Woordenboek
Spokaans-Nederlands | Nederlands-Spokaans

SpokaansNederlands     A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

 

NederlandsSpokaans     A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
 

y:: yche 2.

y::

  1. {PXimpr.ww} (oorspr toegevoegd aan ww'n die een rs echo of instrumentalis eisten; nu dikwijls gelexicaliseerd) (bijv) gatte/ygatte: zijn mening verkondigen/een onderhoud hebben met; proe/yproe: superieur zijn/bevoordelen; tygtjae/ytygtjae: tegengaan/tegen zijn; a; o.
  2. {PXimpr.s} (oorspr Peg lidwoord, nu allectief) (bijv) yofcoh: plezier; ypint: pinda; ytter (= y + tr): teer, pek; a; u.

::

  1. {PXimpr} (begrensde oorspr de betekenis tot bepaalde contexten, maar veel -vormen zijn nu gelexicaliseerd; de begin-r v woorden die met geprefigeerd worden, wordt verdubbeld: + rul wordt rrul) (bijv) azje/azje: de knecht zijn van/onderdanig zijn tegen; drent/drent: (lett) gevoel, tastzin/(fig) gevoelens, emotie; nmpi/nmpi: afspraak/zakelijke afspraak.
  2. {PX} os.

os:: (= los) {PX/SX.wst} ( voor cons; l voor voc; de begin-r v woorden die met os geaffigeerd worden, wordt verdubbeld: os + rev wordt rrevos);

  1. (vormt nominale bijzin, die kan optreden als subj, obj of echo bij de hoofdzin, waarbij oorspr subj in bijzin nu als gen verschijnt) gress nute, den ef vogilys slme = gress nute, ef vogilys slmelira/gress nute ef vogilysex slmos: ik hoor dat de vogels zingen/ik hoor het zingen van de vogels; ef knfe, Petriy lelperrelira eft video/Petriyex lelperros enn eft video knfe: het is bekend dat Petriy video heeft/"Petriy's bezit van video is bekend"; gress nute, Mariy arkettelira/gress nute Mariyex larkettos: ik hoor Mariy huilen/ik hoor Mariy's gehuil; gress tiffe, do bladidelira beri croifte ef lu'ettos/gress tiffe doex bladidos beri croifte enn ef lu'ettos = gress tiffe doex croifte-bladidos enn ef lu'ettos: ik weet dat hij de overeenkomst wenst te beindigen (in Oudspok (en ook dl= Tigof/Lomky) komt os of los om gehele predicaat: gress tiffe doex bladide beri croiftOS enn ef lu'ettos);
  2. (geeft nominale bepaling na vz) gress affionnose ef trempe/gress sen interesere armt ef trempos: ik houd van lezen/ik interesseer me voor lezen;
  3. (in een aantal gevallen heeft een os- of los-vorm het karakter ve "echt" zn gekregen, waarbij het px of l allectief is geworden; v dergelijke zn'n kan weer een ww of add zijn afgeleid, zodanig dat de vorm ZONDER px of l archasch is geworden) (bijv) katos/kate/katta: pijniging/bezeren/kleinzerig; lytaos/lytane: gereedmaking, toebereiding/gereed maken, toebereiden;
lijos; lits.

::

  1. {SX.c > mv v vrw-sx a C} (bijv) frinta/fint: vriendin/vriendinnen; gekkera/gekker: lerares/leraressen; a.
  2. {SX} to.

:: {C} lntare; r.

:: {C} lntare; r.

y:: {I} onbewaakt.

abrovve:: {I} behoorlijk (voldoende, niet te gering of slecht).

yache:: {U} kauwen.

yache-jugg:: {C} onderkaak.

yachos:: {C} gekauw, het kauwen.

yae:: {K; gst= yat; vdw= pya of regelm.} (fig) neerkomen op; ter sprake komen; ef ~ ef t: dat komt op hetzelfde neer; dat is lood om oud ijzer.

yamoh:: {I} ellendig.

yamotiy:: {I} onmenselijk.

yarge:: {K; vdw= yrge} melden.

yrge:: {vdw} yarge.

yargeloh:: |war..| {VZ} (betrekking) met betrekking tot, gezien, tussen; ~ ef rlempor pecc kirro huars: gezien de toegenomen kosten moeten we bezuinigen; eft fgo ~ A ur B: een verband tussen A en B.

yargos:: {C} melding.

yart:: |wart| {C} (afk= yt) yard (Eng maat).

yat:: {gst} yae.

azjpje:: {K; gst= azjpp} bespoedigen.

azjpjos:: {A} bespoediging.

azjpp:: {gst} azjpje.

azje:: {U; gst= azjet} ~ n: (dl= Peg) onderdanig zijn tegen, zich onderdanig opstellen tegenover; "hielenlikken"; eup kette ~lira sener poira n Rater Jezus: ze geeft haar leven in onderdanigheid aan de Here Jezus; (idioom, ook buiten Peg) ef revuse beri ~ (spr): verdommen, ermee uitscheiden (niet willen doen, kapot zijn); ef kleter vkumm revuse beri ~ pip mintof r tof: de nieuwe stofzuiger verdomt het al na n dag.

azjet:: {gst} azje.

Ybban:: {F/J}.

Ybbe:: {G} (dorp; gemeente Gasky).

Ybbe-belt:: {G} (dorp; gemeente Tarina).

ybe::

  1. {Aef} stagnatie, oponthoud, vertraging (trein ed).
  2. {I} met stagnatie, met vertraging; eft ~ treno: een vertraagde trein.

ybeje:: {K; gst= ybt} [ver]zwikken, verstuiken (v enkel/pols: minder ernstig dan idequblelle).

ybejos:: {C} verzwikking, verstuiking (v enkel/pols: minder ernstig dan idequblellos).

ybert:: {C} ratel[aar] (instrument).

yberve:: {U} ratelen; (tdw) ef melde ~lira lef: (pop) vol zijn van; stikken van; vergeven zijn van; kusami melde ~lira lef vnas: het is hier vergeven van de wespen.

ybervet:: {C} gewemel, gekrioel; eft ~ furt = ~s furt: een gewemel van.

ybervos:: {C} geratel, het ratelen.

Yberwa:: {F}.

ybt :: {gst} ybeje.

yblo:: {C} gewoonte, zede, traditie.

ybloiy:: {I} traditioneel; volgens algemene gewoonte of zeden.

boea:: |boa/regelm.|

  1. {Aef; rs= boet} (fig) slagvaardigheid (bij antwoorden ed).
  2. {I} (fig) slagvaardig (antwoorden ed).

boet:: {rs} boea.

bt:: {I} rechtstreeks, onmiddellijk (ergens heen gaan).

ybrod:: {I} bezorgd, ongerust.

ybrde:: {I} onbezorgd, zonder zorgen.

ybroiy:: {C} bezorgdheid.

Ybrzja:: {W} (buurtschap); .

c:: {C} eik[enboom] (L. Quercus).

ca:: {S} eikenhout.

caquriy:: {G} (dorp; gemeente Manes-Toniys).

cbs:: {F}.

c-chnt:: {C} kastanjeboleet (L. Xerocomus badius).

centos:: {SC} gemoed.

centos-mipa:: {C} ontboezeming.

criy:: {I; [mv=enk]} onoplosbaar (in vloeistof).

cforest:: {N} (bewoond museumkasteel; gemeente Tura); .

cforest-mirra:: {W} .

cforest-wuma:: {G} (bos; gemeente Tura); .

ych:: {C} spade, schop, schep.

ycha:: {C} schoppen (in kaartspel).

yche::

  1. {K} scheppen (met schep).
  2. {C} (afk= y) (Spok gewicht voor granen en brood: 1 yche = 1y = 82,86 g); .

Ychem:: {G} (dorp; gemeente Zar).

chere:: {E} verongelukken, omkomen.

cheros:: {C} ongeluk (het niet-gelukkig zijn; tegenspoed).

chis:: {I} opgetogen; in extase.

chisare:: {K} verrukken, vervoeren.

chisaros:: {A} verrukking, vervoering.

chisre:: {K; gst= chiss} versieren, decoreren; optuigen; ef chisror ny: de opgetuigde prijs (met btw en accijns; als tegenstelling ve kale prijs).

chisror:: {I} ~ tjg: versierd met, gedecoreerd met.

chisros:: {C} versiering, decoratie.

chiss:: {gst} chisre.

chis-wuma:: {G} (bos; gemeente Ef chis); .

ychiys:: {III} trouwens; (fig) tussen haakjes.

Ych-lirrotiy:: {W} .

ychos:: {C} geschep; het scheppen; schep (zoveel als er op een spade kan); eft ~ rifo pleko: een schep zand.

ychfte:: {U} besluitvorming vertragen, eigen beleid erdoor drukken (zoals ambtenaren doen om de burger te tonen wie er de baas is).

ychftos:: {C} het vertragen van de besluitvorming, het doordrukken van eigen beleid (zoals ambtenaren doen om de burger te tonen wie er de baas is).

chg:: {VG} (vergelijking) naarmate, al naar gelang; do melde nervossott, ~ ef exm-fort crane: hij wordt steeds zenuwachtiger, naarmate de examendatum nadert.

Ycildul:: {F}.

ciy:: {I} eikenhouten, van eikenhout gemaakt.

c-korda:: {N} (Erg kerk; gemeente Fietso); .

c-lemns:: {N} "Eikenheuvel" (een vd 7 Koninklijke Grafheuvels op het landgoed Ef Sinto Aa); .

c-lofa:: {C} eikenblad (vlinder) (L. Gastropacha quercifolia).

c-lofa-rlatjen:: {C} eikenbladroller (vlinder) (L. Tortrix viridana).

yclmm:: {C} goed bericht; positief bericht.

c-mirra:: {W} .

c-missis:: {C; mv= ~a} fyg ~: eikenbladzwammetje (L. Collybia dryophila).

c-missisa:: {mv} c-missis.

c-nut:: {C} eikel.

c-prc:: {W} .

c-plep:: {W} .

Ycrol:: {N} (wegsrt langs autoweg M2/M4; gemeente Floran); .

cs:: {mv}

  1. c.
  2. cs.

c-srt:: {W} .

c-tremella:: {C} lobbige trilzwam (L. Tremella frondosa).

c-ur-Ferre-wuma:: {G} (bos; gemeenten Krg en Tanburo); .

c-xlte-ljl:: |cslte-ljl| {C} eikenprocessierups (L. Thaumetopoea processionea) (komt in Spok anno 2018 nog niet voor; de import van eikenhout wordt daarom streng gecontroleerd).

cyspohe:: {U; gst= cyspot} betogen.

cyspohos:: {C} betoog.

cyspot:: {gst} cyspohe.

c-zviyf:: (= c-zviyft) {C} eikengalappel (door de galwesp L. Biorhiza pallida).

c-zviyft:: {C} c-zviyf.

Yda:: {M} Ida.

nt:: {G} (dorp; gemeente Nes).

e:: {C} eed; (voor de rechtbank in Spok: waarheid spreken in naam vd Gerechtigheid, bijgestaan door Ennderur, de godin der gerechtigheid).

Yder:: {J}.

yoch:: {I} onverantwoord[elijk].

ydnc:: {C} laxeermiddel.

ydne:: {U} glijden; slippen; schuiven; ef ~ skn-krono luft: gelijke tred houden met.

ydne-hartiy:: {C} slipgevaar (in verkeer).

ydnos:: {C} slip, het slippen; schuiven, schuiver.

drent:: {I} gevoelsmatig.

drent:: {C} gevoelens (mv), emotie.

ycu:: {C/S} (alg) vlees.

ycu-littit:: {I} vleeskleurig (soort roze).

yje:: {C} verschuldigde bedrag, te betalen som; kult ~ n kirnem melde ...: wij zijn u ... verschuldigd.

yeffne:: |weffne| {K; gst= yefft} ontstemd zijn over.

yeffnere:: |weff..| {K} ontstemmen (uit zijn humeur brengen).

yefft:: |wefft| {gst} yeffne.

yefna'ef:: {C} kwaal.

ele:: |ele/wele| {C} blei, bliek (vis) (L. Blicca bjoerkna).

yelfte:: {U} openhartig zijn.

yelftos:: {A} openhartigheid.

yell:: |well| {C} faam, vermaardheid, reputatie; ef perde ef ~: zijn reputatie verliezen.

Yell:: {N} (fabriek v huishoudelijke apparaten in Kurriy); .

yelles:: |well..| {C} gerucht.

yellesludi:: |well..| {I} geruchtmakend.

yelliy:: |welliy| {I} vermaard.

f:: {C; mv= ~lo} onderdeel.

falye:: {K} (fig) berusten op.

Yfarc-weg:: {W} .

fartos:: {C} werking, bedrijf (machine); armt ~: in werking/bedrijf; mip ~: buiten werking/bedrijf.

fattos:: {C} gebrandmerkt stuk vee/persoon; stuk vee met merkteken (in oor).

fattospele:: {K} aanduiden (vrnl fig).

fattospelos:: {C} aanduiding (vrnl fig).

fattos-weg:: {W} .

fba'efriy:: {F}.

yfla:: {I} edel, voortreffelijk (in zijn soort: metaal, diersoort ed).

yflane:: {K} veredelen; louteren (v metaal).

yflanos:: {C} veredeling; loutering (v metaal).

yflatiy:: {I} edelmoedig.

yflo:: {C} (naam vd letter Y); hooivork (met 2 tanden: in Y-vorm).

yflo:: {PX} edel; yflo-.

flo:: {mv} f.

yflole:: {C} edelspar (L. Abies procera).

yflogaza:: {S} edelgas.

yfloja:: {S} edelmetaal; (= yflo + aloj).

yflojiy:: {I} edelmetalen, van edelmetaal gemaakt.

yfloniner:: {C} juwelier.

yflonini:: {C/S} edelsteen; (= yflo + kolini).

Yflonini:: {N} "Edelsteen" (tv-programma); .

Yflonini-kanol:: {G} (kanaal in Noord-Hirdo); .

Yflonini-lirrotiy:: {W} .

Yflonini-mirra:: {W} .

yflonite:: {I} edelstenen, van edelsteen gemaakt.

yflo-priyk:: {C} tweepuntige vork (bij "vleessnijstel").

yflotiyn:: {C} juweel.

Yflotiyn-rnter:: {W} .

yflo-t:: {C} (naam vd letter ); t.

yfm:: {I} elders, ergens anders; fes ef ~ wertl: elders in de wereld.

yfr:: {S} ivoor.

Yfra:: {Cef} Ivoriaanse vrouw (vd Ivoorkust).

yfriy:: {I} ivoren, van ivoor gemaakt.

Yfro:: {Cef} Ivoriaan (vd Ivoorkust).

yfr-xijera:: {IIef} Ivoriaans (bv: vd Ivoorkust).

Yfr-xijera:: {G} de Ivoorkust.

f-srt:: {G} (dorp; gemeente Michta).

f-srt-cet:: {W} .

ft:: {J}.

Yftalo:: {N} (kasteelrune op Zvomina; gemeente Yfte); ; (DOM 161-163).

Yfte::

  1. {G} (stad in Ziyp); (DOM 160).
  2. {N} (lichteiland; gemeente Minde); .

Yf Tjemp:: {N} (regionaal ochtenddagblad in Tjemp; schrijft uitsluitend in het Tjempse dialect); ; (DOM 84).

yfurte:: {K} vr (pro) zijn (niet contra).

fr:: {C} lokaal (zn), groot [openbaar] vertrek.

Yfyrate:: {F}.

ygatte:: {K} een onderhoud hebben met.

ygattos:: {C} onderhoud, [ernstig] gesprek; eft ~ kura flj: een onderhoud over iets.

gaufer:: {I} ontoerekenbaar; ontoerekeningsvatbaar.

gauff:: {gst} gaufje.

gaufje:: {K; gst= gauff} ~ flj ump rst: iemand iets vergeven.

gaufje-p:: {I} vergeeflijk.

gaufje-enmt:: {I} onvergeeflijk.

gaufjos:: {A} vergeving.

ygbronn-p:: {I} merkwaardig.

ygbronne:: {K} opmerken, bemerken.

ygbronniy:: {III} merkbaar.

ygbronnos:: {C} het bemerken.

gco:: {I} onbehaaglijk.

yge:: {K} bijstellen, opnieuw afstellen (machine/ontsteking); ijken (gewicht/weegschaal).

ge:: {U} (lett) dwalen, dolen.

ygert:: {C} barg, gecastreerd varken.

gee:: {K} afpersen.

geer:: {C} afperser.

geos:: {C} afpersing.

Ygge:: {G} (rivier van Crofly-gebergte naar de Klinnr); .

Ygge-mirra:: {W} .

Ygge-zeces::

  1. {G} (dorp; gemeente Afarcal).
  2. {N} (camping); .

yggiy:: {I; [mv=enk]} bijdehand en opmerkzaam.

giy:: {C} [dames]blouse.

glyne:: {Krs} opofferen.

glynos:: {A} opoffering.

GM:: |gem| {afk} rm-gvrce-mipzlbinasos.

ygos:: {C} bijstelling, afstelling (machine/ontsteking); ijking (gewicht/weegschaal).

gos:: {C} (lett) gedwaal, gedool.

yhyhy:: {!} (geluid v hinnikende paarden).

iy:: {I; mv=enk} heftig, hevig.

jalatjen:: {C} ploeger.

jale:: {K} ploegen.

jaler:: {C} ploegsnede, voor.

jalos:: {C} ploeg; voor, ploegsnede.

jalos:: {G} (dorp; gemeente Lift).

jalos-weg:: {W} .

jalos-zeces:: {W} (buurtschap); .

je::

  1. {K; gst= t; vdw= pje} verspreiden, verdelen.
  2. {U; gst= jet; vdw= regelm.} gerimpeld zijn, geplooid zijn, zich plooien.
  3. {III} o.

yjfater:: {C} belanghebbende.

yjfiy::

  1. {Aef; mv= ~s} belang.
  2. {I; [mv=enk]} belanghebbend, belangwekkend.

yjfiy-wila'os:: {C} belangenverstrengeling.

jertee:: {F}.

jes:: {C} gladiool.

jet:: {gst} je.

yjoratjen:: {C} stichter.

yjore:: {K} stichten.

yjoros:: {C} stichting, het stichten.

jos:: {C}

  1. verspreiding, verdeling.
  2. rimpeling, plooiing.

yjosrt:: {C} stichting (gebouw ed).

kae-fes:: {K} omsingelen.

ka:: {C; rs= ~t} vesting.

kat:: {rs} ka.

kaqure:: {Krs} innemen (v stad); inval doen (in illegale goktent ed: door politie).

kaquriy:: {C} inneming (v stad); inval (door politie).

kate:: {K} bezeren, pijn doen (v personen).

katelare:: {U} pijn lijden.

kately:: {I} (lett) pijnlijk.

katle:: {C} pijn.

katle-tlazrer:: {C} pijnstiller (medicijn).

katos:: {C} bezering, het pijn doen; pijniging; pijnlijke wond.

katta:: {I} kleinzerig.

kf:: {C} nederlaag.

ykelbare:: {K} (lett) oprichten, rechtop zetten.

ykelbare-rigt:: {C} recht van opstal.

ykelbaros:: {C} (lett) oprichting, het rechtopzetten.

ykelbe:: {U} (lett) opgericht zijn, rechtop staan.

ykelbos:: {C} opstal (wat boven de grond gebouwd is).

ykelp:: {C} stellage; schavot.

ykelpos:: {C} terechtstelling (openbare doodstraf).

kettos:: {A} schenking, het schenken (geven).

KIS:: {afk} rlat-clup rifo ef Kindistee Spooksoliy.

kjndos:: {C} tukst ~ (afk= t..): vooreerst, vooralsnog, voorlopig (nog).

krje:: {K; gst= krt} bedreigen.

krjos:: {A} bedreiging.

krt:: {gst} krje.

Ykr::

  1. {F/J}.
  2. {N} (naam v steenkolenmijn; gemeente Mollefin); .

YKR:: {N} (fabriek van zelfplakkende kunststoffen in Gralkrich); .

Ykr-mirra:: {W} .

Ykr-plas:: {W} (buurtschap); .

ksa-:: {PX} buur; (bijv) ksa-'nin: buurmeisje; ef ksa-vilduls: de bomen bij de buren.

ksana:: {C} omwonenden (mv).

ksaner:: {C} buurman; (sprkw) ef ~er vildul qugle ef omber fes vilt arbe: je moet niet een ander de schuld geven.

ksanera:: {C; mv= ksaner} buurvrouw.

ksanu:: {I} naburig.

ksanute:: {K} (lett) grenzen aan.

ksanuter:: {C} buur[man], buurvrouw.

ksanuters:: {Cmv} buren.

ksanutos:: {C} buurt, buurtschap, wijk (groepje huizen bij elkaar, maar niet administratief).

ksanutos-misan:: {C} buurtwinkel.

l:: {C} (dl= West-Liftka) aal, paling (L. Anguilla anguilla).

Yl.:: {afk} Ylarater.

Yla.:: {afk} Ylasjeus.

la:: {M}.

ylm:: {C} vak (op school; ambacht).

ylmater:: {C} meester (specialist in iets).

Yla-Meen-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Meen); .

ylmer:: {C} specialist (arts).

ylm-grup:: {C} gilde.

lammefiy:: {I; [mv=enk]} onmerkbaar.

ylamo:: {I} geerd; Stoot-Metrusse Ylamo Merater (afk= Y.M.): de Weledele Heer Stoot-Metrusse; Stoot-Metrusse Ylamo Mosjeus (afk= Y.M.): Mevrouw Stoot-Metrusse (daar het hier titulatuur in meer officile correspondentie betreft, is het niet juist om ook de voornaam toe te voegen: het noemen of schrijven vd voornaam impliceert in Spok immers dat men elkaar ook tutoyeert, en dat is niet verenigbaar met de officile frase Ylamo Merater/Mosjeus; indien de briefschrijver niet weet of hij de brief aan een man of vrouw richt, kan hij het beste de neutrale afkorting Y.M. gebruiken: Stoot-Metrusse Y.M.); (als aanhef in brief) Ylamo Merater/Mosjeus: Geachte heer/mevrouw.

ylmrm:: {C} uithangbord van beroep/gilde.

ylm-tiyn:: {C} meesterwerk.

lanare:: {K} het stilzwijgen opleggen.

lanatjen:: {C} zwijger; (sprkw) ef ~ chaquinde rlo: "de zwijger spreekt het meest"; stille wateren hebben diepe gronden.

lane:: {E} ~ [kura]: zwijgen [over]; hpyja.

laner:: {I} zwijgzaam.

Ylnja:: {N} (Bergparel-pension in Ztso-Ylnja (Afacha)); .

lanos:: {C} het [stil]zwijgen; zwijgzaamheid.

lanos:: {F}.

ylarater:: {C} jonkheer.

Ylarater:: {C} (afk= Yl.) ~ X-Y: Hoogwelgeboren Heer X-Y (aanspreektitel jonkheer; als adellijke titel); ylarater.

ylasjeus:: {C} jonkvrouw.

Ylasjeus:: {C} (afk= Yla.) ~ X-Y: Hoogwelgeboren Vrouwe X-Y (aanspreektitel jonkvrouw; als adellijke titel); ylasjeus.

Yla-Teujan-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Teujan); .

lene:: {C} gratie, sierlijkheid.

ylepe:: {I} verspreid; ef mle-tnrs melde ~ kaf ef nunn: de molshopen liggen verspreid op het gazon; ef yelles melde pjo ~ fes ef manta: het gerucht is wijd verspreid in de streek.

ylga::

  1. {Aef} instinct.
  2. {I} instinctief.

ylgatjen:: {C} dwingeland.

ylge:: {K} ~ armt: dwingen tot.

ylgos:: {A} dwang.

li:: {I} sierlijk, elegant.

li-flest:: {C} [kleine] flacon (sierlijk parfumflesje ed).

ylle:: {C} (pop) overstapje (trein-/tramkaartje om over te kunnen stappen); yore-lofa.

l-mirra:: {W} .

Ylna:: {M}.

Yloje:: {M}.

ls:: {C} schilfer.

ylsa:: {S} honing.

Ylsa:: {N} (boektitel); .

ylsa-biy:: {C} honingbij (L. Apis mellifera).

ylsa-chnt:: {C} [honinggele] honingzwam (L. Armillariella mellea).

ylsa-slofaro:: {S} mede, honingdrank.

ylsa-xejafiy:: {S} gele honingklaver (L. Melilotus altissimus); akkerhoningklaver (L. Melilotus officinalis).

lse:: {U} schilferen.

lsty:: {S} roos (haarziekte).

Ylt:: {G} (riviertje van de Ons naar Laboh-kust); ; (DOM 100).

Ylt:: {G} (dorp; gemeente Nust).

Ylta-garrent-weg:: {W} .

Ylta-Ylt:: {G} (dorp; gemeente Plerc).

Ylt-cliyn-wuma:: {G} (bos; gemeente Plafot); .

Ylt-grt:: {N} (station).

Ylt-sentraliy:: {N} (elektriciteitscentrale; gemeente Nust); .

Yl:: {G} (zijriviertje vd Fetu); .

y/m:: {afk} (= ytende meldelira).

Y.M.:: {afk} (= Ylamo Merater; Ylamo Mosjeus); ylamo.

ymlg::

  1. {Aef} onzekerheid.
  2. {I} onzeker.

mann:: {C; mv= nt} orkaan.

mann-jakm:: {W} .

marianos:: {C} huwelijk.

ms:: {C} middel (v lichaam), taille.

mstiy:: {C} ([voorwerp met] de vorm van diabolo/zandloper/klos/koeltoren: twee [afgeknotte] kegels met de punten tegen elkaar).

mstiy-weg:: {W} .

ymastjof:: {C} chantage; ymazers-stjoftl.

ymate:: {K} rukken aan.

matere:: {K} kennis maken met.

materos:: {C} kennismaking.

ymatos:: {C} ruk.

Ymatosater:: {F}.

mattere:: {U} ~ furt: verantwoordelijk zijn voor.

matter:: {I} verantwoordelijk.

mattremone:: {K} ~ flj n rst: iemand in kennis stellen van iets.

mattremonos:: {A} inkennisstelling.

ymazers::

  1. {Aef} geweld.
  2. {I} gewelddadig, met geweld.

ymazers-stjoftl:: |-stof..| {C} (schr) chantage.

ymazerst:: {I} (lett) vol geweld; (fig) geweldig, enorm.

Ymlecc:: {G} (dorp; gemeente Lor).

Ymlecc-korda:: {N} (Erg kerk aan de kust onder Lor, op Teujan); .

Ymlecc-pt:: {W} .

ymortiy:: {I; [mv=enk]} voorlopig, vooreerst.

Ympacc::

  1. {G} (dorp; gemeente Br).
  2. {N} (luchthaven; gemeente Br); .

Ympacc-clamia:: {G} (moerasgebied langs de Plst); .

Ympacc-fresta:: {G} (bos; gemeenten Flemeuni, Penenen en rbas); .

ymps:: {C} uier (v koe); (pej) trut (weinig vlotte vrouw).

mpe:: {K} vereren.

Ymper:: {J} (Peg).

mpos:: {A} verering.

Ymre:: {J} Emmerik.

Yna:: {M} Ina.

nmpi:: {C} firma; zakelijke afspraak.

nmpzurt:: {C} spreekuur.

Yns-pt:: {W} .

Yns-seert:: {N} (landhuis; gemeente Xea); .

ndre:: {C} eend (L. Anas); (arch/poe/dl= Peg) watervogel (elke vogel die kan zwemmen en/of waden); ef ~s zle!: daar heb je de poppen aan het dansen!.

ndre-mirra:: {W} .

ndre-quanka:: {C} spotnaam, bijnaam.

ndvore:: {K} motiveren, stimuleren (tot een bepaalde inspanning aanzetten).

ndvoros:: {A} motivatie.

ndvotiy::

  1. {S} (sterke alcoholische drank); (ihb:) axarater-ndvotiy.
  2. {I} geestrijk, met [veel] alcohol.

Yne::

  1. {F}.
  2. {M} Ine.

ne::

  1. {SX.wst > ww}
    1. (extra aspect v verwijdering of afsplitsing) af, weg; (bijv) ba'efre/ba'efrne: snijden/afsnijden; pollere/pollerne: waaien/afwaaien (tak v boom); sgre/sgrne: slingeren/wegslingeren;
    2. (nieuw ww met verwantschap) obezjere/obezjerne: lachen/uitlachen; kette/kettne: geven/overlaten aan.

  2. {SX.add > ww} (met duratief aspect) blijven; (bijv) rofonos/rofonosne: boos/boos blijven; ef pleko mltriyne: het zand blijft klam; sest hurts rtsne: zulke honden blijven vals.

nechepp:: {I} kwantitatief, wat betreft de hoeveelheid/grootte.

Ynekoer-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Halest-Meen); .

ynel:: {C} engel.

yneler:: {C} engelwortel (L. Angelica) (ihb wuma-~ = gewone engelwortel).

Ynel-fresta:: {G} (bos; gemeenten Hirdo en Hajisen); .

Ynel-fresta-weg:: {W} .

Ynel-mirs:: {N} "Engelenhaar" (verfilmde musical uit 1977, enige musical geschreven in Spok); ; (DOM 115).

Ynel-plkom:: {N} (spoorwegtunnel; gemeenten Balier en Fnk); .

Ynel-sef:: {N} "Engelensap" (biermerk uit Kussik); .

Ynel-wik:: {N} (openluchtbad bij Hajisen); .

ynerpst:: |..rs..| {I} onbestaanbaar.

Ynes:: {M} Ines.

nezerfe:: (= onzerfe) {K} toezien op.

nezerfos:: (= onzerfos) {A} toezicht; fes ~ pai (vz-uitdr): onder toezicht van.

nichte-Kents:: |niste-| {G} (Erg commune; gemeente Edprof); .

nn:: {III} zowaar.

ynn:: {SX.gst} (vraagsx) waarvandaan?, vanwaar?; do arfinynn?: waar komt hij vandaan?; gress linne, do arfinynn: ik vraag, waar hij vandaan komt.

ynge:: {K} bekladden.

yngsta:: {Cmv} graffiti (bekladding v muren, treinen ed).

no-pt-mirra:: {W} .

no-Zeanu:: {G} (stad in Ziyp).

nsa:: {M}.

nsa ur sener Cblns:: {N} (voormalige popgroep); .

ynt:: {C} tand.

nt::

  1. {I} onbeholpen.
  2. {mv} mann.

yntaje:: {K; gst= yntat} (lett) aanbijten (v vis: in het aas bijten); zich vastbijten (bijten en niet meer loslaten: valse hond); (fig) vasthouden, volharden (op fanatieke wijze bij zijn mening blijven); do ~ sener nekvmpaj morises: hij is niet tot redelijkheid te brengen.

yntat:: {gst} yntaje.

yntcln:: {C} tandenborstel.

yntclos:: {C; mv= ~z} ritssluiting.

ynt-cntrolos:: {C} gebitscontrole.

yntcuros:: {C} tandheelkunde.

ynte:: {K} kartelen, gekarteld zijn; knabbelen.

yntitu:: {C} tandvlees; (= ynt + jitu).

ynt-medikiy:: {C} tandarts.

ynt-oracha:: {C} spiesmelde (plant) (L. Atriplex hastata).

yntos:: {C} kartelrand; geknabbel.

ynt-psta:: {S} tandpasta.

ynt-prpare:: {K} doen watertanden.

ynt-prpe:: {Upr} watertanden.

Ynts:: {N} (op een na grootste platenmaatschappij v Spok, gevestigd in Asjetto); .

ynt-zru'on:: {C} sterrog (L. Raja radiata).

oe:: {K} erop los slaan; afranselen.

oe-gurnus:: {C} slaande ruzie.

oos:: {C} afranseling.

yofcoh:: {C} plezier; g vilt ~: voor jouw plezier.

yff:: |wff| {I} redelijk (niet goed en niet slecht); ef loke ~ wnzol: het lijkt redelijk weer.

yffjre:: |wff..| {III} met recht, terecht, met rede.

Yle:: {G} (dorp; gemeente Bercori).

yolmistj:: {I} yolmistrj.

yolmistrj:: |..str/..stj| {I} beklagenswaardig.

onatt:: |won..| {I} verwonderlijk, verbazingwekkend, verbazend.

onatte:: {U} verwonderlijk, verbazingwekkend zijn.

one:: {Upr} ~ ump: zich verwonderen over.

onos:: {A} verwondering.

onzerfe:: {K} nezerfe.

onzerfos:: {A} nezerfos.

yore:: {U} overstappen.

yore-lofa:: {C} overstapje (trein-/tramkaartje om over te kunnen stappen).

yoros:: {C} overstap, het overstappen; ef ~ meltra?: waar moet ik overstappen?.

os::

  1. {I} bezet (door leger).
  2. {vdw} ozzije.

yome:: {K} ~ helkara: bevorderen tot (rang).

yome-buro:: {C} advertentiebureau.

yomos:: {A} bevordering (in rang).

otfa:: {I} te redden, niet reddeloos.

otfare:: {U} verlossen (uit een vloek).

otfaros:: {A} verlossing (uit een vloek).

otfe:: {K; gst= ott} redden.

otfe-tiyn:: {C} redmiddel.

otfos:: {C} redding.

ott:: |wott|

  1. {C} pak slaag.
  2. {gst} otfe.

Yotriyee:: {W} .

Yourcalls.sp:: {N} (voormalige aanbieder mobiele telefonie); .

oze:: {K; begroten, beramen.

ozos:: {C} begroting.

ozzije:: |wozz..| {K}

  1. {gst= ozzit; vdw= os} bezetten (door leger).
  2. {gst= ozzit; vdw= regelm.} aanspreken (v voedsel).

ozzijos:: |wozz..| {C} bezetting (door leger); het aanspreken (v voedsel).

ozzit:: |wozzit| {gst} ozzije.

p:: {G} (rivier van Az-gebergte naar de Trendon); .

pl:: {vdw} pje.

palte:: {F}.

yprame:: {U} nauwkeurigheid beogen; nauwkeurig te werk gaan.

ypramiy:: {I} nauwkeurig, secuur, accuraat.

ypramos:: {A} nauwkeurigheid, accuratesse.

Ypeer:: {J}.

Ypeerrt:: {F}.

pga:: {I} medicinaal, wat betreft medicijnen.

pgen:: {S} medicijn[en].

pe's:: {C} knol (eetbaar).

pf:: {I} rap, kwiek, snel.

ypint:: {C} pinda.

ypintramiy:: {S} pindakaas.

Ypiy:: {G} (stad in Ren).

pjare:: {K} smoren; [doen] stikken; wurgen; (fig) afremmen.

pjaros::

  1. {C} smoring; wurging; het [doen] stikken.
  2. {A} (fig) afremming.

pje:: {U; gst= pp; vdw= pl} stikken (geen lucht krijgen).

pjos:: {C} het stikken.

p-korda:: {N} (RK kerk; gemeente Mit); .

PL:: {afk} rm-posiblatiy-lacs.

yplelft:: {C} (fig) tussenschakel; tussenpersoon, dealer.

yplemare:: {vdw} yplemere.

yplemere:: {K; vdw= yplemare of regelm.} verbinden (verbinding tot stand brengen).

yplemerer:: {C} voegwoord, conjunctie.

yplemeros:: {C} verbinding.

pol:: {C} schede (v zwaard).

poti-weg:: {W} .

pp:: {gst} pje.

yppte:: {K} zondigen tegen.

ypptos:: {A} zonde; zondiging.

Yppe:: {N} (luchthaven op Teujan; gemeente Trus); .

Yppsch:: {F}.

ypriy:: {C} iep (in Spok vrnl de Spokanische iep (L. Ulmus x spocanica), een bastaard tussen Engelse veldiep (L. Ulmus procera) en ruwe iep (L. Ulmus glabra); tegenwoordig een zeldzame verschijning vanwege de iepziekte).

Ypriy-ldergeene:: {N} (kasteelrune; gemeente Imenal); .

Ypriy-mirra:: {W} .

ypriy-njoratjen:: {C} iepenspintkever (L. Scolytus); belt ~: kleine iepenspintkever (L. S- multistriatus); hupster ~: grote iepenspintkever (L. S- scolytus).

ypriy-svlg:: {C} iepziekte.

ypro:: {C} voordeel; armt ef ~ furt (vz-uitdr): ten bate van.

ypro-nopros:: {C} symbiose.

yproe:: {K} bevoordelen; een voordeel gunnen.

yproos:: {C} bevoordeling.

ps:: {PV} (arch); pse.

pse:: {PV} (passieve afleiding v ps) zij, ze, hun, hen; blul vpjelije ~: zij worden geplaagd; (indirecte imperatief) trempe-~ ef mimpit: laten zij het boek [eens] lezen; (causatief) Jn trempe-~ ef mimpit: Jn laat hen het boek lezen; Jn geeft hun het boek te lezen; ps; ex.

pse-clamia:: {G} (moerasgebied waar de p in de Trendon stroomt, even ten noorden v Empecho); Ef pse-clamias; .

pse-klt:: {G} (riviertje in het pse-moeras); .

ypsiln:: {C} ypsilon (Griekse letter); yflo.

ple:: {E} (pop) klooien, rotzooien, hannesen.

plos:: {C} (pop) geklooi, gerotzooi, gehannes.

Yqufjen:: {F/M} (Peg).

yr:: {I} uitvoerig, uitgebreid.

r::

  1. {BT} (vrnl spr) waar; ef garage-srt, ~ gress garage sener oto: het parkeerterrein waar ik mijn auto parkeer (beter is: ef garage-srt, kaf t ...); (beweging, samen met vz) ef garrent, ~ helkara ef treno ufire: het station waar de trein naar toe rijdt (beter is: ef garrent, helkara t ...); (als de plaatsaanduiding zo vaag is, dat het juiste vz moeilijk te bepalen is, kan r ook in de schr gebruikt worden) ef ws, ~ ef dravos melde: de plaats waar de tekening zich bevindt (indien niet duidelijk is of met ws een kast ("in"), tafel ("op"), wand ("aan") enz. bedoeld wordt).
  2. {VR; gnz= ~cr} waar?; do zre ~?: waar woont hij?; gress linne, do zrt ~: ik vraag waar hij woont; ef oto melde ~cr garage-srt?: op welk parkeerterrein staat de auto?; waar is het parkeerterrein waar de auto staat? (met het accent op de PLAATS waar het parkeerterrein zich bevindt, niet op het SOORT parkeerterrein); (vgl) ef oto melde kaf folarra garage-srt? (de vraagsteller heeft een aantal parkeerterreinen op het oog, waaruit de antwoordgever een keuze moet maken).
  3. {VG} (plaats) waar; gress tiffe, ~ do zre: ik weet waar hij woont; aftel tu tiffe, ~ Jn zre?: weet je waar Jn woont? (vraagsteller wil het adres weten en verwacht dat gevraagde hem kan helpen; het antwoord kan dus zijn "nee" of het adres); tp.

r:: {PXimpr} (geeft nieuwe woorden, welke dikwijls zo gelexicaliseerd zijn dat verwantschap met het oorspr woord zeer duister is; tot 1966 werd het px r geschreven als r (y doorgestreept met /); in sommige oude [adellijke] namen wordt de doorgestreepte y met name in handgeschreven teksten nog wel gehandhaafd, eventueel in de vorm ve ligatuur van en R (zoals tuhaj Opjevuter)); r-.

r:: {C} lntare; r.

R:: {C} lntare; r.

:: {C} lntare; r.

yr:: {C} klis, klit (plant) (L. Arctium); belt ~: kleine klis (L. A- minus); grist ~: "grauwe klis" (alleen in Spok) (L. A- incolor); hupster ~: grote klis (L. A- lappa); presr ~: gewone klis (L. A- pubens).

ra:: {C} pet, muts.

ra:: {SX.gst} (vraagsx) waar?; do zrra?: waar woont hij?; tu Elsa mtra?: waar heb je Elsa ontmoet?; do linne, gress zrra: hij vraagt waar ik woon.

ro-weg:: {W} .

raene:: {G} (dorp; gemeente Lapo).

Yraggo-clamia:: {G} (moeras; gemeenten Tloer en Xalf); .

Yraggo-fresta:: {G} (bos; gemeente Tloer); .

Yraggo-korda:: {N} (RK kerk; gemeente Xalf); .

Yraggo-pt:: {W} .

yrje:: {E; gst= yrs} aan elkaar klitten.

yrje-bjelt:: {C} klittenband.

rliy:: {C} verwaande vent.

r/am:: {afk} rnteram.

ramk:: {C; mv= rmpo} kastanje.

ramk-ark:: {W} .

rmpo:: {mv} ramk.

rng:: {C} bolwerk.

rnge:: {U} zich vestigen.

rng-korda:: {N} (RK kerk, in Amahagge); .

rng-lirrotiy:: {W} .

rngos:: {C} vestiging, het vestigen.

rng-wsr:: {C} burgeroorlog.

rnt:: {I} fes ~: in burger gekleed.

rnter:: {C} burger.

rnteram:: {C} (afk= r/am) bevolkingsregister, burgerlijke stand; (in Spok ingevoerd in 1860-1865; vervangt sindsdien de "levensboeken"); poirmip.

rnter-flte:: {C} koopvaardijvloot.

rnterjeren:: {C} burgerzaken (een stadhuisafdeling).

rnter-njebopiy:: {C} koopvaardij.

rntiy:: {I} burgerlijk; civiel (wat betreft de burgers; niet-militair).

ran:: {G} (stad in Ziyp).

ran-siyclo:: {W} .

rany:: {J}.

rapolen:: {W} .

yrs:: {gst} yrje.

rasatjen:: {C} timmerman.

rase:: {K} timmeren; inslaan (v spijker).

rae:: {K} verrichten (onderzoek ed).

raor:: {I} bewogen (geschiedenis).

rasos:: {C} getimmer (het timmeren); getimmerte (in elkaar getimmerd voorwerp/schuurtje ed).

raos:: {C} verrichting.

rbaek:: {I} (fig) voorbijgaand; niet definitief.

rbaek:: {gst} rba'eke.

rba'eke:: {U; gst= rbaek} weggaan, vertrekken.

rba'ekos:: {C} vertrek, het weggaan.

rbars:: {F}.

rbas:: {G} (stad in Tjemp).

rbas:: {G} (stad in Ales).

rbas-opper:: {G} (dorp; gemeente rbas).

rbas-plep:: {W} .

rb:: {G} (stad in Ren).

rbrasst:: {N} (camping); .

rbr:: {I} streng (bv).

rbr-Atrokse:: {N} (Erg kloosterorde); .

rbr-atrokser:: {C} (mnl lid vd rbr-Atrokse-orde).

rbr-atroksera:: {C} (vrw lid vd rbr-Atrokse-orde).

rcas:: {F}.

rchatt:: {SC} verschijnsel, fenomeen.

rchelle:: {N} (Bergparel-B&B in Sa Crono); .

rcla:: {SC} (Erg: dat wat er [theoretisch] aan een mens ontbreekt als hij beschouwd wordt als een personifiring ve abstract begrip; bijv: een Erg geestelijke kan in bepaalde situaties beschouwd worden als de personifiring v Erget, de geestelijke mist echter het goddelijke aspect v Erget, de rcla v deze geestelijke is derhalve "goddelijkheid").

rc:: {G} (pk-are in district Ziyp).

rc-agru:: {G} (bergtop in rc-gebergte; 1445 m hoog); .

rc-helmy:: {G} (grot bij rst); ; (DOM 174).

rc-plep:: {W} .

rc-rutt:: {N} (naam voor een fraaie, met borden gemarkeerde, toeristische route rondom het rc-gebergte); .

rc-toberg:: {G} (gebergte in zuiden v Ziyp); ; (DOM 173/175).

rcrympa-fresta:: {G} (bos; gemeenten Folates en Trendon); .

rcrympa-weg:: {W} .

rcr:: {gnz} r.

raag:: {I} duidelijk.

raage:: {E} duidelijk zijn.

raagiy::

  1. {C} duidelijkheid; verduidelijkende uitleg/verklaring.
  2. {A; mv=enk} duidelijkheid.

raagos:: {C} dat wat duidelijk is; duidelijk voorbeeld.

rda'e:: {I} (fig) ontnuchterend.

ragare:: {K} duidelijk maken, verduidelijken.

rntiyca-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Sinto-Hafegge); .

yrdp:: {I} rijp voor de sloop.

rare:: {K} uitgeven (effecten/geld; GEEN boeken); ef ~ eft vott: een stem uitbrengen.

raros:: {A} uitgifte (effecten/geld).

yrde:: {K} slopen.

re:: {K} uitgeven (boeken).

reff:: {!} proost!, op je gezondheid! (bij het glas heffen).

reffe:: {U} ~ [n rst]: toosten, een toost uitbrengen [op iemand].

rele:: {U} bibberen.

relos:: {C} gebibber.

reo:: {F}.

rer:: {C} uitgever (v boeken).

riy:: {C} uitgave (het uitgeven ve boek).

riyafiy:: {C} uitgave (het boek dat uitgegeven wordt/is).

rdlave:: {U} heen en weer zwiepen.

rdlavos:: {C} zwiep.

rnt:: {C} bemanning, manschappen.

rore:: {K} aandurven.

yrdos:: {C} sloop, het slopen.

ros:: {C} uitgeverij.

ros Oann:: {N} (uitgeverij in Br); .

rdrynne:: {W} (buurtschap); .

ree:: {C} reu.

reesty:: {F}.

reesty-Qunt-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Halepoai armt ef Kjoep); .

regg:: {F}.

rene:: {U} schemeren.

rene-dunjes:: {G} (duingebied in Plef, tussen Prens-Hady-srt en de monding vd Tgtylt); .

rene-fes:: {U} (lett) doorschemeren.

rnen:: {C} minderheid.

renos:: {C} schemering.

rentat:: {C} schemerlamp.

rste::

  1. {K} gepaard gaan met; in/op orde brengen; schikken; beredderen.
  2. {U} ~ armt: te doen hebben met; medelijden hebben met; rst ~lira: uit medelijden met iemand.

rstelira:: {tdw} rste.

rstos:: {C} medelijden, erbarming.

reu:: (r-reu) {C; rs= ree (of r-ree)} kreun.

rfall:: {F}.

rfm:: {C} uitvoer, export.

rfe:: {K} uitvoeren, exporteren.

rfe-hf:: {C} uitvoerrecht[en].

rfshc::

  1. {Aef} productiviteit.
  2. {I} productief.

rfla:: {wst} rfla'e.

rfla'e:: {K; gst= rflat; wst= rfla} begeleiden.

rfla'k:: {C} begeleider.

rfla'os:: {A} begeleiding; lf ~ rifo: onder begeleiding van.

rflat:: {gst} rfla'e.

rfoe:: {K} geruststellen.

rfoos:: {A} geruststelling.

rftare:: {K} ~ n: aanpassen aan.

rftaror:: {I} ~ n: aangepast aan.

rfte:: {E; vdw= rfotiy} ~ n: zich aanpassen aan; (zie ook rfotiy als add).

rfte-p:: {I} flexibel; zich gemakkelijk aan de omstandigheden kunnen aanpassen.

rftelira:: {I} belangwekkend, interessant.

rfotiy::

  1. {I} grs melde ~: u bent welkom; kirro melde giynattiym ~n: wij zijn van harte welkom.
  2. {vdw} rfte.

rftos:: {A} aanpassing.

rfusste:: {F}.

rfyte:: {U} samenwerken (samen iets doen, vooral op zakelijk gebied).

rg:: {I} vol.

rgare:: {K} (lett) opvullen, volstoppen; invullen; opzetten (dood dier).

rgaror:: {I} propvol.

rgaros:: {C} broodbeleg.

yrge:: {C} baas[je] (v huisdier).

rge::

  1. {K} vullen; do ~ ef kliqu lef helt: hij vult het glas met melk.
  2. {U} rijzen (deeg).
  3. {Upr} zich vullen; volkomen vol raken.

rge-blef:: {K} navullen (nogmaals vullen).

rgefe:: {K} bevatten, inhouden.

rgefos:: {C} (lett/fig) capaciteit.

rge-kaf:: {K} bijvullen.

Yrgh:: {F}.

rgitt::

  1. {S} opvulsel, opvulling (alg); vulling (in stoelzitting); (pop) hersenen ("zaagsel").
  2. {C} (spr) opgezet dier.

    (= rge + jitu).

rg:: {C} stem; mitai ef ~ rifo (vz-uitdr): bij monde van.

rg'iyc:: {SC} ziel.

rg-ryf:: {C} stemband.

rgos:: {C} vulling, het vullen, stof waarmee gevuld is.

rgos-kaf:: {C} bijvulling, het bijvullen, bijgevulde hoeveelheid.

rgt:: {C} zakenman.

rgot:: {I} zakelijk.

rgote:: {U} ~ lef: zakendoen met.

rgotos:: {C} (het) zakendoen, zakenwereld, business.

rgott:: {C; mv= ergte} zaak, bedrijf, handel; elx ergte: "bescheiden bedrijven" (afk= e.e.) (vgl mkb = midden- en kleinbedrijf; ondernemingen met minder dan 250 werknemers).

rgott-huflif:: {C} bedrijfspand (gebouw/pand waar n bedrijf is gehuisvest, of daarvoor bestemd is); glfiy-huflif.

rg-velp:: {I} stemloos (consonant).

rg-rg:: {I} stemhebbend (consonant).

yrgt:: {C} knecht, hulpje; aftel vilt ~ tinde dalotoje?: ben je in de kerk geboren? (tegen iemand die de deur achter zich open laat); (sprkw) ~ furt pipar, gekker furt nfs: twaalf ambachten, dertien ongelukken.

yrgtina:: {C; mv= ~s} vrw knecht, hulpje; yrgt.

rgvne:: {K} achterlaten.

rgvnos:: {C} achterlating.

rgyre:: {K} ~ tukst: beschuldigen van.

rgyros:: {A} beschuldiging.

rhakfe:: {K} vermaken (bij testament).

rhakfos:: {A} vermaking.

rhap:: {C} bezwaar; eft ~ qu flj: een bezwaar tegen iets; ef qugle ~ luft flj: iets reclameren; ps nert lelperre ef ~s frpj ...: ze hebben geen bezwaar tegen ...; ef chaquinde-mip ef ~s: de bezwaren uiten.

rhapafiy:: {C} bezwaarschrift; .

rhap-kaftos:: {C} (betaling onder protest: men betaalt een belastingaanslag maar tegelijkertijd tekent men bezwaar aan); .

rhap-vendos:: {C} "uitklaring" (vrijstelling v een of meer plichten die een Spok staatsburger heeft (zoals belasting betalen of opkomen bij verkiezingen), maar daarentegen verliest de "uitgeklaarde" ook een of meer rechten zoals op uitkeringen, een paspoort of rijbewijs ed; het zijn dikwijls religieuze of politieke motieven die iemand ertoe bewegen om een gehele of gedeeltelijke "uitklaring" te wensen); .

rhender:: {gst} rhendre.

rhendre:: {K; gst= rhender} smachten naar; vurig verlangen naar.

rhenn:: {VR} waarheen?, waar naar toe?; tu vende ~?: waar ga je heen?; do linne, gress fartt ~: hij vraagt, waar ik naar toe loop; (fig) kirro vents ~ lef tem cradef priytcs?: waar moet dat heen met al die criminaliteit?; waar moet dat naar toe met ....

rije:: {K; gst= rit} overgaan in.

rije-eksm:: (= rije-exm |ks|) {C} (ong) eindexamen (op middelbare school).

rije-exm:: {C} rije-eksm.

rijy:: {C} (fig) overgang (verandering).

rijy-koles:: {C} "overgangsschool" (bijscholing of overbrugging tussen lagere en middelbare school indien de leerling na max 5 jaar lagere school nog een te grote achterstand heeft om door te leren).

rijy-Koles:: {N} (rijy-koles, gezien als Spok onderwijsinstituut); .

rit:: {gst} rije.

riy:: {VR} (bevraagt een vz) waar op/onder/bij/...?; ef mimpit melde ~ ef kelbra?: ligt het boek op/onder/bij/naast/... de tafel? ("waar ligt het boek met betrekking tot de tafel?"; als antwoord wordt een vz genoemd: kaf [ef]: erop); tu vende ~ sener tubs? m eup: ga je met of zonder je vrouw? zonder haar.

riymme:: {F}.

rk:: {C} nek, hals; ef pnze ef ~: een blauwtje lopen.

rk.:: {afk} rlikelek.

RK:: {afk} rlikelek.

K:: (=RK) {afk} rlikelek.

yrkabbiy:: {C} harmonica (muziekinstrument).

rkamr:: {I} jong (niet oud); ~ yss: heel jong; piepjong.

rk-bent:: {C} halsband.

rk:: {I} heilzaam, weldadig.

rk-krutt:: {C/S} liggende vetmuur (plant) (L. Sagina procumbens).

rk-riyn-duva:: {C} Turkse tortel (L. Streptopelia decaocto); ; (DOM 125).

rkte:: {U} (dl= Peg) capuchon of vastgestikte sjaal/sluier over het hoofd trekken ("de nek bedekken", dwz met een deel vd kleding); te; tece.

rlagch::

  1. {G} (rivier van Crona-gebergte naar de Kjoep); .
  2. {N} (Bergparel-B&B in Hupster Ka'en (Crobela)); .

rlagch-mirra:: {W} .

rlanes:: {F}.

rlntafiy:: {C} schets, vlotte tekening.

rlnte:: {K} aanstippen, terloops noemen; schetsen (met enige lijnen tekenen).

rlnt'kurre:: {I} nert ~: niet noemenswaardig.

rlntos:: {C} schets, tekening; lo hupster rlntsta: in grote trekken.

rlas:: {G} (stad in Munt).

rlas-mirra:: {W} .

rlat:: {C} auto[mobiel] (alg); motorrijtuig, motorvoertuig (in juridische zin); .

rlat-clup rifo ef Kindistee Spooksoliy:: {N} (afk= KIS) "Automobielclub van het Koninkrijk Spokani" (zusterclub vd ANWB, maar richt zich uitsluitend op de belangen v automobilisten; hoofdkantoor in Hirdo); ; (DOM 211).

rlater:: {C} autohandelaar (v tweedehands auto's).

rlat-insratjen-roefto rifo ef Kindistee Spooksoliy:: {N} "Verbond van Motorrijtuigverzekeraars van het Koninkrijk Spokani" (voor zaken mbt WA-verzekeringen en de Groene Kaart); .

rlatt:: {C} (eig rs v rlat, maar nieuwe rs-vorm rlatte is mogelijk) autowrak.

rlent:: {G} (stad in Ben).

yrles:: {I} blank (v metaal).

rle:: {G} (eilandje tussen Pmnhynne en Rsterhynne, in de Minde-fonis); ; (DOM 183).

rleka:: {N} (autoveer); .

rlik:: {PX} (px-vorm v rlikk) gelijk, even; rlik-.

rlikekiy:: {I} gelijkluidend (zelfde klank); (= rlik + cek + iy).

rlikelek:: {C} (afk= rk. of RK) gelijkstroom.

rliketiyniy:: {I} gelijksoortig.

rlikfortiy:: {I} regelmatig (tijd).

rlikjakarsiy:: {I} (alg) gelijkmatig, regelmatig; eenparig.

rlikke:: {U} ~ n: gelijk zijn aan; ~lira n (n is vz): gelijk aan.

rlikkiy:: {C} gelijkheid.

rlikk:: {I} gelijk, hetzelfde (n exemplaar met dezelfde eigenschap); ef lejas fes ef salonn melde ~ pip lf main zempers: de gordijnen in de salon zijn al tien jaar hetzelfde (de gordijnen zien er nog net zo uit: zijn niet verkleurd); groft jt tinde ~: zijn smaak blijft hetzelfde (verandert niet); fraji; monta; alt.

rlikobiyre:: {K} ~ armt: gelijkstellen aan; (= rlik + obiyre).

rlikvobaroser:: {A; mv=enk} gelijkvormigheid.

rlikvobaroser rifo tiynelders ur rijeers:: {N} (tijdschriftartikel); .

rlikvobarosiy:: {I} gelijkvormig.

rlikvrkiy:: {I} evenzeer.

rlikwysiy:: {I} analoog (volgens identieke lijnen).

rlikjaiy:: {I} gelijkmatig, regelmatig (v oppervlak).

rlikzerfeser:: {A; mv=enk} gelijktijdigheid.

rlikzerfesiy:: {I} ~ [lf]: gelijktijdig [met].

rliriy:: {C} vinger; luft ~s rifo (vz-uitdr): (fig) aan de hand van; do lelperre sers ~s armt jadk hent: hij is erg handig/creatief; ef tarrzjere lef grpjor ~s: lachen als een boer die kiespijn heeft.

rliriy-flyddere:: {C} (vlinder: L. Lampides boeticus).

rliriy-fojeldriy:: {I} beduimeld.

rliriy-knuf:: {C} vingerkom.

rliriy-ponto:: {C} vingertop.

rlf-teatriy:: {N} (theatergroep met eigen gebouw in Hirdo); .

rloniy:: {F}.

rmagyr:: {G} (zijriviertje vd Firani); .

rmagyr-helmy:: {G} (grot; gemeenten Mozent en ut); .

rmanne:: {Kid} nakomen||verzaken (plicht ed); do ~ sener duet ort ef: hij komt zijn plicht na; do ~ sener duet qu ef: hij verzaakt zijn plicht.

rmannos:: {C} operatie, onderneming (NIET militair of medisch).

rmasz:: {F}.

rme:: {U} sidderen.

rmeenn-plep:: {W} .

Yrmeevriy-pt:: {W} .

Yrmeevriy-pnt:: {N} (grote brug in de hoofdweg tussen Taru en Tura, over de Krappa); .

Yrmeevriy-pnt-weg:: {W} .

rmef:: {C} bordes.

rmentos:: {III} op dt moment; folarra ~: op welk moment dan ook; elk [willekeurig] ogenblik; do arfine folarra ~: hij kan elk ogenblik komen; serten ~: op een bepaald/zeker/gegeven ogenblik.

rmetare:: {U} zich orinteren (v standpunt); matere.

rmete:: {E} vreemde ideen hebben; een rare kijk op de dingen hebben.

rmetiyn:: {SC} standpunt; denkbeeld; mean hift ~s: vanuit hun standpunt [gezien].

yrmvriy:: {C} galg, strop; (sprkw) Petriy menkerate zlf ef ~: de kogel is door de kerk.

rmiy:: {F/J/M}.

rmlesende:: {K} afstoten; afkeer inboezemen.

rmlesendelira:: {I} afstotelijk.

rmlesendos:: {A} afstoting.

rmhee:: {F}.

rmoie:: {K; gst= rmoit; vdw= rmt} schijnen te zijn; er wordt beweerd dat ...; Lerdu ~ eft miljonarr: Lerdu schijnt miljonair te zijn; men zegt dat Lerdu miljonair is; Lerdu rmoitavy eft miljonarr: Lerdu wil dat men denkt dat hij miljonair is; ef stors ~ truf: het verhaal schijnt waar [te zijn] (toevoeging v lo is incorrecte spr: ef stors ~ lo truf); eft rmt miljonarr: iemand van wie men altijd beweerde dat hij miljonair was; een vermeende miljonair (en dat blijkt nu niet zo te zijn).

rmoit:: {gst} rmoie.

rmoiy:: {I} schijnbaar, ogenschijnlijk.

rmola-ef-Kles-Kents:: {G} (Erg commune; gemeente Quober); .

rmola-lemns:: {N} (grafheuvel; gemeente Quober); .

rmola-weg:: {W} .

rmos:: {C} gesidder, siddering.

rmt:: {vdw} rmoie.

rmqur:: {S} (pop) rattenkruit; rmyj-qurredla.

rmunke:: {K} ~ fara: uitmaken voor.

rmyj:: {C} rat (L. Rattus); doffiy ~: zwarte rat (L. R- rattus); miterus ~: bruine rat (L. R- norvegicus).

rmyj-qurredla:: {S} rattenkruit, rattengif.

rnajec:: {G} (stad in Neno).

rn:: {C}

  1. middel, taille.
  2. norm; standaard.

rne:: {K} normaliseren.

rn-fort:: {C} (lett: standaardtijd) wintertijd (tijd waarbij het in de winter 1 uur vroeger is dan in de zomer; in Spok bestaat geen "zomertijd", daarom heet "wintertijd" hier "standaardtijd"); .

rnfte:: {K} uitwisselen.

rnftos:: {C} uitwisseling.

rn-kette:: {K} standaardiseren (een norm geven).

rnos:: {A} normalisatie, normalisering.

rnst:: {I} normatief.

yrnula:: {C} nijverheid.

Yrnula-klemk:: {N} (klemk; gemeente Meen); .

Yrnula-weg:: {W} .

r:: {III} juist, net.

rooe:: {G} (riviertje van Krappa-gebergte naar Manta-straat); ; (DOM 137).

roeta-mirra:: {W} .

rofe:: {K} walsen (pletten met wals).

roff:: {C} wals (om iets te pletten); walserij (v metaal).

roffs:: {C} walserij (v metaal).

rofly:: {N} (herberg; gemeente Klaeu); .

rofly-ses:: {G} (meer aan de monding vd Klinnr, district Ales); .

rofnolac:: {C} wals (voertuig om [asfalt] te pletten).

roiyve:: {K} ~ flj n rst: iemand iets vergeven.

roiyvos:: {A} vergiffenis, pardon.

yrja:: {I} onvermengd; onvervalst.

rojel:: {C} schaaf.

rojel-weg:: {W} .

rm:: {C} arbeid, werk; ~s (mv): werkzaamheden; ef melde/vende lef ~: aan het werk zijn/gaan; kaf ef ~: op mijn/jouw/zijn/... werk; do melde helkara sener ~: hij is naar zijn werk.

rme:: {U} werken; ~ tyr: doorwerken (verder werken).

rme-crtiyr:: {C} werkkracht, werknemer.

rme-grup:: {C} werkgroep.

rme-mittus:: {C; mv= ..-omittus} werkkamer (in huis, op universiteit ed: bestemd voor slechts een paar personen).

rmer:: {C} arbeider, werkman.

rme-ral:: {U} meewerken.

rmeren:: {C} werkgelegenheid.

rme-tjel:: {C} werkstraf, taakstraf.

rme-vrk:: {SC} werkwijze.

rme-wlka:: {C} werkweek.

rm-gvrce-mipzlbinasos:: {C} (afk= GM |gem|) werkloosheidsuitkering (gekoppeld aan de verplichting om werk te zoeken); do melde lef eft GM: hij heeft een uitkering; hij zit in de WW.

rm-lu'ettos:: {A} arbeidscontract.

rm-mirra:: {W} .

rm-ofiss:: {N} "Arbeidsbureau" (regelt werkgelegenheid, cao's, naleving v wetten ed; hoofdkantoor in Blumarr); .

rmos:: {C} werking.

rmos-ral:: {C} medewerking; lef ~ rifo (vz-uitdr): met medewerking van.

rm-posiblatiy-lacs:: {N} (afk= PL) "Werkmogelijkhedenwet" (Spok wet); .

rm-reglie:: {mv} rm-regliss.

rm-regliss:: {C; mv= ..-reglie} arbeidsvoorwaarde.

rm-tiyn:: {C} werkstuk.

rmtof:: {C} werkdag.

rm-trte:: {U} met tegenzin werken.

rm-weg:: {W} .

rmrfshc:: {C} arbeidsproductiviteit.

rmrtira:: {C} werktuig, [stuk] gereedschap.

rmrtira-oftian:: {W} (stadswijk in Amahagge); .

rniyk:: {C} rantsoen.

rniyke:: {K} op rantsoen zetten.

yroppe:: {U} (fig) spannen.

yroppiy:: {I} spannend.

yroppos:: {A} (fig) spanning.

yrqule:: {K} gewaarworden; ontwaren.

yrqulos:: {A} gewaarwording; ontwaring.

rost:: {C; mv= rste} long (om te ademen).

rste:: {mv} rost.

rost-krutt:: {C/S} presr ~: breed longkruid (L. Pulmonaria officinalis).

rovviqummert:: {I} onvolmaakt.

rovviqummertiy:: {A; mv=enk} onvolmaaktheid.

rovvite:: {U} te kort schieten.

rovvitos:: {A} het te kort schieten; tekortkoming[en].

rowytte:: {G} (dorp; gemeente Polefi-Jarilo).

roze:: {K} samenvatten.

rozos:: {C} samenvatting, het samenvatten.

rozze:: {F}.

rozzerme:: {E} voorrecht[en] genieten.

rozzermos:: {A} voorrecht, privilege.

rpaaf:: {C} schild (wapentuig); scherm, paneel (vooral in samenstellingen).

rpafa:: {F}.

rph:: {III} tenminste, althans.

rpenyndre:: {F}.

rp'as:: {C} krot[woning].

rpte:: {K} voltooien.

rpte-xstich:: {I} onverrichter zake, zonder succes.

rptos:: {A} voltooiing.

rpsleky:: {F}.

rpune:: {K} ontkomen aan; ontgaan; uit de weg gaan; svm.

rpunos:: {C} ontkoming.

rqubre:: {E; gst= rqupp} dode bomen/dood struikgewas rooien of opruimen (GEEN levende bomen/struiken).

rqupp:: {gst} rqubre.

/rr:: {afk} rslompe-arr.

rra:: {C} tak; ef munke armt ef ~: (pop) op de bon slingeren, een boete geven; (sprkw) do zerfe ef ~s, tre ef moftosz: hij heeft de klok horen luiden, maar weet niet waar de klepel hangt.

rraer:: {A; mv=enk} verwantschap.

rrgt:: {I} onsmakelijk.

rraiy:: {I} verwant; tar ~: nauw verwant; ef melde ~ n (n is vz): verwant zijn met.

rralo:: {C} salaris.

rrngare:: {K} (trans) opjagen, voortjagen.

rrnge:: {U} (intrans) voortjagen.

rrngos:: {C} voortjaging, het voortjagen.

rra-plep:: {W} .

rraptos:: lelperre eft ~ lef: zich aangetrokken voelen tot.

rra-srt:: {C} filiaal, bijkantoor.

rrate:: {U} vertakken.

rratos:: {C} vertakking.

rra-zlfer:: {C/S} wilde kamperfoelie (L. Lonicera periclymenum).

r-ree:: {rs} reu.

r-reu:: {C} reu.

rrifiy:: {C} voorbode.

r-rue:: {U} rue.

rrul:: {I} liefdadig.

rruliy:: {A; mv=enk} liefdadigheid.

r-ruos:: {C} ruos.

r-rynde:: {C} rynde.

rs:: {I} lollig, grappig; ef melde ~ kaf ef: dat komt ervan; dat is je eigen schuld.

rS:: {afk} (= rftor Stabos); stabos.

rs.:: {afk} rslfer.

rsa.:: {afk} rslfera.

rsa'ecc:: {I} talloos.

rar:: {C; mv= ~a} hoed; frondo ~: bolhoed.

rara:: {mv} rar.

rariy:: {F}.

rarlot:: {C} hoedendoos.

rar-riffent:: {C} hoedenmaker; -riffent.

rar-riffent-terf:: {W} .

rar-slmer:: {C} zwartkop (zangvogel) (L. Sylvia atricapilla).

rar-srt:: {C} hoedenplank, hoedenrek.

rar-terf:: {W} .

rar-tull:: {C} voile.

rett:: {I} stram.

rsflage:: {K} [be]merken.

rslf:: {C} graafschap.

rslfer:: {C} graaf.

rslfer:: {N} (afk= rs.) ~ X-Y: Hooggeboren Heer X-Y (aanspreektitel graaf; als adellijke titel); rslfer.

rslfera:: {C; mv= rslfer} gravin.

rslfera:: {N} (afk= rsa.) ~ X-Y: Hooggeboren Vrouwe X-Y (aanspreektitel gravin; als adellijke titel); rslfera.

rslfer-mirra:: {W} .

rslompe:: {U}

  1. ondergaan (zon).
  2. ~ piti: (fig) wijken voor; toegeven aan.

rslompe-arr:: {C} (afk= /rr) laatste kwartier (maan).

rslompos::

  1. {C} [zons]ondergang.
  2. {A} toegeving, het toegeven; het wijken.

rslompos-pt:: {W} .

yrsmr:: {C} laag (zn).

yrsmriy:: {I} edel, hoog[staand]; van niveau; van beter gehalte.

rst:: {G} (stad in Ziyp); (DOM 173).

rstipp:: {C} spin (insect).

rstipp-mirra:: {W} .

rsto'ecc:: {C} decreet, besluit.

yrt:: {I} zoals altijd.

rtn::

  1. {Aef} drukte.
  2. {I} druk, veel te doen.

rtness:: {C; mv= rtnester} kabinet (regering); (in Spok: alle ministeries samen); ef Nestafie-~: het kabinet-Nestafie (genoemd naar premier Nestafie); .

rtness-lu'ettos:: {A} regeerakkoord ([globale] afspraken die aankomende ministers bij de kabinetsformatie met elkaar maken over het te voeren beleid).

rtnester:: {mv} rtness.

rtan:: {G} (stad in Tjemp).

rtare:: {K} ~ rst furt flj: iemand iets aanrekenen.

rtazo:: {G}

  1. (stad in Jelafo).
  2. (vlakte rondom de Firani-delta).

rtazo-kanol:: {G} (kanaal tussen plaats rtazo en rivier Firani); .

rterpe:: {U} (arch) scheiden van elkaar (alln wederkerig); ef perdr quista frints rterps wlkn: de twee goede vrienden moeten van elkaar scheiden.

rtiy-vender:: {N} (wegsrt langs autoweg M1; gemeente Lassos); .

rtlle::

  1. {F}.
  2. {N} (Erg sekte, onder leiding v Uteer Chafe); .

rtlle-lirrotiy:: {W} .

rtlle-mirra:: {W} .

rtrjmpe:: |..trmpe| {K} wegsturen.

rtrnige:: {U} verteren.

rtrnigos:: {C} vertering.

rts::

  1. {Aef} valsheid (onechtheid).
  2. {I} vals (onecht; gemeen); ~ smurf: vals geld.

rts armt ef Krur:: {G} (dorp; gemeente Plef).

rtsare:: {K} ontstemmen (muziekinstrument vals maken).

rtser:: {C} valsheid, het ontstemd zijn (toon, muziekinstrument).

rtsiy:: {I} vals, ontstemd (toon, muziekinstrument).

rtuhaj:: |rtuha| {F}.

rtuhaj Opjevuter:: |rtuha| {F}.

Rtuhaj:: {F} rtuhaj.

tuhaj:: {F} rtuhaj.

rtr:: {C; mv= ~uba} inhoud; volume (ook hoeveelheid ve bepaald product).

rtyrhe:: {K; gst= rtyrt} bijstand verlenen aan; toelichten.

rtyrhos:: {A} toelichting; eft ~ kaf flj: een toelichting op iets.

rtyrt:: {gst} rtyrhe.

rtre:: {K} inhouden, als inhoud hebben.

rtruba:: {mv} rtr.

ry:: {C} (alg) tekenhaak; schietlood; (ihb) richtlijn (lett: mbt grond- en metselwerk; fig: aanwijzing v te volgen gedrag).

rue:: (r-rue) {U} kreunen.

rufy:: {G} (dorp; gemeente Tanbr).

rufy-ef-rcel:: {G} (dorp; gemeente Tanbr).

rulliy:: {C} stuiptrekking.

yruna:: {C} kort briefje; memo (kennisgeving).

yrune:: {K} kennis geven.

yrunos:: {C} kennisgeving, het kennis geven.

ruos:: (r-ruos) {C} gekreun.

ra:: {C} samenstelling (v voedingsmiddel, gewas); smaak (door een bepaalde samenstelling bepaald); stof (voor een boek, lezing ed).

rare:: {K} verzadigen (v oplossing).

raros:: {C} verzadiging (v oplossing).

ra-trijos:: {N} "Voedselkeuring" (voormalige keuringsdienst voor voedsel; in Amahagge); .

re:: {K} aftekenen, paraferen, ondertekenen; als echt verklaren.

ros:: {C} ondertekening, parafering.

rssiy:: {I} verzadigd (v oplossing); eft ~ sucro-moqubutos: een verzadigde suikeroplossing.

rxl:: {C} eunuch, gecastreerde man.

rxmp:: {C} hermelijn (L. Mustela erminea).

rxmp-flyddere:: {C} hupster ~: grote hermelijnvlinder (L. Cerura vinula); belt ~: (vlinder: L. Harpyia bifida).

ry:: {C/S} kool (groente).

yryff:: {C} elf, fee (boze geest, vrnl mythologisch); elf.

Yryff-knurfel:: {G} (riviertje van Krappa-gebergte naar de Opper-Krappa); .

Yryff-ruinn:: {N} (kasteelrune; gemeente Nustiy); .

ry-flyddere:: {C} groot koolwitje (L. Pieris brassicae).

ry-lardelira:: {I} burgerlijk, bekrompen (vgl "spruitjeslucht").

rylare:: {K} ressorteren onder; [toe]behoren aan; ef zeces Kverdehille ~ ef zomar Amahagge: het dorp Kverdehille valt onder de gemeente Amahagge.

ryle:: {K} behoren bij/tot.

ryliy::

  1. {I} bijbehorend.
  2. {VZ} annex; met bijbehorend[e].

rylos:: {C} het bijbehoren, het horen bij.

rynde:: (r-rynde) {C} onderbeen.

rze:: {I} barbaars, onmenselijk.

rzet:: {C} barbaar.

rzeta:: {SC} barbaarsheid; barbaarse daad.

rzjdele:: {K} afdelen, in afdelingen onderverdelen.

rzjdelos:: {C} afdeling, het afdelen; [trein]coup.

rzjiy:: {C} afdeling (v kantoor, ziekenhuis ed).

rzjx-mjl:: {N} (molen in gemeente Fexa); .

rzolaj-mirra:: {W} .

rzos:: {I} geprikkeld (door nieuwsgierigheid, ijver, interesse ed).

rzozare:: {K} verwelkomen.

rzoze:: {K} (lett) optillen; (fig) aansteken (na laten doen); ~ helkara: aansporen tot; oproepen tot.

rzozelira:: {I} aanstekelijk.

rzozos:: {A} aansporing.

ys:: (= ys-) {PXimpr} ijs, pool; ys-; ys-..; Ys-.

ys-:: {PX} ys.

s.:: {afk} (= se-grse); se.

p-plep:: {W} .

se:: |ze| {K} vergelijken; ~-grse (afk= s.): vergelijk (vgl.); ~ A n B (n is dt/vz): A met B vergelijken.

siy:: |ziy| {I} betrekkelijk (niet-volstrekt).

sos:: |zos| {A} vergelijking.

yen:: {S} ijzel.

Yen:: {N} (naam v steenkolenmijn; gemeente Tulnn); .

Yseng:: {J}.

ser:: {F}.

Yseren:: {F}.

Yservildul:: {G} (dorp; gemeente Eon, district Bloi).

Yservildul-belt:: {G} (dorp; gemeente Eon, district Bloi).

yiqur:: {C} grond, bodem (laag vd aardkorst die aan de oppervlakte ligt); do 2 hektojaks ~ lorerde: hij heeft 2 hectare grond gekocht; eft drsiy ~: een drassige bodem/grond; ef mles delperrere sener tults fes ef pazzosti, ur ef mule-tnrs melde ylepe kaf ef ~: de mollen graven hun gangen in de grond/bodem, en de molshopen liggen op grond verspreid; (in oudere teksten worden yiqur en pazzosti wel door elkaar gebruikt).

Ysjeg:: {J} (Gar).

Yslanda:: {Cef} IJslandse vrouw.

yslandes:: {IIef} IJslands (bv).

Yslandes:: {G} IJsland.

Yslandes-mirra:: {W} .

Yslandes-nesnep:: {C} Noordse stormvogel (L. Fulmarus glacialis).

Yslandes-port:: {N} (een vd havens v Amahagge); .

Yslando:: {Cef} IJslander.

yslant:: {C} IJslands (taal).

slapos-mip:: {U} slape-mip.

yslnt:: (= ys-lnt) {C} poolcirkel.

ys-lnt:: {C} yslnt.

ysnurp:: {C} pool (noord- of zuidpool).

ysnurptat:: {C} noorderlicht.

ysp:: {I} dronken.

yspatjen:: {C} dronkaard.

yspare:: {U} dronken worden, zich bezatten.

yspe:: {E} dronken zijn.

yss:: {!} kom!, kom hier!; ga dan!, ga weg! (aansporing om te komen of te gaan); ovap ~ dus!: ga eens opzij!.

ys-star:: {C} poolster.

stgos:: {A} voorstelling (theater).

str:: {F/J}.

yste:: {E} bitter smaken.

yste-rska-missis:: {C; mv= ~a} gewone zwavelkop (giftige paddenstoel) (L. Hypholoma fasciculare).

yste-rska-missisa:: {mv} yste-rska-missis.

stpiy:: {C} halte, stopplaats (bus, tram).

stpos:: {C} stop, het stoppen.

strjff:: |stff| {gst} strjfje.

strjfje:: |stfje| {K; gst= strjff} ~ n: (fig) verlenen, geven, schenken (toegang, hulp, vrijheid ed); bieden (de mogelijkheid geven): dena qummertaros ~ eft kiyp arfinvelkiy n miptrempers: deze opleiding biedt een solide toekomst voor afgestudeerden; ef kurre beri ~ flj: iets te bieden hebben.

strjfjos:: |stfjos| {A} (fig) verlening, schenking (toegang, hulp, vrijheid ed).

yt:: {afk} yart.

t::

  1. {C} (alg) trema, umlaut; (mbt Spok: het diakritische teken op , en vroeger ook op in de combinaties ee (nu e), e (nu ee), o (nu oe); tegenwoordig nog in eigennamen omdat daarin de ee en oe NIET vervangen zijn door resp. ; vgl zer-pntel en Zeer-poentel = Zeemanskroeg, als naam ve kroeg); yflo-t.
  2. {I} laatst, onlangs; hojelka tu enn do mte ~?: wanneer heb je hem voor het laatst ontmoet?; (in bevestigende zinnen met aoristus op -o) gress lorerdo ~ eft elektrise yntcln: ik heb onlangs een elektrische tandenborstel gekocht.
  3. {gst} je.

t:: {J}.

t:: {SX.gst} (modaal sx bij mv zinskern) mogen, toestemming hebben om; (bij ontkenning ook) moeten; (bijv) kirro nert arfint: we mogen niet komen; tu nert wempt lo k: jullie moeten niet zo zeuren; og.

ytf:: {C; mv= ytefe of regelm.} knoest; eft ~ melde kaf ef krte-lnt: er zit een kink in de kabel.

ytane:: {K} (arch/poe) in orde maken; lytane.

yte:: {K} rekening houden met.

ytefe:: {mv} ytf.

ytende:: {E} ~ beri/den: van plan zijn; do ~ beri rinne pert smurf: hij is van plan om veel geld te verdienen; ~ meldelira (afk= y/m): teneinde; do rme, ~ meldelira rinne pert smurf: hij werkt, teneinde veel geld te verdienen; (ytende meldelira kan door -n-vorm gevolgd worden, is ouderwets): ~ meldelira chaquinde/chaquinten do: teneinde hem te spreken.

yterrt:: {vdw} ytterare.

tiffos:: {A} het weten, wetenschap.

-tin:: {SX} vermogen, lust; (bijv) larde-tin: eetlust; dres-tin: draagvermogen; (dikwijls gelexicaliseerd) mybbe-tin: gevoelswaarde; (zie desbetreffende lemma's).

tins:: {C} [draag]baar (zn), brancard.

tinatjen:: {C} drager (iemand die beroepshalve dingen draagt).

tinatt:: {I} draagbaar (bv), te dragen.

tine:: {K} dragen (ook v officile kleding, uniform); ef bre goe grist kerlys ~: de monniken droegen een grijze pij.

tinelira:: {I} zwanger.

tiner:: {C} (persoon) kruier; (in muziek) refrein.

tinista:: {C} druipsteengrot.

tinos:: {C} het dragen.

ytiyf:: {C} tas.

tolcrs::

  1. {Aef} (plotselinge gebeurtenis, snelle verandering in het donker waarbij het ineens licht wordt); (bijv) eft gaza-~: een nachtelijke gasexplosie; ef kbo-~: het plotseling doorbreken van de zon door een zwaar wolkendek.
  2. {I} (onverwacht in het donker plaatsvindend, waarbij het plotseling licht wordt; onverwacht uit het donker opdoemend); (bijv) ef kafbyters arfine ~ ur knte ef benc-yrgt: de overvallers springen uit het donker te voorschijn en slaan de bankloper neer; ef treno ufiro cupp ef ~ plkom: de trein reed plotseling/snel de donkere tunnel uit; ef kbo nle ~: de zon schijnt telkens met kracht tussen de donkere wolkenpartijen door.

ytra:: {I} (fig) neerbuigend, minachtend.

Ytrcc:: {F}.

ytraiy:: {I} op iedereen neerkijkend; zichzelf superieur voelend.

trejanafiy:: {C} stamboek (v vee).

trejaniy:: {C} stamboom.

trempe:: {K} achterhalen (ontdekken); kirro tremps ef kettosz/identitiy: we moeten de gegevens/identiteit achterhalen.

tro:: {C; mv= tre; rsmv= ~tt} lip.

tre:: {mv} tro.

troer:: {C} lipvis (L. Labrus).

tro-krutt:: {C/S} valse salie (L. Teucrium scorodonia).

trott:: {rsmv} tro.

ytsta:: {C; mv= ~s} gouvernante.

ytsto:: {C} gouverneur.

ytstostenlen:: {C} gemeentebestuur (in Spok: bestuur ve zomar ("gemeente")).

ytter:: {S} teer, pek; (= y + tr).

ytterare:: {K; vdw= yterrt} teniet doen, verijdelen.

yttere:: {K}

  1. vergooien (v carrire ed).
  2. teren, met teer insmeren.

ytter-finstra:: {I} pikdonker.

ytter-finstro:: {C} pikdonker; fes ~: in het pikkedonker.

ytterhydra:: {S} naftaline.

ytygtjae:: {K} tegen zijn (contra).

yubere:: {K} bezeten zijn van.

yuff:: |wuff| {gst} yuvre.

umpaje:: {U; gst= umpat} uitsluitsel geven.

umpajos:: {A} uitsluitsel.

umpat:: {gst} umpaje.

yuver:: {I} zuiver.

yuvre:: {K; gst= yuff} zuiveren, zuiver maken.

yuvros:: {C} zuivering.

yvall:: {C} dotterbloem (L. Caltha palustris).

vna:: {C} wesp (L. Vespula).

vna:: {N} (herberg in Sinto-Manta (LA)); .

vna-srt:: {W} (buurtschap); .

Yve:: {J}.

Yves:: {J}.

Yvett:: {M} Yvette.

Yviyx:: {J/M}.

Yvonn:: {M} Yvonne.

yvp:: {C} linde[nboom] (L. Tilia).

Yvp-lemns:: {N} "Lindenheuvel" (een vd 7 Koninklijke Grafheuvels op het landgoed Ef Sinto Aa); .

Yvp-mirra:: {W} .

Yvp-plep:: {W} .

Yvura:: {J}.

Ywast:: {F}.

x:: |ks| {mv} cs.

yst:: {I} wrang (bitter).

ystiy:: {A; mv=enk} bitterheid, bittere smaak.

ystos:: {S} kroos (L. Lemna).

zm:: {I} inwendig, oorspronkelijk, intrinsiek.

zmbaso:: {C} beweegreden, drijfveer, motief.

zmstjece:: |..stjece/..stece| {K} aanvangen met.

zmstjeche:: |..steche| {III} aanvankelijk.

yze:: {I} voor niets, gratis.

zebbe:: {C} hobby, liefhebberij.

zebber:: {C} liefhebber.

zerfos:: {C} aanmerking; ef vende kaf ef ~: in aanmerking komen; gress arfine mas fes vilt ~: ik kom je morgen opzoeken.

zja:: {Iid} hoog||laag; graviy ~: hoog; plariy ~: laag; (veel poe omschrijvingen met betrekking tot natuur) ef ~ jakms fes ef btmo: de lage velden; kura ef ~ oras granses fes agru: over de hoogste bergen; ef knurfel armttrne ~ ykelp: het water sprong hoog op; ki ef ~ srt, t gmiye plitos: de hoge stad (stad die zo hoog ligt dat deze bij hoge waterstand niet onderstroomt); kaf ~ rifo ...: op een hoogte van ...; ef srt loctee kaf ~ rifo 400m: de stad ligt op een hoogte van 400 m.

zjale:: {U; vdw= p~} (alg) optreden; handelen; eup ~ fara knfiyera yargeloh ...: ze geniet bekendheid als ....

zjalelira:: {I} bijkomstig, erbijkomend.

zjalos:: {C} (alg) optreden (zn).

yzlt:: {C} sage, heldendicht (typisch Spok/Peg).

Yzlt-plep:: {W} .

Yzo:: {G} (stad in Ren).

zolufo:: {F}.

zolufo-mirra:: {W} .

zuille:: {G} (dorp; gemeente Qua).

Yzzergrem:: {F}.

 

© (2000) De Twee Hanen v.o.f. Kimswerd The Netherlands

DICTIO