehaver.

wehavos:: {A} bedwinging, beheersing.

wehote:: {K} [bijeen]pakken.

wehotos:: {C} bijeenpakking, het [bijeen]pakken.

wein:: |wen| {S} wijn; (sprkw) liftkar ~ fes kleter rlots: oude wijn in nieuwe zakken; weinoh.

weinoh:: |wenoh/wen| {C} [glas] wijn; wijnsoort; wein.

Weinoh-agens:: {Gmv} (landbouwgebied; gemeente Toleo); .

Weinoh-fresta:: {G} (bos; gemeenten Afarcal en eftaliy); .

Weinoh-seert:: |wenoh-| {N}

  1. (intiem theatertje in Amahagge); .
  2. (motel langs de M2; gemeente Pageri); .

Weinoh-weg:: |wen-| {W} .

Wein-mirra:: |wen-| {W} ; (DOM 83).

Wein-pt:: |wen-| {W} ; (DOM 83).

Wein-plkom:: |wen-| {N} (spoorwegtunnel; gemeente Trobensta); .

weinram:: |wen..| {C} wijnkaart; prijslijst van wijnen in een restaurant of caf.

weinrif:: |wen..| {C} wijnmaker.

Wein-terf:: |wen-| {W} .

weje:: {!} "hortsik" (koetsiersroep: aansporing tegen trekdier).

wekke:: {E} kwaken (v kikkers).

wekkos:: {C} gekwaak (v kikkers).

wkorare:: {K} (alleen ontkennend) gress nert ~ ef: het kan me niet[s] schelen.

wkore:: {K} ~ flj n rst: iemand betichten van iets.

wkoros:: {A} betichting.

Wekriy-pt:: {W} .

Wekriy-plep:: {W} .

wle:: {K} wegvagen; vervagen.

wlfae:: {K} ontwikkelen (ontwerpen v nieuw product ed).

wlfaec:: {I} ontwikkeld (land).

wlfaecare:: {U} ~ tukst: zich ontwikkelen tot; tot gevolg hebben.

wlfa'ece:: {K} ontwikkelen.

wlfa'ecos:: {A} ontwikkeling.

wlfaos:: {A} ontwikkeling (ontwerpen v nieuw product ed).

wlfaark:: {C} ontwikkeld land.

welfte:: {U} ~ n/furt: zwichten voor (furt is minder correcte spr).

welgte:: {K} stampen (met voet of werktuig: samendrukken, verpulveren).

welgter:: {C} stamper (werktuig).

welgtos:: {C} gestamp, het stampen.

weliyp:: {C} paardenstaart (in menselijk haar).

Weljn:: {J} (Gar).

welk:: {C; mv= ~a} [gele] lis (L. Iris pseudacorus).

welka:: {mv} welk.

Wellington:: {N} (landhuis; gemeente Tulnn); .

Welm:: {J} Willem.

welme:: {K} wemelen van, warrelen van; ef mirra ~ veldurs: op straat wemelt het van de mensen.

welmut:: {C} goed humeur; ef putte flj luft ~: iets voor lief nemen.

wlos:: {C} wegvaging; vervaging.

Welsana:: {Cef} Welse (bewoonster v Wales).

welsnda:: {C} Wels[h] (taal v Wales).

Welsann:: {Cef} Wel (bewoner v Wales).

Welse:: {G} Wales.

welse:: {IIef} Wels[h] (uit Wales).

Welun:: {J} Willem.

wm:: {III} voorgoed, definitief.

wmagen:: {III} vrijwel, zo goed als.

wemp:: {C} zanik, zeurpiet.

wempare:: {K} zaniken over, zeuren over.

wempe:: {E} zaniken, zeuren.

wempelira:: {I} zeurderig (v geluid, pijn).

wempos:: {C} gezanik, gezeur.

wena::

  1. {C} moerasstroom, waterloop door een moeras.
  2. {I; =ot v tar 1} [het] dichtstbij; tar.

Wena:: {G} (stad in Bloi); (DOM 148).

Wena-Klk:: {G} (rivier van de Klk naar Ef Larmin); .

Wena-Port:: {W} .

Wens:: {G} (stad in Plef).

Wens-kl:: {G} (bergpas in Az-gebergte; 613 m hoog); .

Wens-ses:: {G} (stuwmeer in district Plef); .

Wens-ses-sentraliy:: {N} (elektriciteitscentrale; gemeente Plafot); .

Wena-terf:: {G} (zeestraat tussen Rurf en Ergnt-moeras bij Wena); .

Wenberg:: {F} (Wijnberg).

wenct:: {I} (lett) onverteerbaar; duurzaam, bestendig, degelijk; ef tinde fes ~: behouden blijven (niet verdwijnen/veranderen).

wencatamer:: {A; mv=enk} houdbaarheid.

wencatamiy:: {I} houdbaar (v levensmiddelen).

wencatare:: {K} verwerken (geestelijk, emotioneel).

wencataros:: {A} verwerking (geestelijk, emotioneel).

wencate::

  1. {K} [be]houden (niet wegdoen/verliezen; situatie laten zoals die is); drijven (v handel); ophouden (v hoed); aanlaten (v jas); aanhouden (v voorraad ed); houden (v dieren); ef ~ ef srt: thuisblijven; in huis blijven; eup ~ sener waler lo fesrt: ze houdt haar zoon thuis; tu wencatt ef upa lo scrl: je moet de soep warm houden; ps ~ vults: ze houden kippen; ps ~ eft pijos: ze houden een bijeenkomst (met de nadruk op het actief bezig zijn of faciliteren; ef ~ eft gadros: een vergadering houden (vergaderen); qugle e.); lo ~lira ... (vz-uitdr): met behoud van ...; do tinde beri ~ [ef mntyosz]: hij blijft [met de problemen] zitten (er niet van afkomen).
  2. {Upr} doorgaan (niet afgezegd worden: v afspraak ed); ef prap ~ fara zjecer n (n is vz): borg staan/blijven voor; ef efa ~ vk do: dat keert zich tegen hem.

wencate-armt:: {K} bijhouden (onderhouden v woning ed; actueel houden v administratie ed; in stand houden v gezondheid ed).

wencatelira:: {tdw} wencate.

Wencaten ef grgent:: {N} (afk= WEG) "Behoud het verstand" (stichting ter bevordering vd verkeersveiligheid dmv reclamecampagnes ed; in Conityje); .

wencater:: {C}

  1. reservoir;
  2. houder (v paspoort, rijbewijs, bedrijf ed); (bijv) kaniyl-wencater: kennelhouder.

wencate-tij:: {K} (lett) afhouden (v boot ed).

wencatos::

  1. {C} houding.
  2. {A} behoud.

Wencatos rifo Liftkar Arnkanolacs:: {N} (afk= WLA) "Behoud van Oud Spoorwegmaterieel" (voormalige stichting in Jareuc; nu veranderd in de spoorwegmaatschappij Opper-Brr-Lnts); .

wencatos-armt:: {A} bijhouding, het bijhouden (v woning, administratie ed).

wencatos-tij:: {C} (lett) het afhouden (v boot ed).

Wender:: {F}.

Wender & Wender:: {N} (uitgeverij in Tanburo); .

Wen-klt:: {G} (beek; gemeenten Eterctiy-srt, Huron-srt en rnajec); .

wenp:: {C} knipoog.

wenpe:: {U} knipogen.

Wensls:: {J} Wenslas.

Went:: {G} (stad in Ziyp).

wentare:: {Upr} ~ armt: zich wenden tot.

wente:: {K} [om]draaien, wenden, omkeren.

wentos::

  1. {C} (lett) wending, omdraaiing.
  2. {A} (fig) wending.

wepriyl:: {S} afgedankte kleren, oude lappen, lorren.

wepriyliy:: {I} onbruikbaar.

Wequh-jakm:: {G} (agrarische streek ten noorden v Trondom); ; (DOM 132).

Wequsta:: {G} (riviertje van Wequh-vlakte naar de Zrf); .

werene:: {K} kruien (vervoeren).

werenos:: {C} kruiing, vervoer per kruiwagen.

werentenolac:: {C} kruiwagen.

werf:: {I} confuus, verward; ef kette ~ n: (fig) verwarren.

Wergncjerts:: {F/J} (Gar).

werx:: {VZ} (richting) tegemoet; do farte ~ gress: hij loopt mij tegemoet.

werx-:: {PX.c} tegemoetkomend (in het verkeer); (bijv) werx-oto: tegenligger, tegemoetkomende auto; werx-blof: tegemoetkomend rijpaard; werx-kar: tegenligger, tegemoetkomend schip.

werxare:: {K} tegemoet treden.

werxe:: {K} (fig) benaderen, bejegenen; aanpakken; nemen (beschouwen als); gress ~ groft ulotosz lo terat serio ki: ik neem zijn aantijgingen zeer serieus.

werxiy::

  1. {Aef; mv= ~s} clementie, welwillendheid.
  2. {I} (lett/fig) tegemoetkomend.

werxos::

  1. {C} (dl= Noord-Berref/Noord-Liftka/Teujan) tegenwind.
  2. {A} (fig) benadering, bejegening.

Wersja:: {J} (Gar).

wrt:: {I} rauw, grof (opmerking/geluid); ruw, scherp (wind).

wertknfe::

  1. {K} ruchtbaar maken.
  2. {Upr} ruchtbaar worden.

wertl:: {C} wereld; ef utfin ~: de wijde wereld; ef lelpiru ~: het hiernamaals; flj chaquinde fes ef ~: er is sprake van iets.

Wertl-benc:: {N} Wereldbank.

wertl-bof:: {C} ef tine ef ~: door de wol geverfd zijn (veel seks- of reiservaring hebbend, en hierover opscheppend).

wertl-crzramos:: {C} opwarming van de aarde.

wertl-huldufit:: {I} wereldberoemd.

wertl-hurdog:: {C} wereldstad (behoeft niet beslist een hoofdstad te zijn).

Wertl-lebet-rganisao:: {N} (afk= WL) Wereldhandelsorganisatie (WTO).

wertlane:: {I} in de [hele] wereld.

wertl-part:: {C} werelddeel.

wertl-sgns:: {C} wereldrecord.

wertlte:: {I} wereldlijk; werelds.

wertl-tjef:: {C} wereldbeeld (zoals je de wereld ziet).

wertl-wsr:: {C} wereldoorlog.

Wertl-wsr:: {N} Wereldoorlog; ~ Eer/Ten: Eerste/Tweede Wereldoorlog.

Wertu'ariy:: {F}.

Wertu'ym:: {F}.

werty:: {C} overlevering.

Werty:: {N} (commercile tv-omroep); .

wertye:: {K} overleveren; smokkelen.

wertyer:: {C} (alg) smokkelaar; (pop: schrijfmachine of toetsenbord waarop de letters in de volgorde QWERTY zitten; sinds ca 1960 ook in Spok, voor die tijd kende men ook de Franse AZERTY-volgorde).

Werty-mirra:: {W} .

wervare:: {K} opschieten (oprollen v touw/kabel); opspoelen.

werve:: {U} gekronkeld zijn; gekruld zijn; kinken bevatten.

werviy:: {C} kluwen, knot (wol); ef tine eft ~ fes sener/ef motrik: met zijn mond vol tanden staan; do melde zlf ef ~: hij heeft zich in de nesten gewerkt.

wervos:: {C} (alg) gekronkel; (ihb) krul; kink (in touw).

wervoser:: {C} bochtige smele (grassoort) (L. Deschampsia flexuosa).

ws:: {C} erf (bij boerderij).

Weser:: {G} Wezer (rivier).

Weser-mirra:: {W} .

Wesi:: {F/J}.

Wesi Neee-plep:: {W} .

Wesi Neee-siyclo:: {W} .

WeSpo:: {afk} Wefot-Spooksoliy Benc.

westare:: {K} schetteren, grote mond opzetten, luidruchtig beweren.

westaros:: {C} geschetter; grote bek.

west-boert:: {C} mormel, nijdige vrouw, ruziezoekend wijf.

weste:: {K} (alg) ruw, met happen afknippen; (dl= Centraal-Berref) snoeien (v heg).

westos:: {C} (alg) het ruw afknippen; (dl= Centraal-Berref) het snoeien (v heg).

wet::

  1. {I} weer, opnieuw.
  2. {afk} wetestof.

wete:: {mv} wt.

wetr:: {VG} (emfatische tegenstelling) ~ ... wetus: hetzij ... hetzij; kirro arfine ~ mas wetus mas-kura: we komen hetzij morgen, hetzij overmorgen; ~ Elsa caribe ef kelbra, wetus eup lukte ef toknuf, eup zurre riyfain luft ef: hetzij Elsa de tafel dekt, hetzij ze de afwas doet, ze moppert er altijd bij; (= wet 1 + r 3).

wetestof:: {Cef} (afk= wt of wet) woensdag.

wethuder:: {C} (in Spok: wethouder in een gemeente); wethuder.

wethuder:: {C} (in Spok: college v wethouders binnen de zomar ("gemeente"), bestaande uit 4 tot 20 wethuders); .

Wetja:: {M} (Gar).

Wetja-fonis:: {G} (inham bij de Plafot-delta); .

wetoss:: {gst} wetozje.

wetozje:: {K; gst= wetoss} (vrnl fig) een blik werpen op.

wtriyn:: {C} kwaliteit, soort (met de nadruk op de eigenschap); menah.

wtriyniy:: {I} kwalitatief (betreffende de soort).

wetus:: {VG} wetr; (= wet 1 + dus).

wvle:: {U; gst= wff} [rond]tollen.

wvlos:: {C} getol.

Wevriy:: {M}.

wewe:: {!} waf! (geluid v kleine blaffende hond).

weza:: {C} geruis, het ruisen (riet, wind).

WFA:: {afk} Weelfa'ecos-deprtemen.

whiskey::

  1. {C} glas whiskey.
  2. {S} (Iers en Amerikaans) whiskey.

whisky::

  1. {C} glas whisky.
  2. {S} (alg) whisky.

White:: {F} (Eng).

wial:: {S} walm.

wialale:: {U} walmen (kaars ed).

wibe:: {I} rank, slank.

wie:: {K} verwijzen naar, refereren aan; lef ~ rifo (vz-uitdr): onder verwijzing naar.

wios:: {C} verwijzing; tuksof sompelira ~ (afk= t.s.w.): tot nader orde.

wiff:: {C} (arch) hoer.

wign:: {C} held; n.

wiger:: {C} gewei (v hert ed); wyger.

wiger-snerf:: {C} vliegend hert (kever) (L. Lucanus cervus).

wik::

  1. {C; mv= regelm.} [suiker]klontje.
  2. {C; mv= ~a} bad[kuip]; (spr) ef melde fes ef ~: in bad zitten; ef sel ~: het zilte nat (= de zee).

Wik:: {G} (waterstroom in Ergnt-moeras); .

wika:: {mv} wik 2.

wik-ager:: {C} badstrand (strand met faciliteiten om te zwemmen ed).

Wik-ager rifo ef Tjftrs:: {N} (badstrand; gemeente Fonist); .

Wikala:: {N} (winkelketen voor badkamerinrichtingen en badkuipen); .

wikare:: {K} betten, deppen.

wikaros:: {C} tewaterlating; ef kette eft ~ n eft kar: een schip te water laten.

wikatjen:: {C} badgast.

wike::

  1. {U} baden.
  2. {Upr} in bad zitten.

wike-gs:: {C} badgast.

Wike-pavelonn:: {N} (badpaviljoen in Amahagge, met strand aan de Larmin-kust; voornamelijk een horeca-gelegenheid); .

wikfsto:: {C; mv= ..fste; rsmv= ~tt} badhanddoek.

wikfste:: {mv} wikfsto.

wikfstott:: {rsmv} wikfsto.

wik-hotela:: {C} badhotel (particulier hotel aan zee of meer).

Wik-hotela Mclajoh:: {N} (badhotel op gelijknamige eilandje); .

wik-kas:: {C} badjas, badmantel.

wik-keste:: {C} badhokje.

wik-knok:: {C} ham (gemarineerd en gestoofd).

Wik-lirrotiy:: {W} .

Wik-Liry:: {N} "Badrust" (Bergparel-hotel in Ztso-ef-Wik (Afacha)); .

wiklot:: {C} badkuip (groter dan wikpt).

wik-lup:: {C; mv= ..-lps} bassin, [water]bekken.

wik-lps:: {mv} wik-lup.

Wik-museem:: {N} "Badmuseum" (museum bij Lammafin); ; (DOM 92).

wikos:: {C} het baden; ef putte eft ~: een bad nemen.

Wik-pt:: {W} .

wikpt:: {C} badkuip (kleiner dan wiklot).

Wik-seert:: {N} (badpaviljoen in Alas (Flp)); .

Wikseert-mirra:: {W} .

wik-srt:: {C} badhuis, badinrichting.

wiksr:: {C} badplaats.

wikto:: {C} (arch) bad; wik 2.

wiktomit:: {C} badkamer.

wila:: {wst} wila'e.

wila'e:: {K; gst= wilat; wst= wila} vlechten, ineenstrengelen.

wila'os:: {C} ineenstrengeling.

wilat:: {gst} wila'e.

Willem:: {J} (Ned).

William:: {J} (Eng).

William Fesk-lirrotiy:: {W} ; (DOM 83).

William Fesk-mirra:: {W} ; (DOM 83).

Wilmaler:: {F}.

wiltrer:: {C} onstuimigheid.

wiltriy:: {I; [mv=enk]} onstuimig.

wiltro:: {C} woesteling, onbehouwen persoon.

Wima:: {G} (dorp; gemeente Crbast-srt).

winde:: {E} kronkelen.

windos:: {C} (alg) gekronkel; (spr) kronkelweg.

Winsen:: {F}.

wint:: {I} kronkelend, kronkelig.

Wint:: {G} (beek langs Ies); .

Wint-cliyn:: {N} (landhuis; gemeente Seertzeekoles); .

Wint-cliyn-rnter:: {W} .

winter:: {C} windhond.

Wint-pnt-mirra:: {W} .

wisk:: {C} (pop) glas whisk[e]y.

wispel:: {C} kleptuimelaar (in motor).

wispele:: {U} wankelen, waggelen.

wispelen:: {I} (lett) wankelbaar.

wispelos:: {C} gewankel, gewaggel; waggeling.

Wiss:: {G} (riviertje van Rurf-top naar Larmin-straat); .

Wisse::

  1. {F/J/M}.
  2. {N} (voormalige uitgeverij in Mollefin); .

witlyre:: {U} ~ luft: (fig) afwijken van (een regel/mening).

witlyros:: {A} (fig) afwijking (v regel/mening).

witt:: {C} caf, kroeg (in grote stad; witt is niet gebruikelijk op Berref en in Amahagge en omgeving); kirro lelperre eft quergos fes ef Ef Liftkar c-witt (let op het dubbele lw!): wij hebben een afspraak in caf De Oude Eik.

wiyft:: {C} neusgat.

Wiykel:: {N} (papierrecyclingfabriek in Tosiy); .

wiyrk:: {Cid} uitzetting||inkrimping; belt-~ = ~-puttos: [in]krimping, slinking (lett; door droogte ed); hupster-~ = ~-kettos: uitzetting, opzwelling (lett; door vocht); ef crot kette eft ~ fes kpony: het hout krimpt (door de droogte); ef crot kette eft ~ fes oo: het hout zet uit (door het vocht); ef kuvi kette eft ~ fes kpony: het veen klinkt in; ef crot-wiyrk[os]: de werking van het hout.

wiyrkos:: {C} wiyrk.

wiyrk-tufriffer:: {C} uitzettingscofficint.

wiys:: {C} vlakgom, gummetje.

wiyss:: {gst} wiysve.

Wiyst:: {J}.

wiysve:: {K; gst= wiyss} inrichten (v huis ed).

wiysvos:: {C} inrichting, het inrichten (v huis ed).

wiysvosiy:: {C} inrichting (voorwerpen waarmee een huis ingericht is).

wiytlas:: {I} onafgewerkt; onbepaald (niet begrensd).

Wjancher:: {J} (Gar).

Wjancj:: {M} (Gar).

WLA:: {afk} Wencatos rifo Liftkar Arnkanolacs.

WL:: {afk} Wertl-lebet-rganisao.

Wocca:: {F}.

woche:: {C; mv= wx} spijl, tralie.

wochos:: {C} [droog]rek (elk voorwerp dat uit een soort traliewerk bestaat).

woclaxe:: {U} toeteren, claxonneren (auto).

woclaxer:: {C} toeter, claxon (auto); tyfoon (trein).

woclaxos:: {C} getoeter, geclaxonneer; toeterconcert.

wme:: {U} verrotten.

wmos:: {C} verrotting.

wdeniy:: {I} onbegaanbaar (weg, pad).

wdenn:: {C} ravijn, afgrond.

Woenakbo-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente rbas); .

Woena-Plst:: {G} (rivierarm vd Plst; gemeente rbas); .

Woena-slosecr Yzlt:: {N} "Sage van de Noordentrek".

Woenzol-reks:: {N} "Weerserie" (serie tenderlocomotieven); .

Woesecr Kostoh:: {N} "Geest van de Plek" (omschrijving voor Sylle, de personificatie vd Beslissing over wat behouden blijft en wat vergaat); ws; ; (DOM 132).

Woes-mirra:: {W} .

Woes rifo Sinto-Jenu:: {G} (bos bij Aboris-Sinto-Jenu); .

Woet:: {G} (dorp; gemeente Reo).

Woet-lemns:: {N} (grafheuvel; gemeente Reo); .

wg:: {C} geblaf.

Woidano:: |wdano|

  1. {F}.
  2. {N} (uitgeverij in Minde); .

woiyste:: {K} benutten; waarnemen.

woiystos:: {A} benutting; waarneming.

wks:: {C} grill, vleesrooster.

wks-knocire:: {K} grilleren, grillen.

wola:: {S} wol.

wola-beks:: {C} beverrat (L. Myocastor coypus).

wola-cralo:: {C} pluisjesmos (L. Dicranella heteromalla).

wola-flyddere:: {C} blakker ~: bastaardsatijnvlinder (L. Euproctis chrysorrhoea); ifer ~: donsvlinder (L. Euproctis similis).

wolaji:: {C} querulant, ruziezoeker, probleemmaker.

Wola-kah:: {W} .

wola-kelte:: {C} "wolboer" (alg: boer die schapen houdt; ihb: boeren in en om de Hazcki-polder, die zelf spinnen en de wol op de markt in Opjevu verkopen).

Wola-mirra:: {W} .

Wola-museem:: {N} "Wol-museum" (museum bij Opjevu); .

Wola-plep:: {W} .

wola-pt:: (= wola-putt) {C} "wolpoet" (Spok soort schapendoes met dikke grijze tot zilverkleurige krullende vacht; zeer populair bij de wolboeren in Ren); wola-kelte; .

wola-putt:: {C} wola-pt.

Wola-seert:: {N} (restaurant en pension in Toneija); .

Wola-weg:: {W} .

woliy:: {I} wollen, van wol gemaakt.

wolt:: {I} wollig.

wlp:: {III} ineens, plotsklaps.

wlpie:: {K} ingrijpen in.

wlpios::

  1. {C} ingreep (medisch ed); eft ~ rifo ef kolestiy-rigt: een ingreep in (een aantasting van) het recht op onderwijs.
  2. {A} ingrijping, het ingrijpen.

wolte:: {K} ~ rst kura flj: onderhandelen met iemand over iets.

woltos:: {C} onderhandeling.

wmpiy:: {C} stelsel.

wna:: {C} noorden; fes ~ (afk= f/w): in het noorden, ten noorden van; A melde rifo B fes ~: A ligt ten noorden van B.

wner:: {C} zuidenwind (die naar het noorden waait).

wniy:: {I; [mv=enk]} levenskrachtig, vitaal.

woniyngo:: {I} vreselijk, verschrikkelijk.

wonn:: {!} oeps! (uitroep v grote verbazing/verwondering); one.

wonoisse:: {E} tevreden zijn.

wonoissos:: {A} tevredenheid.

Wnts:: {G} (dorp; gemeente ac).

wnzol:: {C} weer[sgesteldheid]; koffon ~: "dood weer" (windstil en nevelig, zodat het landschap er roerloos en stil bij ligt; zonder beweging en geluid).

wnzolatjen:: {C} (Erg) weergod.

wnzol-balna:: {C} weerballon.

wnzol-dxos:: {A} weersverwachting.

wnzol-tden:: {C} weerbericht.

w:: {!} ww.

Word order and acceptance in Spocanian:: {N} (boektitel); .

wornut:: {C} sluier (bij Spok klederdracht); .

Wree:: {J}.

wor:: {I} bezorgd, ongerust.

wortiy:: {SC} bezorgdheid, ongerustheid.

ws:: {C; mv= ~a} plaats, plek, punt; kaf dena ~: op deze plek/plaats; kaf ef dres ~: ter plaatse; (fig) ef ~a eksistere fti furt ef ralfort: hiervoor is tegenwoordig geen plaats meer.

wsa:: {mv} ws.

wspaine:: {K} laten, leggen (zorgen dat iets op een plek aanwezig is); tu ef flappa ~ r?: waar heb je de vulpen gelaten?.

wt:: {C; mv= wete} beker, kroes, kop; do pliyfonavy mip pert wete: hij heeft veel noten op zijn zang.

wte:: {K} (vulg) [weg]flikkeren, [weg]sodemieteren.

ww:: {!} woef! (geluid v grote blaffende hond).

wx:: {mv} woche.

We:: {afk} wefot-efc.

wt:: {afk} wetestof.

wufare::

  1. {K} uitlopen, uitbotten (v gewas).
  2. {U} ~ tukst: uitlopen op, tot gevolg hebben, eindigen in (meestal iets vervelends); ef wufaro tukst eft gurnus: het draaide uit op ruzie.

wufaros:: {C} uitbotting, het uitlopen (v gewas).

wufe::

  1. {K} ontplooien, ontvouwen (vrnl fig: plannen ed).
  2. {Upr} ontkiemen (v gewas).

wufe-mip:: {K} (fig) uitbroeden.

wufmip:: {C} woordenboek.

wufmip-manta:: {C} lemma.

wufos:: {C} (lett) ontkieming; (fig) ontvouwing, ontplooiing.

wufos-mip:: {A} (fig) uitbroeding.

Wft:: {F}.

wufta:: {C} woord; ef jytae cradef ~ses (rs!): geen woord kunnen uitbrengen; ef kette ~s n rst: iemand te woord staan; ef kirture ef ~s n rast: (ook fig) iemand aan het woord laten; ef rate ef ~: het woord voeren; fes lelpiru ~s (afk= f.l.w.): met/in andere woorden.

Wufta-choos ur syntx-c:: {N} (boektitel); .

wufta-cos:: {C; mv= ~z} woordenkeus.

wufta-koffos:: {C} (taalk) woordvolgorde .

wufta-merros:: {C} woordspeling.

wufta-revertos:: {C} tekstverwerking (op computer).

Wufta m Wuma:: {N} (landschapskunst; gemeente Lapo); .

Wuftas fes Wusls:: {N} (titel dichtbundel); .

wufta-sgrf:: {I} ad rem; niet op zijn mondje gevallen.

wufta-strett:: {C} woordenwisseling.

Wul:: {M}.

Wulfa:: {F}.

wull:: {C} (persoon) beul; (gereedschap) breekijzer.

wulpare:: {U} debuteren (acteurs, auteurs, sportlieden ed).

wulpare-kafnutos:: {C} debuutconcert.

wulparer:: {C} debutant (iemand die voor het eerst in het openbaar optreedt: acteur, auteur, sporter ed).

wulpare-romn:: {C} debuutroman.

wulparos:: {C} debuut (eerste optreden).

wulpe:: {K} ontginnen.

wulpe-arr:: {C} concessie (gebied v mijnontginning).

Wulpe-arr-mirra:: {W} ; (DOM 83).

wulpos:: {C} ontginning; debuut (dat waarmee men debuteert).

wltiy:: {I; [mv=enk]} (alg) zwakzinnig; (ihb) aangeschoten, dronken.

wuma:: {C; mv= ~a; rsmv= ~tt} bos, woud.

wumaa:: {mv} wuma.

wuma-bamico:: {C} ruig klokje (plant) (L. Campanula trachelium).

wuma-blakker:: {C} boswitje (vlinder) (L. Leptidea sinapis).

wuma-eit-hng:: {C/S} bosogentroost (plant) (L. Euphrasia nemorosa).

wuma-flyddere:: {C} mes ~: kleine zomermeter (L. Hemithea aestivaria).

wuma-geranym:: {C} donkere ooievaarsbek (L. Geranium phaeum).

wuma-gert:: {C} boswachter.

wuma-iylfaciy:: {C} boswederik (L. Lysimachia nemorum).

wuma-jlp:: {C} auerhoen (L. Tetrao urogallus).

Wuma-koles:: {N} ("heroveringsschool" in Amahagge); .

wuma-ksto:: {S} wilde hyacint (L. Scilla non-scripta); blakker ~: (witte/roze soort); blotter ~: (blauwe soort).

Wuma-Liry:: {N} "Bosrust" (Bergparel-B&B in Crobela); .

wuma-lotus:: {C} "bosrolklaver" (komt alleen op Teujan en Brr voor) (L. Lotus sylvestris).

wuma-mlva:: {C} groot kaasjeskruid (L. Malva sylvestris).

Wuma-mirra:: {W} .

wuma-nertufegtsil:: {C} bosvergeet-mij-nietje (L. Myosotis sylvatica).

wuma-notte:: {C} bosandoorn (L. Stachys sylvatica).

wuma-pazzozirdos:: {C/Srs} boskruiskruid (L. Senecio sylvaticus).

wuma-perle-sientur-flyddere:: {C} bosrandparelmoervlinder (L. Argynnis adippe).

Wuma-plep:: {W} .

Wuma-qudex:: {N} (afk= WuQ) "Boswetboek" (Spok wetboek); .

Wuma rifo Dercs:: {G} (bos bij Oofo en Zeone); .

Wuma rifo Dercx:: {G} (bos; gemeenten Hajofese en Jatty (BF)); .

Wuma rifo ef Prensa:: {G} (bos; gemeente eftaliy); .

Wuma rifo Gizela:: {G} (groot bosgebied; gemeenten Duji, Empecho en Trondom); .

Wuma rifo Itsquandroh:: {G} (bos; gemeente Mnin); .

Wuma rifo Kryfa:: {G} (bos; gemeente Plef); .

wumatiy:: {I} bosachtig.

wuma-tjerkatjen:: {C} geel dikkopje (vlinder) (L. Thymelicus sylvestris).

wuma-togeffy:: {C} wilde appel (boom) (L. Malus sylvestris).

wuma-toleffy:: {C} peer (boom) (L. Pyrus communis).

wuma-tomentusar:: {C} bosaardbei (plant) (L. Fragaria vesca).

Wumatriy:: {G} (dorp; gemeente Iba); (DOM 44-45).

wumatt:: {rsmv} wuma.

Wuma-vender:: {W} .

wuma-vycc:: {S} boswikke (plant) (L. Vicia sylvatica).

Wuma-weg:: {W} .

wuma-yneler:: {C} gewone engelwortel (L. Angelica sylvestris).

wuma-rmer:: {C} bosmier (L. Formica); doffiy ~: zwarte bosmier (L. F- fusca); mindefit ~: rode bosmier (L. F- rufa).

wuma-zlnt:: {S} akkerkers (L. Rorippa sylvestris).

Wuma-zolle-meeg:: {N} (afk= WZM) "Raad voor het Bosbehoud" (samenwerkingsverband dat streeft naar goed bosbeheer; in Fameto-Toliy); .

wmpel:: {C} bosuil (L. Strix aluco).

WuQ:: {afk} Wuma-qudex.

wre:: {U} borrelen (v vloeistof); maklu.

wros:: {C} geborrel.

wurre:: {K} in slaap sussen.

Wur:: {G} (riviertje op Tuckrhynne naar Tuckr-straat); .

wusl:: {Cef} woestijn.

wusl:: {I} woestijnachtig.

Wust:: {G} (dorp; gemeente Sinto-Alycro).

Wuster-mirra:: {W} ; (DOM 211).

Wut:: {J} Wouter.

wuxare:: {K} uitkomen voor (durven zeggen: v mening ed).

wuxat:: {C} slotsom; ef ejelife ef ~: tot de slotsom komen.

wuxe:: {K} uiten (taal, mening); luchten (gemoed); vellen (oordeel/vonnis ed); lossen (schot); losgooien (v vang = rem bij windmolens); bjiyc.

wuxe-furt:: {K} voordragen, declameren.

wuxelira:: {I} aanzienlijk, belangrijk, groot.

wuxe-mux:: {C} spreektaal (in tegenstelling tot meer plechtige schrijftaal).

wuxe-vober:: {C} verschijningsvorm.

wuxos::

  1. {C} uiting, uitlating (wat geuit wordt); het lossen (v schot).
  2. {A} uiting; het uiten; het luchten (v gemoed); het vellen (v oordeel/vonnis).

wuxos-furt:: {C} voordracht, lezing, spreekbeurt.

wuxupke:: {K} (lett) uitroepen, roepend uiten; (= wuxe + rupke).

wuxupkos:: {C} uitroep (schreeuw).

wychole:: {U} standhouden.

wychole-fest:: {I} (fig) onblusbaar, niet te bevredigen.

wycholos:: {A} standhouding.

wyda:: {S} wede (blauwe verfstof uit gelijknamige plant); wyda-huron.

wyda-huron:: {C} wede (plant) (L. Isatis tinctoria).

wyde:: {C} ondeugd, stout kind.

wyde-'jan:: {C} kwajongen.

wyde-'jan-tach:: {C} kwajongensstreek.

wygcaratjen:: {C} uitgewekene, vluchteling.

wygcare:: {K} uitwijken; vluchten van/uit.

wygcarer:: {C} vluchteling.

wygce:: {U} uitwijken, opzijgaan; ~ furt: uitwijken/opzijgaan voor; gress nert ~!: dat neem ik niet!.

wygcelira:: {I} vrstrekkend (gevolgen ed).

wygce-ws:: {C; mv= ~a} asiel (voor personen).

wygce-wsa:: {mv} wygce-ws.

wygce-wser:: {C} asielzoeker; [politieke] vluchteling.

wygcos:: {C} wijkplaats; toeverlaat.

wyger:: {C} pruik; wiger.

wja:: {C} vlies, film (dun laagje).

wyje:: {K; gst= ~r} ~ tukst: wijden aan.

wyjer:: {gst} wyje.

wjo:: {C} glasplaat, glazen ruit.

wyme:: {K} doorgeven.

wmm:: {gst} wmre.

wymos:: {C} doorgave.

wmre:: {K; gst= wmm} beknotten, binden, beperken (vrijheid).

wmros:: {A} beknotting, binding, beperking (vrijheid).

wynch::

  1. {Aef} trots (zn).
  2. {I} trots (bv).

Wynder:: {F}.

Wyndriy:: {G} (dorp; gemeente Qutereeefo).

Wyndriy-pt:: {W} .

wyne:: {C} wijnstok.

Wnhus:: {F} (Wijnhuis).

wyp:: {I} steegs (v paard).

wypa:: {C} wip.

wype:: {U} (alg) wippen; (pop) zich niet op zijn gemak voelen; gress ~lira lo k: ik zit op hete kolen.

wype-nes:: {C} wipneus.

wyper:: {C} wip[plank] (in speeltuin); kwikstaart (vogel) (L. Motacilla).

wypos:: {C} gewip, het wippen.

wr:: {gst} wrre.

wror:: {vdw} wrre.

wrre:: {U; gst= wr; vdw= wror} fluiten (met de lippen; de wind); do chafoste eft ~lira chafost: hij fluit een liedje.

wrros:: {C} gefluit (met de lippen); gefloten deuntje.

wrtla:: {PX} (px-vorm v wrtlacc, indien samen met gereduceerde vorm v pv) (bijv) wrtlad = wrtlacc do: met behulp van hem; wrtlacc.

wrtlacc:: {VZ} (betrekking) met behulp van, door middel van (vrnl abstract); stus ejelife flj ~ ef scemros: met schreeuwen bereik je niets; blul kurre beri albelije ef tjel, ~ ef kaftos enn ef penitenky fes fort: straf kan vermeden worden door de boete op tijd te betalen.

wrte:: {K} assisteren (vroeger neutraal: helpen).

Wrteftiy-Kents:: {G} (voormalige Erg commune; gemeente Poriy); .

wrtsta:: {Cmv} middelen, (ihb) geldmiddelen.

wys:: {C} manier, wijze; [fes] eft serten ~: [op] een of andere manier; fes nf vluquos ~z: op geen enkele manier; fes zjut ~: op [een] rare wijze/manier (enz); fes folarra ~z: op welke wijzen (expliciet mv); fes folarra buch ~: op welke [enige] wijze (expliciet enk); vrk.

wsge:: {U; gst= wss} kronkelen.

wsge-spil:: {C} vijzel (om water op te pompen).

wsger:: {C} winde (plant; vrnl in samenstellingen zoals agen-~ = akkerwinde).

wsgiy:: {I} kronkelig.

wsgos:: {C} gekronkel.

wss:: {gst} wsge.

wss-moftos:: {C; mv= ~z} adderwortel (L. Polygonum bistorta).

wsr:: {C} oorlog.

wsrka:: {C} oorlogsschip (alg).

wsr-leldast:: {C} krijgsgevangene.

Wsr-mbriy:: {N} (monument; gemeente Tura); .

wsros:: {C} oorlogshandeling.

wt:: {C} [braad]spit; kaf ef ~: aan het spit; ef sterne flj armt ef ~: iets te boven komen (v problemen ed).

wtt:: {C} schol (drijvend ijs).

wx:: {I} droogstaand (v beek ed).

wxe:: {U} droogvallen (beek, zandbank ed).

wyzenn:: {I} (alg) huidig, hedendaags; huidig (wat nu ter sprake komt, getoond wordt, ed); ef ~ fiyrk-prac: de huidige webpagina (de pagina die nu op het scherm staat).

WZM:: {afk} Wuma-zolle-meeg.

 

© (2000) De Twee Hanen v.o.f. Kimswerd The Netherlands

DICTIO